Gerrit Komrij: Het Verraad van generatie ´68

Screenshot_12

Lezing door de schrijver en publicist Gerrit Komrij over een politiek rampzalige bestuurdersgeneratie. “Ik spreek hier niet over de normale concurrentie en de gepaste nijd, ik spreek over een hele generatie die heeft gedeserteerd. Over verraad dat een einde heeft gemaakt aan een beschaving. Verraad dat de wereld een andere kant heeft opgestuurd.”

De Ruigoord-lezing “ter viering van het 30 jarig bestaan van dit [Ruigoord] flowerpower Mecca”, is gefilmd door Levina Tameris en op youtube gepubliceerd door de Rotterdamse acteur Henri van Zanten.

Update: De tekst van de lezing is onder de titel “Het verraad van mijn generatie” opgenomen in het in maart 2010 verschenen boek: Gerrit Komrij, “Morgen heten we allemaal Ali, Vrolijke bespiegelingen over de tijdgeest”; De Bezige Bij, Amsterdam 2010 [ISBN: 978 90 234 5424 3]

 

Dames en heren,

Ik wil verslag uitbrengen van een nachtmerrie. Een nachtmerrie is een kwaaie droom en de kwaaie droom in mijn geval is een droom die goed leek te beginnen maar al snel een verkeerde draai nam. De hoofdrolspelers — van de eerste tot de laatste minuut: mijn generatiegenoten.

De generatie, zogezegd, van mei 1968, de generatie van provo en verbeelding, de generatie van Hitweek en Gandalf, de generatie van een nieuwe muziek en een nieuwe beeldentaal, de generatie die geuzenwoorden maakte van “marginaal” en “protest” en “anti-autoritair”, de generatie van het verruimde seksualiteitsbegrip. Ik ben door mijn eigen generatiegenoten verraden. Ik maak deel uit van een generatie verraders. Onvermijdelijk ben ik daardoor ook zelf een verrader. Ik ben door verraad besmet, ik ben aanwezig geweest. Het doet niets af aan het feit dat ik me door mijn vrienden vooral verraden voel.

Ik ben in de steek gelaten. Ik ben verweesd. Ik sta in de kou. Al die pathetische sentimenten loeien door me heen als ik aan mijn leeftijdgenoten denk. Ik kan begrip opbrengen voor ouden van dagen en kijk vertederd naar kinderen — alleen mijn eigen generatie is me vreemd. Ik houd van ratten, muggen, piranha”s, neten — niet van mijn generatiegenoten.

Het leek zo mooi, als je ze op hun twintigste moest geloven. Met een hamer en een paar schroeven zouden ze zó het paradijs in elkaar zetten. Nog een oorlogje wegwerken, een paar massamoordenaars en een ouwe politiecommissaris opdoeken en het was gepiept.

Ik moet het “mijn” in mijn generatiegenoten, mijn tijdgenoten enigszins relativeren. Ik stond met mijn rug naar veel dingen toe. Ik was eerder bezig met de afbraak van mijn onschuld dan met de hervorming van de maatschappij. Ik had geen idee waar de landen lagen waarin het onrecht geschiedde waartegen mijn leeftijdgenoten protesteerden. Ooit heb ik een ruit ingegooid van het politiebureau op het Leidseplein, ooit heb ik het nummer van het literair tijdschrift waarvan ik zojuist redacteur was geworden — het meinummer 1968 — geopend met een vertaling van een maf Frans gedicht over de fiere, van hoop vervulde meimeisjes, ooit steunde ik op mijn manier een dissidente Griekse dichter, door de kolonels gevangengezet en vanzelfsprekend gemarteld, door een vertaling af te leveren, bestemd voor een protestbijeenkomst, van een gedicht waarvan ik niets begreep — ziedaar mijn complete bijdrage tot de revolutie.

Maar ik zag ze in de weer, mijn tijdgenoten, ik nam ze waar. Ik heb hun stappen gevolgd, hun blikken, hun gebaren. Ik zag ze in de weer vlak vóór en al met een halve hak óp de drempel van de instituten waardoor ze hun lange mars zouden afleggen. Bovendien was de beweging, de sfeer, de mentaliteit in die jaren zo algemeen, zo vanzelfsprekend — ook al stond je terzijde, ook al handelde je halfslachtig, ook al had je niet door wat je aan het doen of aan het nalaten was — je maakte er op je twintigste automatisch deel van uit, het hing in de lucht, je snoof het in en je ademde het uit. Het was ondenkbaar dat je het met de meeste standpunten en ontwikkelingen niet eens zou zijn. Liever gezegd, je was de ontwikkeling. Zelfs corpsstudenten gingen wadlopen en snuiven.

Als ik het over het verraad van mijn generatiegenoten heb spreek ik over een ander soort verraad — een uniek, totaal verraad — dan wat zich normaal onder generatiegenoten voordoet als ze ouder worden en zich geconfronteerd zien met de realiteiten van de maatschappij. Aan de onderlinge concurrentie wordt dan een flink deel besteed van het ellebogenwerk dat we van de mens gewend zijn. In elke generatie wordt naar boven gelikt en naar beneden getrapt, ouderen worden in stilte gehaat en jongeren afgunstig gepaaid, en vooral elkaar probeert men centen en vriendinnen afhandig te maken.
Ik spreek hier niet over de normale concurrentie en de gepaste nijd, ik spreek over een hele generatie die heeft gedeserteerd. Over verraad dat een einde heeft gemaakt aan een beschaving. Verraad dat de wereld een andere kant heeft op gestuurd.

Dat men de idealen van zijn jeugd verraadt is ook niet zeldzaam. Het is niet eens verraad, het is vroeg intredende vermoeidheid. Ineens zien we onze oude schoolvrienden — ooit stuk voor stuk brandstichters en oproerkraaiers — achter een kinderwagen sjokken, kanaries kweken, de toto invullen. Ze doen aan krulspelden, hypotheken, vitamine preparaten. Ze zien al snel geen verschil meer tussen de contouren van hun vrouw en hun sofa. Het verraad waarover ik spreek is pathetischer en tegelijk onzichtbaarder. Algemener en tegelijk nonchalanter. Het werd gepleegd met aplomb of tussen neus en lippen door, alsof het geen verraad was.

Ik ben meteen beland bij het opvallendste kenmerk van dit verraad: het feit dat imago en werkelijkheid koelbloedig waren losgekoppeld. Wat mijn leeftijdsgenoten achter de schermen uitspookten had niets te maken met wat ze naar buiten toe met de mond beleden.
Ja, van sommige graaiers, stinkers en slapers diende je zelfs te geloven dat ze tot op de dag van heden de ideeën van de jaren zestig trouw waren gebleven. Zich gedragen als de oude generatie en hun gedrag presenteren als iets nieuws, daar hadden ze handigheid in.

Deze tweedeling schijn versus wezen zou ook op andere terreinen allesbeheersend worden — in de politiek, de literatuur, het sociale gedrag, de economie. Schijn en wezen. Imago en werkelijkheid. Reclame en product. Boodschap en inhoud. Wat je zegt en wat je denkt. Bluf en sintels

 

Ik zou niet kunnen zeggen of de drang naar verraad die mijn generatiegenoten dreef de populariteit van de tweedeling in de hand heeft gewerkt, of dat de opsplitsing een filosofische mode was die hun verraad — steeds meer verraad — op ideale wijze legitimeerde. Daarvoor vallen de begrippen jaren zestig en verraad te veel samen.

Er zit iets ontluisterends aan mijn generatie. Verraad moet blijkbaar inherent zijn geweest aan hun ideeëngoed, het zat ingebakken in de voorstellingen en utopieën die ze erop na hielden of het vormde het genetisch materiaal van de dragers zelf van deze ideeën.

Een unieke combinatie van sociale achtergrond en opkomende welvaart kan hebben gezorgd voor de merkwaardige mengeling van fanatisme en gemakzucht die eigen bleek aan mijn leeftijdgenoten. Jongens en meisjes uit opwaarts strevende gezinnen die nu veel gemakkelijker konden krijgen waar eerdere generaties voor hadden moeten zwoegen, in een verstarde maatschappij waarin autoriteit het mikpunt was maar toch nog zeer in trek — zoiets moest wel eindigen in een feestbanket voor profiteurs, overlopers, hypocrieten, maniakken en dictatortjes.

Waaruit bestond de bijdrage van de generatie van 1968? De autoriteit als drijvende factor werd benoemd en geïsoleerd. De rol van intellectuelen werd heruitgevonden. Twee ontdekkingen die een slappe reprise vormden van de ouwe revolutiegeschiedenis, maar dat valt jongens en meisjes van twintig niet kwalijk te nemen. Er werden wel meer reprises opgevoerd in de provo- en hippiebeweging, alleen dit keer bleken humus en omstandigheden fataal.

“A small step for man, but a giant step for mankind.” Een beroemde leus uit de tijd dat mijn leeftijdgenoten al achter het stuur en op de zetels zaten. De giant step is uitgebleven, althans in voorwaartse richting.

De linkse idealen waren dé idealen tout court geworden. Rechts bestond niet langer, en dat vond rechts zelf eigenlijk ook een beetje. Rechts waren nog fossiele mannetjes met een kippenborst vol decoraties, taptoemannetjes die onveranderlijk poseerden tussen vlaggenstandaarden en herdershonden.

Van het eerste begin beseften mijn tijdgenoten de waarde van typering, stigmatisering, beeldvorming en demonisering. Reclamejongens, journalisten, cabaretiers, copywriters, dichters — ze waren allemaal van de nieuwe tijd. Linkse mollen en vergadermachines die naar een functie haakten konden rekenen op een kordon van publicitaire goodwill. Want dat was onmiddellijk begonnen: het binnenkruipen in de staatsmachine, het overnemen van de lucratieve banen, het bezetten van machtsposities, het verjagen van de oude wolven om plaats te maken voor de nieuwe wolven. Het valt niet te ontkennen dat de provo’s en revolutionairen enige details hebben gewijzigd in het lot van de vrouw, het uitgaansleven en de filmcensuur.

Bij details bleef het, bij schijnverbeteringen. Hun meest geslaagde imago-stunt is misschien dat we zijn gaan geloven in details, dat we hun schijnverbeteringen nog steeds voor verbeteringen aanzien en geacht worden ui- terst ongeïnteresseerd te zijn in de grote lijnen. Grote lijnen werden met succes verdacht gemaakt. Bijzaken en cosmetica werden alles. En juist in de grote lijnen, het kan geen verbazing wekken, lag hun grote zwakte. Tussen verraders ben ik ouder geworden, tussen misdadigers. Iedereen mocht over alles meepraten — democratisering, nietwaar, inspraak. In feite wist meestal niemand van niets. Er werd door een meerderheid nee gezegd en verderop gebeurde het toch. Er werden risico’s voorspeld en eigenlijk was het al beslist. Er werd geëvalueerd over besluiten waarvan men in de achterkamer al wist dat ze nooit genomen zouden worden. De schijndemocratie was zo verpletterend aanwezig dat niemand begreep dat de echte democratie was afgeschaft.
Dankzij mijn geliefde jaargenoten leven we nu in een nominale democratie — we noemen het democratie, dus het is er eentje.

 

De baasjes uit de jaren zestig bleken in staat alles te verkopen als een succes van de jaren zestig. Ook nog toen het knap laat was.
Privacy, om een tweede grote lijn te noemen. Wat hadden de jonge revolutionairen daar de mond vol van! De autoritaire kapitalisten, de elitaire superelite en het militaire complex waren op niets anders uit dan op onze persoonsgegevens. Identiteitsbewijzen, volkstellingen, gegevenskoppelingen — de achtenzestigers reageerden er zo gebeten op als een poedel op een ratelslang. Nu zijn ze dertig jaar aan de macht geweest — eerst een beetje, toen een beetje meer, toen totaal — en de privacykwestie is zonder commentaar door de achterdeur afgevoerd. Ze zijn in staat strak te ontkennen dat ze zich daar ooit druk over maakten. De zotste gegevens zijn inmiddels aan elkaar en aan god-weet-wat gekoppeld, iedereen kan tot in alle uithoeken worden gecontroleerd en gescand — het bleek geen woord van discussie meer waard. Zo werd een van de lakmoesproeven van de individuele vrijheid prijsgegeven door hen die beweerden zich grote zorgen te maken toen ze er zelf nog de dupe van konden worden. Voor de machtshonger en systeemzucht van mijn generatiegenoten is de uitvinding van de terrorist een uitkomst geweest. De laatste controleremmen zijn nu los. Het totalitaire virus maakt zich sterk in ons, van binnenuit. Maar gelukkig — we noemen het niet zo.

Ook nu werkt de mechanische tweedeling van een vroom beleden ideaal en nietszeggende woorden (aanval op de beschaving, gevaar voor de democratie) perfect. We turen ons als altijd blind op bijverschijnsel en zijproduct en laten wind en kabouters zorgen voor de grote lijn. Bewustmakingsprocessen werden een doel op zichzelf. Je hoort aan bewustmaking te doen en het dondert niet waarvan. Ons geloof in de verpakking is een tweede natuur geworden. Ons werd in de jaren zeventig en tachtig vaak voorgespiegeld dat we tien keer een centimeter vooruitgingen.
Achter de schermen waren we telkens een kilometer achteruitgegaan.

Wat is er met grote maatschappelijke verschijnselen als seksualiteit en geloof gebeurd? Waar hebben de ideeën van de achtenzestigers toe geleid, toen ze eenmaal hun eerste praktische stappen als bestuurders mochten zetten? Dat het een rotzooi is geworden is nog het zachtaardigste wat we ervan kunnen zeggen. Gezellig en “leuk” dienden seksualiteit en geloof te worden, zonder vaders en priesters, zonder het walgelijk gezag. Onze bestuurders draaiden bij toen de seksualiteit bleef weigeren zich als leuk en gezellig te ontpoppen (en toen ze zelf de leeftijd van impotentie en prostaatkanker voelden naderen) — toen moest de zweep er weer over. Niet omdat ze zich hadden vergist, natuurlijk. Goddank doken bijtijds de nodige bliksemafleiders op. Aids, de pedofiel. De pedofiel — dat heette bij mij op school gewoon de godsdienstleraar.

Godsdienst. Ach ja, godsdienst. Elke sekte en elke reliidioot moest kunnen, dus waarom de officiële godsdienst niet? Terwijl het geloof met zijn martelingen, rituelen en tempels verdween, nam het aantal gelovige tuinkabouters toe. Wat resteert is de zelfzuchtige overtuiging dat religie er louter is voor de gezelligheid en het welbehagen.

De onbesuisde lancering van de halfbakken ideeën van mijn generatie leidde er uiteindelijk toe dat we leven in een wereld die verkrampt omgaat met seksualiteit en geloof. Iets krampachtigers dan gezelligheid is er wel niet. We maken iedere dag de gevolgen mee. We zien veel luchtboksers in doodlopende stegen. Het vermaan van de zedenmeesters waait ons tegemoet of het blije en onschuld veinzende, maar intussen opdringerige gewauwel van de ietsisten. We zijn in de val gelopen van het verraad van individuen die voor zichzelf eisten wat ze anderen niet wilden of konden toestaan. Vrijheid, zelfbestemming. Vooral hadden ze nooit nagedacht over de betekenis van begrippen als vrijheid en zelfbestemming.

Soms, voor al mijn leeftijdgenoten die zich na ’68 — eerst schoorvoetend en al snel vol overgave — de politiek en het maatschappelijk leven hebben binnengedrongen, wou je dat de hel nog bestond. Met gloeiende poken en brandende fakkels en al.

Het onderwijs. Welke ravage werd daar aangericht! Ravage als genadeklap. Genoeg is daar al over gezeurd. De vernietiging lijkt onomkeerbaar zolang niet de laatste hoopvolle ’68′er van de aardbodem is verdwenen. Ik wijs alleen nog — eventjes dan — op de uitwerking die het heeft gehad op hoe we met geschiedenis en literaire tradities omgaan, ik wijs er alleen nog op dat het mijn generatie was die, op de universiteiten en in het bedrijfsleven, begon met het vervangen van Nederlands door Engels. Ze hadden er de schoonklinkendste excuses voor.

Ook voor wat er met het milieu en het landschap gebeurde hoeven we alleen onze ogen open te doen. We leven te midden van het verpletterende bewijs dat er een generatie aan misdaad en onverschilligheid heeft huisgehouden. Slopers en architecten werden bloedbroeders onder hoog protectoraat van de politiek. Ook in dit geval zorgden de idealen van mijn generatiegenoten voor de holle legitimatie. Sterf, oude waarden. Weg met het elitair verleden.

Ik heb het nu gehad over grote lijnen als democratie, privacy, seksualiteit, feminisme, geloof, onderwijs, milieu en esthetiek van de omgeving. De echte stille revolutie is de uitlevering aan de commercie geweest. Mijn ambitieuze bestuurdertjes werden snel ook zelf verdienertjes en subsidieslorpers. Op zeker moment hadden ze de verdeling van de staatsfinanciën geregeld, dat wil zeggen een klein beetje voor de schaamlap van cultuur en milieu — beide in de vorm van aangeharkte reservaatjes — en het leeuwendeel voor hun eigen raderwerk. Ze konden dus wel begrip opbrengen voor andere verdienertjes. Pooiers waren ze nog net niet, al ken ik oude kameraden van mijn leeftijd die met 06-nummers een aardig kapitaaltje hebben bijeengeschraapt. Nieuwe tijden, nieuwe mogelijkheden.

 

Het waren vooral de media die het huwelijk tussen mijn vrienden en het neo-kapitalisme hebben beklonken. De media lagen open, daar konden ze hun lusten vrijelijk botvieren. Als iets een spiegel vormt van het ware gezicht van ’68 is het de televisie.De ontwikkeling van treurbuis tot terreurbuis — een intiem samenspel van slimme handelaren en politici is het geweest. De legitimatie?
Het dogma van de inspraak. De doctrine van de gewone man.
Kijk.
Er zit een massa mensen voor de televisie. Denk eens in hoe de handelaren in amusement en onnutte producten zich al die jaren het hoofd braken hoe die massa te gelde te maken. Ze droomden haast even nerveus als de nagellakfabrikant die aan alle vingers in China denkt.
Die massa zit voor het ding, het ding geeft licht en geluid — dat betekent nog niet dat er een geldstroom tussen beide bestaat. Eigenlijk heeft dat stomme gebeuren niets met geld te maken. Het ding straalt en flikkert gratis, het kan bedelen wat het wil, maar als de massa zich roerloos houdt beschikt het niet over sancties. Iets ergert de handelaren meer dan wat ook — het ding heeft geen gleuf.

Jarenlang bleef de situatie voortduren van een dood ding dat naar een dood ding keek. De lucht tussen het heilige kijkaltaar en de massa was dik van het apegapen en de passiviteit. Er is een enorme dynamiek op gang gekomen tussen de twee, met geld als drijfveer. Aan mijn generatie de eer van dit mirakel, het mirakel om de geldstroom tussen televisie en publiek op gang gekregen te hebben. Men moest er heel wat leugens voor verzinnen. Elke verdenking van een verband tussen publieke omroep en permanente educatie (een oud stokpaardje van de revolutie) moest worden uitgewist. Bij niets waren politici en bestuurders zo behulpzaam als bij het verdacht maken van enige creatieve, speelse of educatieve opdracht voor onze essentiële communicatiekanalen. De kanalen zijn nu voorgoed verstopt — uitgeleverd, verpatst en versjacherd aan de kermisbazen. Joop van den Ende kreeg een koningskroontje van de bestuurders. Of je een hoop stront verguldt.

De ontwikkeling van treurbuis tot terreurbuis is exemplarisch voor het verraad en het verraderlijk nasudderen van mijn generatie. Bij niets ook waren de intellectuelen van ’68 zo behulpzaam. Hun theorieën over hoge en lage cultuur, begonnen om de studie van populaire lectuur en massavermaak op te waarderen en uit het moeras van het folklorisme op te tillen tot de grote hoogte van de sociale wetenschap, kwamen plotseling goed van pas. De politiek speelde maar al te graag leentjebuur bij de vage prietpraat van veel jarenzestig- wetenschap. Eerst was daar de mooie vondst om het woord opportunisme te vervangen door pragmatisme.

Toen kwam de verklaring dat het onderscheid tussen rechts en links was weggevallen: het werd zo snel mogelijk door de politici omhelsd. Gewoon, omdat het ze goed uitkwam. Maar het allermooiste bleek toch wel de stelling dat de grens tussen hoog en laag vervaagd was. Sommige bestuurders maakten er meteen een gelijkstelling van hoog met laag van. Gewoon, omdat het ze goed uitkwam en omdat er veel aan te verdienen viel. De grote leugen van de gelijkwaardigheid tussen hoge en lage cultuur heeft er enkel voor gezorgd dat in de bokswedstrijd tussen cultuur en entertainment het grofste entertainment heeft gezegevierd.

Mijn generatie wordt bedankt. Ze begeleidde niet alleen de uitverkoop van de laatste resten beschaving, ze schafte ook de idee af dat het wenselijk zou zijn beschaving bij te brengen. Ze voerde daarvoor een stille campagne, want inmiddels was ze belanghebbende geworden. Een campagne waarin woorden als “elitair” belachelijk werden gemaakt. Het lukte, niet in de laatste plaats doordat de intellectuelen, de partijfilosofen en de sociologisch getinte denktanks (eerder naaldenkokers dan tanks) zo hartelijk meededen.

Ik heb ze destijds op de barricaden zien staan, met gebalde vuist en een onwezenlijke glans in hun ogen. Ik heb ze vervolgens zien kruipen en horen ritselen. Ik heb begrepen wat hun ogen destijds zagen. Een vette, burgerlijke toekomst voor zichzelf, zonder te veel hinderlijke hoge cultuur. Een zalige toekomst van grijpen en ingrijpen, en van verder almaar lui vergaderen over een eeuwigdurend niks.

Ouder worden kent weinig verrassingen. Het was zeker een verrassing toen ik voor het eerst op straat werd berispt door een politieagent die jonger was dan ik. Daarna werden ook mijn dokter, notaris en advocaat jonger. De moeder al dezer verrassingen — nu, die stond op toen er ineens een generatiegenoot van me president van Amerika bleek. Een schok van jewelste. Vanzelfsprekend was het een president die veel van entertainment hield, die nog veel meer zijn studentenpraatjes had onthouden omdat ze zo handzaam de armoe van zijn ideeën verdonkeremaanden en die tot in de Oval Office zijn seksuele bevrijding had meegesleept. Pijpen op kantoor, dat moest kunnen. Thans verzamelt hij voorschotten van mediatycoons. Een kind van zijn tijd, een schat van een verrader.

De mantra’s van mei 1968 zijn nog altijd niet uitgewerkt. Alleen door mei 1968 valt het te verklaren dat ze in Nederland Pim Fortuyn aanzagen voor iemand die de augiasstal van de politiek wel eens zou schoonmaken. In feite was hij een jaren-zestigtype, een rasechte vertegenwoordiger van het quasi-marxisme, een reële leeftijdgenoot van me, een voorbeeldige verrader. Hij suggereerde dat hij een kritische nieuwkomer was in ons al te gestructureerde en verfijnde netwerk van afhankelijkheden, afkoopsubsidies, controlegekte en bureaucratie. Met zijn halve talenten en entertainmentgehalte was hij er juist het resultaat van. Hij kon voortreffelijk acteren, als alle omhooggevallen jongens uit de revolutietijd — of hij het rebelse nog in de vingers had. Het was niet eens een truc, het was routine. Intussen rekende hij zich de macht al toe. Hij zou bereid zijn geweest tot elk compromis, tot elk verraad, als hij maar eenmaal met macht was bekleed. Om die macht te bereiken voerde hij via de media een fake-vertoning op — dertig jaar verraad in versnelde opvoering. De verslaggevers volgden als hondjes. Hij beheerste de listen en arglistigheden van degenen bij wie hij straks in bed zou kruipen al volkomen. Als hij was blijven leven zou hij door de bestaande officials als een verloren zoon zijn binnengehaald.

Mijn hele generatie is met bluf en handigheid aan de macht gekomen. Al mijn leeftijdgenoten die na ’68 de politiek en het maatschappelijk leven in gingen behoor- den al bij voorbaat tot de aangepasten. Aanvankelijk vond je het charmant dat ze de politiek in stapten, het waren overwinninkjes voor de beweging, small steps. Langzaam maar zeker zou deze voorhoede namens ons allen de boze wereld leren hoe het werkelijk moest.

 

De verbeelding aan de macht. De mars door de instituten.Een frisse wind, een nieuw geluid.Idealisten moeten altijd inbinden. Geen mens kan voor zijn zwakheden vluchten. Toch is verraad in dit geval geen te groot woord. Mijn generatiegenoten zijn niet alleen gestuit op praktische bezwaren en op de logheid van het systeem, ze werkten ook gericht en enthousiast mee om de scheidslijn te handhaven en zelfs te versterken tussen machthebbers en sukkels, om de democratie te ondermijnen en de financiën tot afgod te verklaren.

Ze bleken kameleons in de hardnekkigste en irritantste zin van het woord. Eerst namen ze kleur aan van de tegenstander en de oude vijand, vervolgens bleven ze voorwenden of ze nog altijd gehuld gingen in de kleur van de revolutionairen die ze ooit zelf waren of waar ze voor werden aangezien.
Vanzelf dragen ze niet overal de schuld van. Invloeden van buitenaf, de onstuitbare golven van de geschiedenis, stomme toevalligheden en catastrofes, ze waren er — maar veel te vaak knikten ze instemmend, sloten ze de ogen, sprong hun hart op van heimelijke vreugde, gaven ze toe aan hun reactionaire innerlijk, aan de geest van hun vaders — veel te vaak kraaide de haan. Als er al iets langs de meetlat van hun jeugdidealen werd gelegd dan gebeurde dat louter verbaal. De eigen oorsprong werd gretig als dekmantel misbruikt. Niets van hun aanvankelijke elan zagen we terug in hun daden. Onze revolutionairen — mijn kroeg- en studie- en dansgenoten van toen, de objecten nota bene van mijn seksuele dromen — werden tevreden regenten, dik tevreden meestal.

De speelse kant van ’68 (toen nog “ludiek” genaamd) ging al snel kopje-onder of ontaardde in de leutigheid van alles kan en alles is meegenomen. Zij die niet wilden meedoen (en trouw bleven aan de oorspronkelijke geest) werden als mislukkelingen beschouwd en de ware mislukkelingen nestelden zich op de troon. Heeft iemand gezegd dat de geschiedenis rechtvaardig was? Er is nu een revival van de jaren zestig gaande. Het is weerzinwekkend. Dat die revival slechts een onherkenbare hutspot is — net als alle historische terugblikken en de muzikale geschiedschrijving die ze op de tv samenflansen — is op zich al een “verworvenheid” van de jaren zestig. De geschiedvervalsing is al een tijd geleden begonnen, omdat de geschiedenis door Joop van den Endes wordt geschreven.

De jaren zestig werd een product.Welbeschouwd is het altijd een product geweest.Goed afgeschermd door de hoofdschuldigen, afgeschermd tegen iedereen die er met een vermanende vinger naar durfde te wijzen. Met al mijn tien vingers wijs ik. Ik voel me door mijn generatiegenoten verraden. Ik ben opgegroeid tussen een generatie verraders. Ik maak deel uit van een generatie die, voor het eerst in eeuwen, de wereld lelijker achterlaat dan ze haar heeft aangetroffen. Niets van allure, niets van stijl, niets van een groot gebaar bracht ze tot stand.

Dit leek hier en daar een klaagzang. Klaagliederen aanheffen ligt niet in mijn aard. Het was dan ook maar het verslag van een nachtmerrie, geen wetenschappelijk verhaal. Het verslag van een nachtmerrie die eens als een droom begon.

Gerrit Komrij (†)

Bron:

http://www.libertiesalliance.org/2009/11/03/het-verraad-van-de-generatie-68/

(h/t wachteres)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in landverraad, Links verleden, Linkse Kerk, Nederland, Socialisten. Bookmark de permalink .

31 reacties op Gerrit Komrij: Het Verraad van generatie ´68

  1. G.Deckzeijl zegt:

    Hier zijn nog twee van die linkse VERRADERS. Lees het artikel: want over de steeds verdere STIJGING van de vaste lasten hebben deze salonsocialisten het niet. We moeten maar zien hoe we het redden… ZUM KOTZEN, dat linkse tuig..!!!
    http://www.telegraaf.nl/dft/nieuws_dft/21212952/__Ons_loongebouw_moet_gemoderniseerd_worden__.html

    Like

  2. Linsky zegt:

    Kortom, zij pleegden zelfverraad. Zonder dat kun je namelijk nooit een ander verraden.
    Alles begint bij jezelf.

    Die generaties had ik al eens eerder gedefinieerd.
    Het bleek me toen al moeilijk om een dergelijk, ongelooflijke vorm van zelfverraad en zelfontkennen in enkele woorden samen te vatten.
    Het kwaad heeft nu eenmaal veel gezichten en oneindig veel expressies!

    * (Linksen; Van oorsprong veelal Hippies, Bloemenkinderen, provo’s, sekteleden, die vaak vertoefden in Ashram’s, communes etc. die elke verantwoordelijkheid voor zichzelf, anderen en de maatschappij verwierpen. Zich suf neukten en verslaafd raakten aan drugs, en door overmatig gebruik er van een verscheidenheid aan geslachtsziekten opliepen.

    Ten gevolge daarvan hield men gedegenereerde hersens en genitaliën over, wat in een aantal gevallen resulteerde in dwaasheid en waandenkbeelden en de daaruit voortvloeiende irrationele wens, dat men verantwoordelijk zou kunnen zijn voor anderen.

    Ook het ontbreken van elk ethisch en kritisch vermogen is te wijten aan de ruggegraatloosheid, veroorzaakt door ongelimiteerde sex, vaak zelfs met kinderen.

    Door de alom heersende kuddementaliteit en massapsychose was het mogelijk dat een groot aantal van deze ernstig zieken plaats konden nemen op het pluche.

    Enkele voornaamste speerpunten in hun vaandel zijn; Evenwichtige verdeling, waarbij dat bij voorkeur dient te gebeuren tussen hun linker en rechterzak. Echter in hoofdzaak, tolerantie, doormiddel van gedwongen acceptatie van totale controle onder de sharia, met uiteindelijke doel massale zelfvernietiging onder het vaandel en het kromzwaard de islam.

    Overigens is het een algemene misvatting dat deze lieden naïef zouden zijn! Het begrip, takiya hadden zij al opgedaan tijdens de ontsporingen in Oosterse communes. Hoogst waarschijnlijk ook de plaatsen waar het zaad der zelfvernietiging in hen werd gezaaid.

    Chapeau Gerrit!
    Een gemis dat je niet meer onder ons bent….
    je zag veel dingen heel erg goed, en ja,… morgen heten we idd. allemaal Ali.

    Like

  3. peterselie1 zegt:

    Lid van de PvdA zegt toch al genoeg, nivelleerders van het eerste uur.

    Vanaf 1994 tot 2002 was Vermeend PVDA-staatssecretaris van Financiën en minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de kabinetten Kok I en II.
    In 1994 werd Rick van der Ploeg lid van de Tweede Kamer voor de Partij van de Arbeid. Hij was de financieel woordvoerder van de PvdA-fractie. Van 1998 tot 2002 was Van der Ploeg staatssecretaris voor cultuur en media in het Kabinet-Kok II.

    Like

  4. peterselie1 zegt:

    @Linsky

    Goed verwoordt,
    Dit stukje sprak mij aan “Evenwichtige verdeling, waarbij dat bij voorkeur dient te gebeuren tussen hun linker en rechterzak. (Dit is realiteit geworden door het halal regeerakkoord) Echter in hoofdzaak, tolerantie, doormiddel van gedwongen acceptatie van totale controle onder de sharia, met uiteindelijke doel massale zelfvernietiging onder het vaandel en het kromzwaard de islam.”

    Like

  5. doerak zegt:

    Zou Rutte dat bedoeld hebben?
    In een klap door Komrij bewoord hoe het in elkaar zit.Genialiteit is maar voor een enkeling weggelegd.

    Like

  6. Linsky zegt:

    Peterselie1 om 12:35
    Dank je. 🙂

    Dat komt aanvankelijk uit: Waarom er zoveel moslimknuffelaars zijn….!
    https://ejbron.wordpress.com/2011/12/02/waarom-er-zoveel-moslimknuffelaars-zijn/

    Hier zijn alle artikelen van me te vinden die hier bij E.J verschenen zijn in de loop der tijd;
    https://ejbron.wordpress.com/?s=linsky

    Like

  7. Jan zegt:

    Komrij heeft het over de droom van links, o.a. een wereld zonder oorlog, maar links koos direct in het begin voor moordenaars en terroristen. In 68 koos zij voor de Vietcong, voor Mao, voor Castro, Guevara, Pol Pot, Allende. Je kunt het zo gek niet bedenken. Men begon zelf te moorden om Utopia* sneller te verwezenlijken en nam alle fascistische ideeën van Lenin, Stalin, Mao en Hitler over, zoals nu met alle gemak, misschien ging het daarom wel zo soepel, Hamas en Fatah worden ondersteund, door links. Weer moordenaars en terroristen.

    (volgens ggoglemaps: Utopia, 1324 Almere)

    Like

  8. Jan zegt:

    Rick van der Ploeg (ik had altijd de indruk dat ik met een geestelijk gestoorde te maken had*) voelde zich voor schut gezet door Marjet van Zuijlen die het gekonkel beschreef binnen de PvdA (gaat nog steeds door) (‘Retour Nijmegen-Den Haag: dagboek van een politica’) wat een eind maakte aan haar relatie met Van der Ploeg.

    * http://weblogs.nrc.nl/bankencrisis/files/rick.jpg

    Like

  9. Een generatie die toen in (vreedzame, met bloemen strooiende) opstand kwam tegen de ongelijke verdeling tussen arm en rijk, die nu hun zgn, idealen in de boom (zonder bloemen) hebben gehangen en hun ziel aan de duivel hebben verkocht!

    Like

  10. Wachteres zegt:

    “Ik spreek over een hele generatie die heeft gedeserteerd. Over verraad dat een einde heeft gemaakt aan een beschaving. Verraad dat de wereld een andere kant heeft opgestuurd”.

    Een profetisch woord, dat helaas al waarheid is geworden.

    Een hele generatie ‘elite’ heeft ons, hun eigen volk, verkocht en verraden en is derhalve gedeserteerd. De opdracht die zij als ‘leiders’ hebben nl het behartigen van ‘DE VERDEDIGING VAN ONZE BELANGEN’ hebben zij niet uitgevoerd. Integendeel, zij hebben lak aan het ‘klootjesvolk’ en aan wat zij vinden en denken.

    Voor de ‘elite’ geldt slechts ‘MACHT EN RIJKDOM’. En om die macht in handen te krijgen hebben zij willens en wetens de islam binnengehaald en om dezelfde reden zullen ze de islam, hoe dan ook, blijven steunen. Verdeel en heers is een geweldige mogelijkheid om datgene te bereiken wat je wilt bereiken.

    En als het volk daaronder lijdt? WHO CARES? Als hun dromen maar in vervulling gaan.

    Door ditzelfde verraad is onze beschaving in feite al ten onder gegaan. Als de ‘elite’ deserteert, houdt de strijd tegen het kwaad geen stand en zijn wij overgeleverd aan de boze krachten.

    Omdat de ‘elite’ de fundamentalistische islam, omwille van geld en olie, en met heel andere boosaardige belangen in het verschiet, hier bewust heeft laten binnenkomen en ook in de toekomst de grenzen zal blijven openzetten, is zij verantwoordelijk voor het beëindigen van onze beschaving.

    ,Alle problemen, alle bedreigingen, alle geweld die de islam met zich meebrengt, worden zoveel mogelijk in de doofpot gestopt. De voor middeleeuwse eisen worden maar al te graag ingewilligd en zelfs als de moslims er niet om vragen worden hun (nog) niet geuite wensen al vervuld.

    Dit verraad aan hun volk en hun land zal desastreuze gevolgen hebben. Onze cultuur zal verdwijnen en daarvoor in de plaats zal de voor middeleeuwse achterlijkheid en het onwaarschijnlijk wrede geweld van de fundamentalistische islam zich hier meer en meer gaan manifesteren, op een gruwelijke manier zoals wij die nu in het Midden-Oosten zien.

    Ik geloof er niets van dat de elite diep in hun hart, als zij daar nog over beschikt, niet weet wat ons te wachten staat. Voor hen geldt, wat de islam betreft, dat zij bewust

    ‘niet willen horen, niet willen zien en zwijgen’ En dat al decennia lang!

    Like

  11. Tom Hendrix zegt:

    @Wachteres 19.19. uur, daar ben ik het volledig mee eens Wachteres!

    Like

  12. Tom Hendrix zegt:

    @Linsky 12.23. uur, wat ben ik blij Linsky dat je weer af en toe onder ons bent. Steeds heb ik met volle aandacht je goed doordachte commentaren en artikelen gelezen. Ook met deze reactie ben ik het 100% eens!

    Like

  13. Anneke zegt:

    Het VERRAAD is al eerder geschied….eigenlijk al in de tijden dat onze grootouders jong en gedreven waren. Het KWAAD was alleen nog lang niet zichtbaar; laat staan voelbaar. Weet nog dat ‘k zelf al naar m’n ouders riep (begin jaren-70) dat we in de toekomst de islamitische religieuze-feesten eveneens zouden moeten gaan MEE-vieren…:”Hoe durfde ‘k dit te stellen,’de tent was te klein’. Nee ’t zou allemaal zo’n vaart niet lopen” De jaren zijn voorbij gevlogen en zo ook mohammed op z’n oosterse tapijt en met z’n waterpijp voor de mond. Helaas hij is niet voorbij gevlogen, maar hier gestrand en wat gaat hij (mohammed) verder ondernemen??? De geplande globale islamisering wil (GELUKKIG) NIET ZO VLOTTEN. “Steeds vaker onderlinge conflicten….GOEDE tekenen voor ons…mooi zo.”

    Like

  14. Anneke zegt:

    Aanvulling: Heb toch vertrouwen in het cijfer 13, in het jaartal 2013!!! Voor de satanisten/Luciferanen een ongelukstgetal, máár niet voor de goedwillende burger…Het staat -/ gaat voor OMWENTELING…in de goede zinsbetekenis van het woord. “Hoopgevend dus…”

    Like

  15. Linsky zegt:

    Dank je Tom.
    Fijn om te horen, hoor. 🙂

    Maar ik heb het ook druk met m’n eigen blog, daar kan ik zonder subversieve reacties plaatsten wat me bezig houd. Hierom ben ik dus wat minder aanwezig alhier. 😦

    Like

  16. Tom Hendrix zegt:

    @Linsky 20.30. uur, ik begrijp het. Als ik in ogenschouw neem wat web master Bert voor dit blog allemaal doet, dan kan ik alleen maar een diepe buiging maken zowel voor Bert als voor jou Linsky.
    Het mooie is, dat we toch verbonden zijn in dezelfde strijd tegen het islam-nazisme, en tegen de ondemocratische perverse overheden en de communistische EU. Veel succes LINSKY!

    Like

  17. Linsky zegt:

    Beste Tom,
    alles is met elkaar verbonden, de microcosmos met haar atomen, de macrocosmos met de sterren en planeten, en zo ook onze maatschappij.

    Je kunt het een niet zien los van het ander.
    Alleen vechten tegen de islam is trachten de zee in een zandkuiltje van het strand te krijgen…… het probleem is niet allen de zee…ook het strand en de continenten.

    Door de eeuwen heen probeert de mensheid al haar problemen op te lossen door één of enkele aspecten aan te pakken. De islam is niet meer dan een symptoom, een instrument van de werkelijke tegenstanders van de mensheid!

    In al die duizenden jaren heeft het niks opgeleverd dan nog meer ellende en problemen.
    We kunnen dat allen als we bereid zijn naar de oorsprong te zoeken, maar dat willen de meesten liever niet, die ligt namelijk in onszelf….

    Misschien moeten we maar accepteren dat onze westerse beschaving te
    ten einde loopt…zoals opperhoofd Shealth dat deed omdat hij de menselijke evolutie begreep.

    Sealth:
    “Maar waarom zou ik treuren om het noodlot wat mijn volk vroegtijdig treft? De ene stam volgt de andere op en het ene volk komt na het andere, zoals de golven van de zee. Het is de orde van de natuur en het heeft geen zin om iets te betreuren.”

    Ik was zelf enorm onder de indruk van die woorden, omdat ik wist dat ze uit het diepst van zijn ziel welde.

    En omdat hier een diep visionair inzicht, geloof en onvoorwaardelijk vertrouwen uit blijkt in de onvermijdelijkheid van de dingen. Maar bovenal dat een man dit, na hun dappere strijd te hebben gestreden, zonder wrok, rancune, en zonder pretenties met de hoogste waardigheid aanvaard!
    Wij westerlingen zijn anders…als wij straks moeten aanvaarden dat de moslims onze plaats innemen, zullen wij dat zonder slag of stoot hebben toegelaten… en verzuipen in het bloed van onze eigen haat!

    Terwijl onze echte vijanden nog steeds onzichtbaar achter de schermen de wereld manipuleren.
    Alle zielen die hier geboren werden kwamen om een ‘spel’ te spelen, maar vergaten dat het is bedacht in een andere realiteit…dat we ergens de ernst en de verantwoordelijkheid van die ‘werkelijkheid’ vergaten.

    Alinea over het opperhoofd is uit: De toespraak van opperhoofd Sealth:
    http://magazine.diamental.nl/literatuur/schrijvers/harrie/sealth.htm

    Like

  18. Voor een heel ander geluid: knap als je je publiek een klein uurtje weet te amuseren met bon mots over het verraad van de 68-ers zonder ook maar eenmaal het woord ‘islam’ of de woorden ‘ongevraagd grootschalig bevolkingsexperiment’ te laten vallen. Een politieke nitwit deze Gerrit Komrij, zoals hij door zijn kwalificaties voor Pim Fortuyn ook laat blijken. Maar hij heeft natuurlijk wel gelijk als hij het heeft over het verraad van de 68-ers. Alleen niet zelf bedacht hè?

    Like

  19. Martien Pennings zegt:

    Ik vind het een strontvervelende riedel van mijnheer Komrij.
    Als je echt iets wilt weten over de (Amerikaanse) generatie-68 moet je “Destructive Generation” van David Horowitz en Peter Collier lezen: http://amzn.to/11rNDz5
    Horowitz heeft trouwens alweer een opvolgboek over dat item gepubliceerd, maar de titel weet ik zo gauw niet.
    Ik ken geen vergelijkbaar boek dat de Europese 68-ers net zo diepgaand behandelt.

    Like

  20. Tom Hendrix zegt:

    @Linsky 22.42. uur, inderdaad dit opperhoofd was een zeer nobel en wijs man. Ook ik zal moeten leren aanvaarden dat berusting en aanvaarding deel van het leven zijn, en daardoor kunnen voorkomen dat we in haat gaan zwelgen. Bedankt voor deze verwijzing linsky.

    Like

  21. G.Deckzeijl zegt:

    Heb gisteren “Morgen heten we allemaal Ali” gekocht.
    Niks mis mee.Mijn weekend kan niet meer stuk.

    Like

  22. Richard zegt:

    Bedankt voor het uitschrijven, ik heb het ademloos gelezen! Deze man leverde fantastisch mooi verwoordde verhalen af en het is jammer dat hij er niet meer is. Anders hadden we hem moeten voordragen voor de rol van MP.

    Like

  23. Ik zag de titel ‘Het verraad van 1968’ van Gerrit Komrij, het zal wel aan mij liggen maar ik vond het een moeilijk volgbaar iemand, toch, getriggerd door dat verraad van 1968, ik zelf was toen 19 en net een jaar getrouwd (zo ging dat toen wel eens, 1e huwelijk en voorbij na 12.5 jr 😉 ) begon ik te lezen… en wat ik toen NIET eens wist, is mij dus nèt zo vergaan, geen ènkel benul van politiek, geen interesse ook, door het ontbreken van de kennis dat ‘al die lui en andere slinxe machtvergaarders’ zorgen voor de samenzweringen. Wel het katholicisme al 3 jaar achter me gelaten dat weer wel…. Met het verder lezen merkte ik dat ik trillende handen begon te krijgen en tranen in mijn ogen begonnen te prikken want ik realiseerde me dat ik dus óók bij die ‘verraders’ hoorde… al deed ik niet mee met die bloemenkinderen en geen atoombom in mijn tuin en ook geen verering had voor The Beatles of Rolling Stones, ben ik helaas mede schuldig, door stompzinnige ongeïnteresseerde onwetendheid… een andere verklaring heb ik er niet voor… Toen ik bij Komrij’s stukje over Pim Fortuyn kwam, nam mijn tegenzin t.o.v. Komrij weer toe, want ik kàn niet geloven dat P.F. zó in elkaar zou zitten als hij hier beschrijft… maar wie ben ìk? Ik hèb al blijk gegeven van enorme onwetendheid, medeschuldig door NIETS te weten of te zorgen dat ik het te weten kwam… Ik heb geen excuus, voel slechts diepe diepe bedroefdheid en mijn gevoel van al die woorden nog langer ‘vuil’ te maken aan die ellendige islam en zijn volgers, als onnodig, wordt ook hier nog eens door bevestigd… Het enige is wat ik wel steeds zeg en gezegd heb, het ENIGE wat ons nog zou kunnen redden is als wij AL die gore machtsvergaarders en àlle islammers uit onze landen verjagen, van mij mag het met absolute vernietiging zijn, strychnine in water laten drinken whatever en hun overblijfselen gebruiken als brandstof… gebeurt dit niet dan wacht ons zèlf dit lot uiteindelijk, zoals wij dagelijks kunnen zien dat die islammers als ‘vreugde vuur’ bereiden van allerlei niet-moslims en moslims van ‘andere stromingen’ dan zij…. en hopelijk kunnen dan de ‘likes’ van Geert Wilders, Nigel Farrage, Sarazzin en gelukkig nog vele andere betrouwbare zieners’ eindelijk die Augiasstal uitmesten, cleanen, en zorgvuldig opnieuw ‘bekleden’ met niet die uitgebreide troep onbetrouwbare dhimmies van elke smeerlap die er maar de kans krijgt anderen voor zijn/haar karretje te spannen… laten we niet achterblijven met daden, laten wij begìnnen! Ik heb 2 dochters, een kleinzoon en zelfs een nieuw kleinkind dat verwacht wordt half juni 2013… laten wij hopen dat wij 2013 inderdaad zouden kunnen zien als hèt getal waarin DE veranderingen ten goede kwamen, dat wij niet zoals dat Opperhoofd zei dat wij voortijdig op een gruwelijke manier aan ons einde komen, en dan nog wel in waardigheid… Dat laatste alleen al is iets wat ik me maar moeilijk een voorstelling van kan maken met de beelden van die gruwelijkheden door de islammers begaan… zoals daar zijn… ‘martelen, ledematen afhakken, ogen uitsteken, je darmen uit je lijf rukken, je verkrachten, je in brand steken en dat alles uiteraard het liefst terwijl JIJ nog lévend bent’… Ik geloof niet dat ik zo’n ‘held’ ben dan die in ‘waardigheid’ dit zal moeten ondergaan… nee, ik kies dan, àls het nog kan uiteraard dan, voor een snelle dood door en voor mijzelf en mijn honden…

    Like

  24. Tom Hendrix zegt:

    @Scarlatti 10.40. uur. Ik bewonder uw eerlijkheid en zelfkennis. Toch hoeft U zich n.m.m. niet langer schuldig te voelen beste Scarlatti, net als andere reageerders op dit waardevolle blog van Hr.Bron, levert uw een belangrijke bijdrage aan de bewustwording t.o.v. de perfide islam. Weet U wie zich schuldig moeten voelen Scarlatti, de politici van christen-democraten, roden (PvdA), en liberalen die in 1975 of 1972, de resolutie van Straatsburg hebben aangenomen! En eerlijk gezegd begin van de jaren ’80 was ik ook NAIEF en LINKS. Maar ik ben nu voorgoed GENEZEN daarvan.
    Interessant om te lezen is derhalve; ” De elite van de Valsemunters”, van Martin Bosma, en het boek ” Weg uit de islam- Getuigenissen van Afvalligen”, auteur Ibn Warraq uitgegeven door Meulenhoff pers bv. Heel veel sterkte Scarlatti!

    Like

    • Dank je wel Tom voor je hart, onder mijn stràk knèllende riem, te steken… ik ga die boeken opzoeken en lezen al zou ik eigenlijk veel liever nog eens de hele reeks van ‘Mariska de Circusprinses, in Hongarije met haar zwarte paardje’ en dat boek van die ‘Rode Autobus’ die kon vliegen en onder water rijden en die alle problemen aankon, lezen en dan graag in die zelfde gemoedstoestand als ik toentertijd verkeerde als een kind van zo om en nabij de 8 jaar… niet dat alles toen voor mij rozengeur en maneschijn was… maar ik kon er toch van genieten…
      Lieve groet van mij en nogmaals dank je voor je fijne reactie Tom!

      Like

  25. Tom Hendrix zegt:

    @Scarlatti Bombatti 11.11. uur. Graag gedaan hoor Scarlatti.

    Like

  26. Pingback: Het Verraad van generatie ´68 | Nageltjes

  27. @Populistische Omroep Nederland; ik vind Gerrit Komrij ook niet bijster intelligent. Hij spreekt vele woorden maar zegt weinig dingen. En hij herhaalt dingen in andere woorden. Zijn hele verhaal zou ik in een kort gedicht kunnen samenvatten. @Anneke; ik heb meer vertrouwen in 2014. Wegens het begin van de Eerste Wereldoorlog in 1914. De Eindtijd. En het bijbelse begrip dat 100 jaar als één dag is. Dan komen we uit in 2014. De omwenteling!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s