Iedereen wil graag in de steun

Screenshot_2

In 1971, een tijd van economisch zware tijden en een enorme concurrentie in de scheepsbouw, fuseerden de Rijn-Schelde Machinefabrieken en Scheepswerven NV (RSMS) (kortweg Rijn-Schelde Combinatie) en Verolme Verenigde Scheepswerven NV tot het scheepsbouwconcern Rijn-Schelde-Verolme (RSV) onder druk van de toenmalige Minister van Economische Zaken Nelissen (KVP). De Rijn-Schelde Combinatie was weer  ontstaan uit een fusie van Wilton-Fijenoord, de Rotterdamsche Droogdok Maatschappij en de Koninklijke Maatschappij De Schelde en was bepaald nog geen goedlopende tent. Zo bestond er nog totaal geen samenwerking; integendeel, zo bleek later uit de parlementaire verhoren, men beconcurreerde elkaar nog even hard als vóór de fusie. Met Verolmes bedrijven erbij werd de sfeer er vooral niet beter op. Het Verolme-concern had daarvoor al, om subsidie van de staat te kunnen krijgen, de noodlijdende Nederlandsche Dok en Scheepsbouw Maatschappij (NDSM) in Amsterdam moeten overnemen. Aan RSV werd in totaal zo’n 2,2 miljard gulden subsidie verstrekt, maar ondanks alles ging het bedrijf in 1983 failliet: duizenden werknemers stonden alsnog op straat. Mismanagement, te grote overheidsbemoeienis, een paar grote tegenslagen, de slechte economische situatie, dit zijn in het later ingestelde parlementaire onderzoek de belangrijkste oorzaken gebleken van het debacle van het RSV-concern. De Tweede Kamer had onvoldoende toezicht gehouden en minister Van Aardenne had in 1980 de Kamer misleid over verliezen van een bepaald onderdeel van het concern.

Ziedaar wat financieel-economische steun van de overheid vermag: niets. Maar alsof het nog niet genoeg duidelijk was, werd enkele jaren daarna Fokker ondersteund; eerst met 213 miljoen gulden subsidie en daarna nog eens met 800 miljoen gulden kredietverstrekking. Nieuw-linkser Harry van den Bergh was enige tijd lid van de Kamercommissie die de regering adviseerde over de kredietverstrekking aan de vliegtuigfabrikant. Een belangrijk advies van die commissie werd pas na sluitingstijd van de beurzen in de Kamer gepresenteerd vanwege de gevoeligheid voor de beurskoers van Fokker. Van den Bergh verliet de Kamer, nadat ophef was ontstaan over zijn (vermeende) belangen bij die beurskoersen . . . Alhoewel nooit bewezen, was het een publiek geheim dan Van den Bergh naderhand meer dan voortreffelijk in de slappe was zat. Fokker intussen kon met de verstrekte steun maar liefst drie jaar lang het complete personeelsbestand bekostigen. Dat overkomt een middenstander nu eens nooit.

De teneur van het verhaal blijft: overheidssteun brengt steeds vreugde aan, maar de groep vreugdevollen is vaak klein en behoort steevast tot de ledenkern van een politieke partij. Op elk terrein waar de overheid aan het eind van een verliesgevend jaar klaarstaat met een geldbuidel, gaat er iets mis. Men raakt in opspraak vanwege een slecht product, vanwege exorbitante salarissen of zelfs bonussen voor vermeende ‘prestaties’ en dergelijke. Altijd gaat het om de semi-overheid, zoals zorginstellingen, woningbouwcorporaties, scholengemeenschappen, etc. etc. De heer Smits van het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam kreeg in totaal bijna vier ton. En heeft de heer Smits uitzonderlijk goed werk geleverd? Nou nee, hij moest vertrekken omdat de patiënten in zijn ziekenhuis niet langer veilig waren en hun gezondheid groot gevaar liep, maar hij kreeg zelf nog wel een vertrekpremie van € 236.000,- naast zijn toch al –te- hoge salaris. De heer Elbers, die de Inholland school als een rokende puinhoop achterliet, kreeg tonnen toen hij bestuurder was, plus een riante auto met tv. Maar ook na zijn aftreden ging dat gewoon door: € 170.000,-  per jaar en een riante leaseauto, als dank voor het geven van advies. Denk aan de heer Elsen bij ontwikkelingsorganisatie SNV, mevrouw Albayrak bij het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers. Tonnen aan vergoedingen, maar toch maakten zij vooral ruzie met hun medewerkers, die het compleet zat waren en zijn dat aan de top zo schandalig wordt gegraaid. Wat verder nog te melden over bijvoorbeeld Erik Staal die woningcorporatie Vestia in een ravage veranderde door zijn bedrijf met pokerspel te leiden in plaats van goede woningen te verhuren? Zijn jaarsalaris bedroeg € 450.000,- en de vertrekbonus bedroeg maar liefst € 3.100.000,-. Maar Staal is de enige niet, want de woningbouwcorporaties zijn over de volle breedte graai-instituten, waar de banden met de onderwereld niet zelden buitengewoon innig zijn. En wat doet Möllenkamp eigenlijk tegenwoordig? Nog steeds aan het genieten in een Spaanse villa?

Het probleem in de zorg en met de ziektekosten ligt daarom voor de hand. Het is namelijk precies hetzelfde als de kosten voor onderwijs, de waanzinnige prijs voor een bus- of treinkaartje en ga zo maar door. Als de overheid er de hand in heeft, is de burger de pisang en de partijbaronnen zijn vrijwel direct binnen. In 2001 riep een kalende man dit ook en die werd in 2002 vermoord.

Gek hè?

Door:

Henny Eekhof

(voor www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in Nederland, Overheid. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s