Waarom Newt Gingrich gelijk heeft

Er bestaat in Duitsland een ongeschreven wet, volgens welke geen enkel artikel over het Nabije Oosten zou moeten verschijnen, waarin geen rekening wordt gehouden met de zogenaamde gemoedstoestand “van de Palestijnen” (wat immers nooit iets anders kan zijn dan alleen maar speculatie en onzinnige generalisatie). Ze zijn altijd “gefrustreerd”, “teleurgesteld”, ze worden geplaagd door “angsten” en “twijfels”. Hun “vertrouwen” in “Europa”, de VS, “het Westen” en al “die hoop”, die ze zogenaamd op het “vredesproces” zetten, zouden dringend gerepareerd moeten worden, wordt er steeds gezegd. Interessant genoeg wordt zoiets nooit van Israëli´s gezegd. Hebben die geen hoop, angsten en twijfels? Nu zijn de Palestijnen weer opnieuw “ontsteld”, zoals alle kranten gelijkluidend melden. Waarom? Omdat Newt Gingrich, die zijn best doet om de kandidaat van de Republikeinen voor het presidentschap te worden, de Palestijnen een “verzonnen volk” heeft genoemd. Ze zouden in werkelijkheid Arabieren zijn, aldus Gingrich, “en een historisch deel van de Arabische gemeenschap”.

Wat is er fout aan deze uitspraak? Niets – behalve, dat er door deze uitspraak een algemeen verbreide geloofsbekentenis ter discussie wordt gesteld. Dan is het niet verwonderlijk, dat in de anti-Gingrich artikelen en commentaren geen tegenargumenten naar voren werden gebracht, maar – afgezien van berichten over de zogenaamde “ontsteltenis” in Gaza en Ramallah – maar vooral Ad hominem-aanvallen (in slechts twee artikelen over de uitlatingen van Gingrich noemde de “Süddeutsche Zeitung” in totaal driemaal een “bullebak”).

Laten we ons bezighouden met de weinigen, die proberen (of doen alsof) zich bezig te houden met de feiten. Bijvoorbeeld George S. Hishmeh, een columnist van de Engeltalige Arabische internetpublicatie “Gulf News”, die een Egyptische professor kent, die zich “herinnert”, dat een “bekende historische publicatie” de stichting van Palestina ooit in het jaar 3000 of 2500 voor christus gedateerd zou hebben. Wie durfde dat tegen te spreken? Op weerklank bij een liberaal publiek speculeert blijkbaar een op dezelfde website verschenen bijdrage, waarin wordt gezegd, dat alle naties verzonnen zouden zijn, de Amerikaanse ook. De tegenstelling tussen beide argumenten zouden niet groter kunnen zijn: In het ene geval wordt de lat voor de legitimering van nationale inspanningen extreem hoog gelegd (een paar duizend jaar geschiedenis zou men toch minstens moeten kunnen aantonen), in het andere geval extreem laag (het maakt toch allemaal niets uit). De pleitbezorgers van het “Palestijnse volk” zouden een keer een van de beide standpunten moeten kiezen. Willen ze pragmatisch zijn, afzien van zogenaamde tradities en ander nationalistisch gedoe? Dan zou het Midden-Oostenconflict morgen al d.m.v. onderhandelingen beëindigd kunnen worden.

Of houden ze vast aan hun bloed-en-bodem argumentatie inclusief de duizenden jaren oude geschiedenis van het “Palestijnse volk” en de exclusieve reclamatie van heel Palestina voor de Arabieren? In dit geval moeten ze ermee leven, dat andere mensen hun valse argumenten onder de loep nemen en ze tegenspreken. Newt Gingrich heeft dat nu prominent gedaan en staat niet alleen met zijn mening. “Palestina is een geografisch gebied, geen nationaliteit”, zei ook de in New York wonende wetenschapper, ondernemer en publicist Eli E. Hertz. Stefan Frank heeft voor het eerst, met toestemming van de auteur, een informatief gedeelte uit zijn in januari 2009 op zijn website Myths and Facts gepubliceerde essay “Palestinians” vertaald.

Door Eli E. Hertz:

De Arabieren bedachten in de jaren-60 een bijzondere nationale identiteit genaamd Palestijnen, alleen omwille van het politieke voordeel. Ze brandmerkten Israëli´s als invallers en beweerden, dat het Palestina genoemde geografische gebied exclusief van de Arabieren zou zijn. Terwijl het woord “Palestina” zelfs niet eens een Arabisch woord is. Het is veelmeer een woord, dat omstreeks het jaar 135 na Christus door de Romeinen werd bedacht, in navolging van een zeevarend Egeïsch volk, dat in de klassieke Oudheid gevestigd was aan de kust van Kanaän – de Filistijnen. Het woord werd gekozen om de naam Judea te vervangen, als teken daarvoor, dat de joodse soevereiniteit in het kader van de joodse opstanden tegen Rome werd vernietigd.

In de loop van de tijd werd de Latijnse naam Philistia Palistina of Palestina verbasterd. Gedurende de daarop volgende 2000 jaar was Palestina nooit een onafhankelijke staat, die van een of ander volk geweest zou zijn, en ook dook er tijdens de 1300-jarige islamitische hegemonie onder Arabische en Ottomaanse heerschappij in Palestina geen Palestijns volk op, dat zich zou hebben onderscheiden van andere Arabieren.

Palestina was en is uitsluitend een geografische naam. Daarom is het niet verwonderlijk, dat het woord “Palestijnen” in de Nieuwe Tijd gebruikt werd als benaming voor alle inwoners – zowel joodse als Arabische – van het gebied tussen de Middellandse Zee en de Jordaan. In werkelijkheid gaven de meeste Arabieren in Palestina van voor de jaren-60 er de voorkeur aan om zich slechts als deel van de grote Arabische natie of als burgers van “Zuid-Syrië” te zien.

Van het begrip “Palestijnen” maakten de Arabieren zich meester in de jaren-60; het was een door Yassir Arafat geïnitieerde tactiek om de joden te brandmerken als binnendringers in andermans tuin. Arafat stelde de Arabische bewoners van Israël, van de Gazastrook en van de Westelijke Jordaanoever voor als autochtone inwoners sinds oertijden. Deze verzonnen nationaliteit maakte het voor de Palestijnse Arabieren mogelijk als een natie, die een onafhankelijke staat zou verdienen, gelijkwaardigheid aan de Joden te verkrijgen.

In een interview, dat Zahir Musein, een lid van het uitvoerende comité van de PLO, in maar 1977 aan de Nederlandse krant Trouw gaf, gaf hij toe: “Alleen uit politieke en tactische redenen spreken we tegenwoordig van het bestaan van een Palestijns volk – omdat het Arabische belang het vereist, dat we het bestaan van een te onderscheiden Palestijns volk als gegeven beschouwen, om dit tegenover het zionisme te plaatsen.”

Ontelbare documenten uit de tijd van het Britse mandaat spreken van “de Joden” en “de Arabieren” van Palestina – voordat de plaatselijke Joden in 1948 begonnen zichzelf “Israëli´s” te noemen (de naam “Israël” werd destijds voor de nieuw gecreëerde joodse staat gekozen) – bijna uitsluitend m.b.t. Joden en de door joodse immigranten in de vroege 20e eeuw voor de onafhankelijkheid geschapen instellingen gebruikt.

Enkele voorbeelden:

  • De in 1932 opgerichte Jerusalem Post noemde zichzelf tot 1948 Palestine post.
  • De bank Leumi L´Israel noemde zichzelf Anglo-Palestine Bank.
  • De Jewish Agency – een arm van de zionistische beweging, die zich sinds 1929 inspande voor de joodse kolonisatie – noemde zichzelf Jewish Agency for Palestine.
  • De krant van het Amerikaanse zionisme in de jaren-30 heette New Palestine.
  • Het huidige Israëlische Filharmonische orkest, in 1936 opgericht door Duitse Joden die uit nazi-Duitsland waren gevlucht, noemde zichzelf Palestine Symphony Orchestra. […]

Aangemoedigd door hun succes bij het historische revisionisme en bij de hersenspoeling van de wereld met de “grote leugen” van het bestaan van een Palestijns volk, zijn de Palestijnse Arabieren er de laatste tijd mee begonnen te vertellen, dat zij nakomelingen van de Filistijnen zouden zijn en zelfs van de Kaänieten uit de Steentijd. Op grond van deze mythe kunnen ze beweren, dat ze tweemaal het slachtoffer zouden zijn geworden van de Joden: eerst van de Israëlieten bij de verovering van Kanaän, daarna van de Israëli´s in de nieuwe Tijd – een absoluut sprookje. Volgens archeologen waren de Filistijnen een Middellandse Zeevolk, dat zich omstreeks het jaar 1100 voor Christus langs de kust van Kanaän vestigde. Het had geen contacten tot de Arabische natie, een woestijnvolk, dat afkomstig is van het Arabische schiereiland.

En alsof dit sprookje nog niet genoeg zou zijn, beweerde Arafat, dat de Palestijnse Arabieren “nakomelingen van de Jebusieten” zouden zijn, die verdreven zouden zijn toen koning David Jeruzalem veroverde. Arafat beweerde ook: “Abraham was een Irakees”. Op een kerstavond verkondigde hij, dat “Jezus een Palestijn” geweest zou zijn. Een groteske bewering, die de woorden van Hanan Ashrawi, een Arabische christin, herhaalde, die in een interview aan de rand van de Conferentie van Madrid in 1991 had gezegd: “Jezus Christus werd in mijn land geboren” en beweerde, dat zij een “nakomeling van de eerste christenen” zou zijn – volgelingen, die het evangelie rondom Bethlehem verbreidden, ruim 600 jaar voor de Arabische verovering. Als haar bewering waar zou zijn, zou dat gelijkstaan met de bekentenis dat ze een Jodin is!

De tegenstrijdigheden zijn dus duidelijk. Palestijnse leiders beweren de nakomelingen van de Kaänieten, de Filistijnen, de Jebusieten en de eerste christenen te zijn; ze coöpteren Jezus en negeren zijn lidmaatschap tot het Jodendom, terwijl ze tegelijkertijd beweren dat de Joden geen volk zouden zijn en nooit de Heilige Tempel in Jeruzalem zouden hebben opgericht. […]

Slechts tweemaal in zijn geschiedenis diende Jeruzalem als nationale hoofdstad: de eerste keer, toen het de hoofdstad van de joodse gemeenschap tijdens de periodes van de eerste en tweede tempel was, zoals in de Bijbel wordt beschreven en door archeologische bewijzen evenals door talrijke Antieke documenten bevestigd wordt. De tweede keer in de Nieuwe Tijd als hoofdstad van de staat Israël. Het was nooit een Arabische hoofdstad, om de eenvoudige reden dat er nooit een Arabische Palestijnse staat bestond.

De in naam van de Palestijnen geuite retoriek van Arabische leiders klinkt ongeloofwaardig, want de Arabieren in de buurlanden, die 99,9% van het land in het Nabije Oosten controleren, hebben nooit een Palestijnse entiteit erkend. Ze hebben Palestina en zijn bewoners altijd beschouwd als een deel van de grote “Arabische natie”, historisch en politiek als een wezenlijk bestanddeel van Groot-Syrië –  Suriyya al-Kubraeen naam, die beide klanten van de Jordaan omvat. In de jaren-50 had Jordanië de Westelijke Jordaanoever gewoon geannexeerd, omdat diens bevolking als de broeders van Jordaniërs gold. […]

De Arabieren richtten geen Palestijnse staat op, toen de VN een delingsplan voorlegde, dat een joodse en een Arabische (en niet bijvoorbeeld een Palestijnse0 staat tot doel had. Ook tijdens de twee decennia voor de Zesdaagse Oorlog, toen de Westelijke Jordaanoever onder Jordaanse en de Gazastrook onder Egyptische controle stonden, hebben de Arabieren geen Palestijnse staat erkend of opgericht – noch hebben de Palestijnen in die tijd geroepen naar autonomie of onafhankelijkheid.

In 1937 – dus lange tijd voor de beslissing van 1967 om een “Palestijnen” genaamd nieuw Arabisch volk te creëren –, toen het woord “Palestijns” nog met joodse ondernemingen werd geassocieerd, zei Auuni Bey Abdul-Hadi, een plaatselijke Arabische leider van een Brits onderzoekscomité, de Peel Commission: “Er bestaat geen land Palestina! Palestina is een begrip, dat de zionisten hebben bedacht! In de Bijbel bestaat geen Palestina. Ons land was eeuwenlang een deel van Syrië.” De Arabische historicus Philip Hitti zei in 1946 voor het Anglo American Committee of Inquiry, dat tevens als onderzoekscommissie fungeerde: “Zoiets als Palestina bestaat in de (Arabische) geschiedenis niet, absoluut niet.” […]

Er bestaat al een Palestijnse staat en een Palestijns volk, in alle aspecten met uitzondering van de naam: meer dan 70% van alle Jordaniërs zijn Palestijnse Arabieren. De Britten kregen in 1920 een mandaat over Palestina om de Balfour Declaration uit 1917 om te zetten, die “de oprichting van een joods thuisland in Palestina” eiste – een geografisch begrip, dat het westelijke Palestina (het huidige Israël en de Westelijke Jordaanoever) en Oost-Palestina (het huidige Jordanië) omvatte. In 1923 werd Oost-Palestina, dat 77% van het mandaatgebied uitmaakte, eruit gesneden om de Arabieren te sussen, die zich verzetten tegen het idee van een terugkeer van de Joden naar hun oude joodse thuisland.

Dit deel werd een apart mandaat en in het jaar 1946 werd Oost-Palestina het Hasjemitische koninkrijk Transjordanië (dat later “Jordanië” werd genoemd, nadat de Jordaniërs de Westelijke Jordaanoever bezet hadden) – een land dat tegenwoordig in elk opzicht, behalve de naam, een Palestijnse staat is, uitgesneden uit het mandaatgebied Palestina. 70% van de Jordaniërs zijn Palestijnse Arabieren en Palestijnen bezetten sleutelposities in de Jordaanse regering en economie. Zelfs de koningin – Rania, de vrouw van koning Abdullah II. – is een Palestijnse. De overige 30% van de Jordaanse bevolking bestaat uit Bedoeïen, die afkomstig zijn van het Arabisch schiereiland, inclusief de uit Mekka afkomstige Jordaanse Koninklijke familie.

Maar de Arabieren zijn niet tevreden met een Palestijnse politieke entiteit genaamd Jordanië, waarin zij de onaangevochten meerderheid vormen en de politieke machinerie en het territorium voor zelfbeschikking bezitten. In plaats daarvan willen ze nog een staat, want 21 Arabische staten zijn niet genoeg – en een joodse staat is er eentje teveel.

Bron:

http://lizaswelt.net/2011/12/19/warum-newt-gingrich-recht-hat/

Auteur: Lizas Welt

Vertaald uit het Duits door:

E.J. Bron (www.ejbron.wordpress.com)

(Voorts ben ik van mening dat een Populistische Omroep goed voor Nederland zou zijn: word lid van PopNed.nl (Populistische Omroep Nederland). Als u dat doet o.v.v. E.J. Bron, is dat in 2012 gratis.)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in "Palestina", antisemitisme, Arabische wereld, Israël. Bookmark de permalink .

7 reacties op Waarom Newt Gingrich gelijk heeft

  1. Pingback: Warum Newt Gingrich Recht hat «

  2. Linsky zegt:

    Fijn dat bekende mensen dit eens duidelijk naar voren brengen en in de openbaarheid!
    Heeft toch altijd wat meer zeggenschap als een boerenlul, niet waar :)

    “Naar De Filistijnen’ is een uitdrukking, althans hier in Brabant voor vernielzuchtig manifestaties.
    naar de filistijnen is synoniem aan, kapot , diep bedroefd, gebroken, kaduuk, kapoeres,
    naar de knoppen, naar de maan, ontzet, stuk, van zijn stuk, verslagen!
    In ieder geval dus weinig goeds! :(

    En hier overigens nog een ander perceptie ten aanzien van dat verraders volk

    http://goedbericht.nl/blog2/?p=2485

  3. Linsky zegt:

    De naam Falastin dat de Arabieren vandaag de dag gebruiken voor Palestina, is niet eens een Arabische naam. Het is de Arabische uitspraak van het Grieks-Romeinse Paelastina, welke is afgeleid van de Pelesjet, (wortel Pelesj.) Dat was een algemene term voor ‘verdelers’, indringers of overvallers.

    hier nog een oudje wat het artikel wel onderschrijft!:

    De geschiedenis en betekenis van ‘Palestina’ en ‘Palestijnen’

    http://brabosh.com/2011/11/13/pqpct-eiz/

  4. G.Deckzeijl zegt:

    Omdat ik het een weergaloze typering van NG vindt…

    http://tinyurl.com/7p636na

  5. Pingback: ✡ Warum Newt Gingrich Recht hat – by Lizas Welt | Isauricus

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s