De kerk van het Tweede Concilie van Nicea wordt weer een moskee

“De Sint-Sofiakathedraal is de buit van onze verovering en daarom hebben wij er recht op”.

De Sint-Sofiakathedraal (Hagia Sophia) van Nicea, het huidige Turkse Iznik, waarin in het jaar 787 het Tweede concilie van Nicea plaatsvond, was tot nu toe in gebruik als museum. Het presidium voor religieaangelegenheden van de Turkse staat besliste nu om het monument van het christelijke verleden te veranderen in een moskee. Minister-president Erdoğan wil de islamitische delen van de samenleving tevredenstellen.

De Sint-Sofiakathedraal zorgt nog steeds voor onrust in het islamitische Turkije van Recep Tayyip Erdoğan. In dit geval gaat het echter niet om de beroemde grootste kerk van het christelijke Oosten, het symbool van het christelijke Constantinopel, maar om een kerk in Klein-Azië. De Hagia Sophia van Nicea, het huidige Turks-islamitische Iznik in het Klein-Aziatische Bithynië, is zelfs nog ouder dan de wereldberoemde kerk in het huidige Istanboel. De in de 4e eeuw gebouwde kerk ging de geschiedenis in, toen daarin in het jaar 787 het Tweede Concilie van Nicea  plaatsvond en voor de laatste keer de verenigde christenheid van oost en west bij elkaar kwam om te overleggen over de belangrijke vraag van het iconoclasme te overleggen. Het concilie bevestigde in de beeldenstrijd, waarin de invloed van de iconoclastische islam merkbaar was, de in het christendom verbreide verering, echter geen aanbidding, van iconen. De basiliek van Nicea staat voor het laatste echte oecumenische concilie van de kerkgeschiedenis voor het grote schisma van 1054.

De stad werd al in 1077 voor het eerst door de moslims veroverd. Twintig jaar later echter kon door de eerste kruistocht de stad bevrijd en teruggegeven worden aan het Byzantijnse Rijk. Van 1204 tot 1261 was de stad zetel van de oecumenische patriarchen van Constantinopel. Na de verovering door de Ottomanen werd de Hagia Sophia van Nicea in 1331 door sultan Orhan I., net zoals duizenden andere kerken, in een moskee veranderd. Onder de nationaal-Turkse laïcist Mustafa Kemal Atatürk werd de kerk in 1920 een museum, net zoals in 1934 de gelijknamige kerk in Istanboel. Sinds enkele dagen is de conciliekerk van Nicea opnieuw een moskee.

De beslissing werd genomen door het presidium voor religieaangelegenheden onder leiding van Mehmet Görmez, die door Erdoğan benoemd was tot opvolger van Ali Bardakoglu. Bardakoglu organiseerde als chef van deze religieautoriteit voor Ankara in 2006 de reis van paus Benedictus XVI. naar Turkije. Het omstreden besluit zorgde overal ter wereld voor een discussie over de vrijheid van godsdienst. Het besluit is in tegenspraak met de beslissing van het Turkse ministerie van Culturele Zaken, die er in voorziet, dat in alle monumenten van de christenheid, die tot musea werden verklaard, de viering van de heilige mis en andere christelijke diensten kunnen plaatsvinden.

De Duitse president Christian Wulff verzocht de regering in Ankara tijdens zijn laatste bezoek aan Turkije om in de Pauluskerk van Tarsus de christenen het vieren van diensten toe te staan. De oecumenische patriarch van Constantinopel, Bartholomeus I., kreeg op 26 december 2000 bij wijze van hoge uitzondering toestemming om in de Hagia Sophia van Nicea ter gelegenheid van de 2000e verjaardag van Jezus Christus de heilige mis te celebreren. Dit was mogelijk geworden vanwege de genoemde regeling, dat in musea veranderde christelijke plaatsen door christenen, zij het bij wijze van hoge uitzondering, voor liturgische handelingen gebruikt mogen worden.

De beslissing van Erdoğan zorgt voor irritaties. Zij toont echter ook aan, dat er verschillende stromingen en tegenstrijdige tendensen in de Turkse samenleving bestaan. De laatste tijd spande Erdoğan zich in voor een zekere opening tegenover de niet-islamitische minderheden. Dit maakte het voor de christelijke kerken en gemeenschappen, die dichtbij de verstikkingsdood door de staat waren, om weer wat lucht te scheppen. In dit verband moet ook het onlangs uitgevaardigde wettelijke decreet worden gezien, dat voorziet in de teruggave van het in het verleden illegaal onteigende kerkeigendom.

Onder de speciale toestemming om een heilige mis te vieren in een museum geworden plaats van de christenheid was de door patriarch Bartholomeus I. in 2010 in het voormalige Sümelaklooster  in Trabzon aan de Zwarte Zee, de eerste na 80 jaar en de tot nu toe meest symbolische.

Het aantal christenen, overwegend orthodoxe Grieken en apostolische Armeniërs, bedroeg honderd jaar geleden nog ongeveer 25 % van de bevolking op het gebied van het huidige Turkije. Tegenwoordig vormen de christenen slechts 0,2 % van de bevolking. De openingen van Erdoğan tegenover de christenen, die vanwege hun nu steeds kleiner wordende aantal behalve een symbolisch karakter sowieso geen reële invloed in Turkije hebben, stuiten op beslissend verzet van nationalistische en islamitisch-conservatieve kringen.

Hun aanhangers zijn vooral te vinden in de partij van de nationalistische beweging (MHP), die bij de laatste parlementsverkiezingen ongeveer 14 % van de stemmen won, maar ook in Erdoğan´s eigen regeringspartij AKP. Daar vormen ze een vleugel o.l.v. Erdoğan´s plaatsvervanger als minister-president, Bülent Arinc. Arinc zei over de verandering van de Sint-Sofiakathedraal in Nicea in een moskee: “Met deze daad hebben we de erkenning van onze voorouders teruggewonnen. De kerk Hagia Sophia van Iznik is de buit van onze verovering en daarom hebben wij er recht op. Een kerk kan in een moskee veranderd worden. Beide zijn immers plaatsen om tot God te bidden.” Arinc vroeg tenslotte provocatief: “Hoeveel van onze moskeeën worden in kerken veranderd?”

Turkse intellectuelen hebben heftige kritiek op de regeringsbeslissing. Professor Selcuk Mulayim van de universiteit Marmara verklaarde, dat de Hagia Sophia van Iznik een belangrijke rol in de historie van de christenheid speelde en daarom net zo zou moeten worden behandeld als de Hagia Sophia van Istanboel: als museum.

Diplomatieke kringen beoordelen Erdoğan´s beslissing als een stap om delen van zijn partij tevreden te stellen. Daarom zou hij vanwege de symbolische naam gekozen hebben voor een Hagia Sophiakerk. De verandering van de vroegchristelijke basiliek in een moskee zou daarom door Erdoğan zijn bedoeld om zijn regering te stabiliseren.

Bron:

http://tinyurl.com/c9b73ca

Auteur: Giuseppe Nardi

Vertaald uit het Duits door:

E.J. Bron (www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in Islam, Islamisering, Turkije. Bookmark de permalink .

2 reacties op De kerk van het Tweede Concilie van Nicea wordt weer een moskee

  1. Peter van Schie zegt:

    Twee dingen: Op het ‘christendom’ van Nicea rust geen zegen. De islamitische regering van Turkije is bijna klaar met de zuivering van Turkije van christenen (en Joden.)

    Like

  2. Jan zegt:

    Alle fresco’s en mozaïeken uit de kerk gesloopt. Dit wacht ook de Aya Sofia in Trabzon die in een moskee wordt ‘omgetoverd’.

    Erasing the Christian past
    A red carpet now obscures exquisite floor mosaics. Shutters and tents beneath the central dome shield Muslim worshippers from “sinful” paintings of the Holy Trinity. Shiny steel taps with plastic stools for ablutions clutter a once-verdant garden filled with ancient sculptures.
    http://www.economist.com/news/europe/21582317-fine-byzantine-church-turkey-has-been-converted-mosque-erasing-christian-past

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s