“De liberale samenleving en haar einde. Over de zelfmoord van een systeem”

Screenshot_17

Over enkele dagen verschijnt bij uitgeverij Antaios het nieuwe boek van de Berlijnse sociale wetenschapper en PI-auteur Manfred Kleine-Hartlage: “De liberale samenleving en haar einde. Over de zelfmoord van een systeem”. PI had van tevoren een gesprek met de schrijver:

PI: Manfred, over enkele dagen verschijnt je nieuwste boek “De liberale samenleving en haar einde. Over de zelfmoord van een systeem”. Is het werkelijk zo erg gesteld met onze liberale samenleving?

Kleine-Hartlage: Het is erg gesteld met de westelijke beschaving en daarmee ook met haar liberale verworvenheden. Ik vergelijk in mijn boek onze beschaving met een gewaagd gebouwde wolkenkrabber, die steeds hoger, mooier en luxer wordt. Het probleem is echter: hij wordt gebouwd met materiaal, dat uit de fundamenten wordt gehaald en zal daarom instorten als men daar niet mee ophoudt.

Welke fundamenten bedoel je?

Daarmee bedoel ik fundamentele menselijke gemeenschappen, vooral het gezin en het bestaan van naties, bovendien de uiteindelijk in het christendom verankerde zedelijke waarden, wier algemene – meestal onbewuste – acceptatie er de voorwaarde voor is dat we ons onze liberaliteit überhaupt kunnen permitteren.

De westelijke maatschappijopvatting gaat er immers niet – zoals de islamitische, maar ook andere traditionele opvattingen – van uit dat maatschappelijke orde en stabiliteit de hoogste geboden zouden zijn, en dientengevolge beschouwt ze vrijheid niet als bedreiging van de orde, maar als haar aanvulling. Het idee van een orde in vrijheid en door vrijheid kon alleen hier ontstaan en is een historisch unieke verworvenheid van de Europese civilisatie. Onze samenleving berust niet op een strak autoritair korset, echter ook niet simpelweg op “de vrijheid” en anders niets. Ze berust op een evenwicht tussen vrijheid en gebondenheid, rechten en plichten, dynamische en stabiliserende factoren.

En dit evenwicht is nu verstoord?

Vrijheid bestaat alleen daar, waar een orde is die haar mogelijk maakt, en daarmee bedoel ik niet alleen de rechtsorde. De rechtsorde is alleen maar het sluitstuk van een zeer gecompliceerde culturele constructie, maar ook dit sluitstuk zal vallen als de constructie instabiel wordt.

Dat klinkt heel abstract. Heb je daar concrete voorbeelden van?

Laten we deze omineuze “strijd tegen rechts” eens nemen: men maakt van een cultureel en etnisch homogene een multiculturele en multi-etnische samenleving, dat wil zeggen, men sluit bij elkaar op wat niet bij elkaar hoort, produceert systematisch dagelijkse conflicten, maakt van een relatief harmonische een in toenemende mate met spanningen beladen samenleving, waarna men deze spanningen alleen nog maar met steeds meer onderdrukking onder controle kan houden. Men verwoest de culturele constructie en produceert een situatie, waarin de strijd tegen “racisme en vreemdelingenhaat”, dus tegen meningen en gevoelens, en dat betekent: de overgang van de staat van de grondwet naar een totalitaire heropvoedingstaat “noodzaak” wordt. De bondskanselier zou zeggen “alternatiefloos”. Maar voor deze alternatiefloosheid hebben zij en haar voorgangers zelf gezorgd.

Is dat een fout of opzet?

Beide spelen een rol: zowel de verblinding door een ideologie, die steeds leidt tot het tegenovergestelde van wat men bedoelt en in zoverre een “fout” is, evenals bepaalde materiële en machtsbelangen, die meedogenloos – en zeer zeker opzettelijk – ten koste van de volkeren van Europa worden doorgedrukt. In de hoofden van de beleidsbepalers zullen beide zaken een bepaalde rol spelen, alleen de mengeling verschilt van persoon tot persoon en van belangengroepring tot belangengroepering. Op de schaal tussen de extremen van de zuivere naïeve verblinding en de zuivere kwaadaardigheid bestaan veel gradaties.

Welke belangengroeperingen spelen daarbij een rol?

Zonder volledig te willen zijn: de klasse van de paar honderd superrijken van de planeet, die als uiteindelijke eigenaren een groot deel van de globale economie controleren; de politieke klasse van het Westen, die zichzelf al lang als globale klasse beschouwt en waarvan de leden zich al lang geëmancipeerd hebben van de belangen van hun volkeren; politiek links; de sociale, migratie- en integratie-industrie, die profiteert van de toenemende maatschappelijke spanningen; het ideologisch-mediale complex; en de lobbyisten van etnisch-religieuze minderheden en maatschappelijke randgroeperingen.

En deze verschillende groepen werken allemaal samen? Klinkt opnieuw als een samenzweringstheorie.

Dit woord “samenzweringstheorie” is toch een van die triggerwoorden – net zoals “racisme” of de diverse “fobieën”, die men graag op de vertegenwoordigers van niet conforme meningen plakt – dat alleen gebruikt wordt door diegene die niet wil argumenteren en daarom ook alle anderen ertoe wil brengen zich niet bezig te houden met de desbetreffende posities. Het werd zelfs tegen mijn boek “nieuwe wereldorde” in stelling gebracht, waarin ik expliciet tot het resultaat gekomen was dat er geen sprake kan zijn van een “samenzwering”, tenzij men zich onder een “samenzwering”iets zou voorstellen waarbij de “samenzweerders” hun bedoelingen live op televisie verkondigen.

De mechanismen waarmee mensen samenwerken zonder op een aansturend centrum aangewezen te zijn, de manier waarop de belangen van verschillende groeperingen in elkaar grijpen (zonder daarom gewoon dezelfde belangen te zijn), hoe bepaalde gemeenschappelijke ideologische basisovertuigingen politieke coalities voortbrengen, hoe persoonlijke overlappingen tussen de elites van verschillende richtingen en functiegebieden een coördinerende werking hebben, hoe binnen bepaalde groeperingen, organisaties en systemen conformiteit wordt geproduceerd:

Dat alles is het bloedeigen terrein van politiek wetenschappelijke en sociologisch onderzoek en wie de resultaten van zulke analyses afdoet als “samenzweringstheorieën”(en erop vertrouwt dat niemand vragen stelt of naleest of deze beschuldiging überhaupt van toepassing is) , zegt daarmee alleen maar dat hij zoiets als kritische sociale wetenschap niet wil. Het bovengenoemde ideologisch-mediale complex, waar zulke beschuldigingen nogal eens vandaan komen, geeft alleen daarmee al toe dat het precies datgene is hoe ik het in mijn boek omschrijf: een systeem voor de productie van bevestigende, machtsconforme ideologie, niet anders dan het in de DDR was, en net zoals destijds uitgerust met een politieke taak.

De mechanismes, waarmee deze groeperingen hun belangen doordrukken en hoe hun samenspel functioneert,beschrijf je in het laatste deel van je boek. In de eerste twee delen gaat het vooral om de ideologieën die de huidige scheve verhoudingen hebben voortgebracht. Is zulke ideologiekritiek eigenlijk van praktisch betekenis? Hebben wij die echt nodig? Volstaat niet het gezonde mensenverstand om te zien dat de Europese samenlevingen ermee bezig zijn zichzelf te vernietigen?

Het probleem is nu net dat de heersende ideologie het gezonde mensenverstand demoniseert en als “stamtafel” belastert. De heersende ideologie maakt er voor zichzelf aanspraak op het toonbeeld van verstand en serieuze kennis te zijn. In werkelijkheid is zij hiervan tamelijk het tegendeel. Het volstaat echter niet dat zelf te weten, men moet het kunnen bewijzen als men anderen overtuigen wil. Men moet – en wel op straffe van de ondergang van de Europese beschaving! – tegenover de heersende ideologie een alternatief paradigma plaatsen en daarvoor volstaat gewoon niet het gezonde mensenverstand, daarvoor is ideologiekritiek nodig.

Dit ideologiekritische aspect staat vooral daarom centraal, omdat onze samenleving dat alles nooit zou accepteren wat men met haar doet als niet bepaalde ideologische basisovertuigingen zo diep waren ingesleten dat de meeste mensen ze als vanzelfsprekendheden en überhaupt niet meer als ideologie waarnemen. Het gaat om een dicht geweven netwerk van elkaar ondersteunende aannames, die letterlijk voor-oordelen zijn, omdat ze al aanwezig zijn in ieder individueel hoofd, voordat zoiets als bewuste oordeelsvorming kan plaatsvinden.

Dus ongeveer datgene wat je in je boek “Het Jihadsysteem” met het oog op de islam het “systeem van de culturele vanzelfsprekendheden” hebt genoemd? Ideeën, waartegen geen kruid gewassen is, omdat men zich er helemaal niet bewust van is dat men ze heeft?

Precies. De ideologische ideeën waarover ik het in mijn boek heb, zijn echter historisch wezenlijk jonger dan de islam en konden niet zo diep in de westerse samenleving doordringen zoals de islam in de Arabische of de Turkse samenleving. In zoverre denk ik dat we hier nog iets tegen kunnen doen, temeer daar het hier om een ideologie gaat die in principe alleen werd opgedrongen aan oudere, bijvoorbeeld christelijke, bewustzijnslagen en bovendien – in ieder geval wat betreft haar jongste consequenties – alles in het gezicht slaat wat mensen spontaan als juist beschouwen. Ze negeren gewoon de menselijke natuur.

Heb je enkele voorbeelden van zulke ideeën?

Welnu, bijvoorbeeld het idee dat men de samenleving volgens politiek-ideologisch gewenste voorstellingen bijna naar eigen goeddunken vorm zou kunnen geven, omdat men haar immers met wetenschappelijke middelen zou kunnen doorzien en uit zou kunnen leggen, ongeveer net zoals men machines kan bouwen, omdat men de natuurwetten kent. Op sociaal terrein functioneert zoiets echter niet. De mens is van nature een sociaal wezen, ook zonder maatschappelijke ideologieën.

In datgene wat men het gezonde mensenverstand noemt, zitten oplossingen opgeslagen voor de soort problemen die de mensen altijd al hadden. Als men nu dit gezonde mensenverstand opzij schuift, omdat men het dankzij “wetenschappelijke”, d.w.z. ideologische, kennis immers veel beter zou weten, vervangt men een evolutionair beproefd deskundigensysteem door een niet-deskundigensysteem en leidt vervolgens schipbreuk. Als de samenleving dit verband zou doorzien, zou ze niet meer angstig in elkaar kruipen  zodra iemand het woord “stamtafel” (ook zo´n polemisch triggerwoord) in de mond neemt. Ze zou achter zulke polemiek de volksvijandige arrogantie en bekrompen resistentie tegen de werkelijkheid herkennen, die er in werkelijkheid achter zit.

In het eerste deel van het boek neem je praktisch de hele Verlichting op de korrel. Is dat geen tegenstrijdigheid voor iemand die toch zelf een Verlichter is?

Ik schrijf immers dat er natuurgetrouw geen weg is die om de Verlichting heen kan, tenzij als resultaat van de ineenstorting van een civilisatie en een her-barbarisering. Precies deze gevaren bedreigen ons echter als we het Verlichte paradigma steeds verder op de spits drijven. Een Verlichter ben ik in die zin, dat ik informeer over de gevolgen van de Verlichting.

Wat bedoel je met “Verlichtend paradigma”?

Ik bedoel daarmee het idee van een onbeperkte zelfcreatie, zelfbeschikking en uiteindelijk zelfverlossing van de mens. Als je deze ten einde denkt (en ze wordt immers niet ten einde gedacht, maar met alle consequenties van dien ook politiek gepropageerd en gepraktiseerd), betekent zij dat de mens alles wat hij tegenkomt en niet zelf volgens een bewust plan heeft geschapen, als beperking van zijn vrijheid moet verwerpen, inclusief zijn eigen ik tot aan zijn seksuele identiteit. Als je je bewust wordt van de consequenties van deze ideologie, zie je onmiddellijk dat zij destructieve waanzin is.

Zelfbeschikking is waanzin?

Nee, de poging om de samenleving op het idee van onbeperkte zelfbeschikking op te bouwen, is waanzin, temeer ik ook aantoon dat zo´n poging onvermijdelijk voor het tegendeel zal zorgen van datgene waarvoor het moet zorgen. Ik heb immers al gezegd dat het aankomt op een verstandig evenwicht tussen vrijheid en gebondenheid en dat daar de Europese beschaving op is gebaseerd. Wanneer men echter de ene of de andere kant absoluut verklaart, vernietigt men het evenwicht.

Het Westen en de islam maken exact de tegenovergestelde fouten: terwijl de islamitische cultuur alleen plichten, bindingen en stabiliteit laat geleden, zet het Westen steeds meer in op alleen maar rechten, vrijheid en dynamiek. Leidt het ene tot verstarring, het andere leidt tot anarchie of totalitarisme.

In het tweede deel van het boek concretiseer je je kritiek op de Verlichting door de Verlichte belangrijkste ideologieën socialisme en liberalisme op hun principiële zwakke punten. Je werkt uit, dat ze allebei opgebouwd zijn op dezelfde “meta-ideologie”. Wat bedoel je daar concreet mee?

Ik bedoel dat in dubbele zin: enerzijds zijn ze ondanks alle belangrijke tegenstelling opgebouwd op een dieper, dus metaniveau op gezamenlijke fundamentele ideeën en anderzijds, omdat ze deze ideeën bindend ingevoerd willen zien voor de hele samenleving. Ze zijn een meta-ideologie in die zin, dat ze definiëren welke politieke ideeën überhaupt als acceptabel gelden. Omdat conservatieve posities de afgelopen decennia praktisch uit het publieke debat werden gedrongen, bestaat er geen tegenwicht meer tot het Verlichte paradigma, dat ervoor zou zorgen dat de kerk in het midden blijft en niemand van lotje getikt raakt. Omdat dit tegenwicht is weggevallen, bevindt de samenleving zich in de greep van ideologieën, die al in beginsel utopistisch zijn.

Ze bekijken het heden vanuit het standpunt van een paradijselijk imaginaire toekomst. Dan stelt men vast, dat er gegroeide structuren bestaan, die anders zijn dan de utopische voorspelling belooft, dus wil men deze uitroeien. En omdat er mensen – zelfs een meerderheid – bestaan die deze structuren (bijvoorbeeld familie of de nationale staat) als juist beschouwen, moet men hun “foute” ideeën uitroeien. Dat is ongeveer het punt waar we ons nu bevinden. De ontwikkeling blijft echter niet stilstaan: ze is onderhevig aan een eigen logica, op grond waarvan men er op zekere dag toe zal komen niet alleen de foute ideeën, maar ook hun dragers uit te roeien.

De grootste oorzaak waarom utopieën – voor zover hun voorvechters machtig genoeg zijn – altijd voor het tegendeel zorgen van datgene waarvoor ze moeten zorgen, is tegelijkertijd het meest banale, namelijk dat ze gewoon – utopieën zijn: dat betekent dat ze er a priori niet van uitgaan hoe de wereld daadwerkelijk is, maar hoe deze moet zijn. Ze claimen zelfs niet eens de aanspraak om de werkelijkheid te erkennen (tenzij als hindernis, die uit de weg geruimd moet worden). De realiteit laat zich echter niet ongestraft negeren en als men dit probeert, wreekt zij zich.

Je kritiek op het liberalisme zullen veel lezers niet leuk vinden. Pak je de liberalen niet wat te hard aan?

Ik pak de liberalen helemaal niet hard aan, maar het liberalisme, op dezelfde wijze zoals ik ook niet de moslims hard aanpak, maar de islam: ideologieën volgen een bepaalde eigen logica, ze produceren als het ware een zog, waaraan haar aanhangers zich moeilijk kunnen onttrekken. Terwijl men echter de islam op de spits kan drijven zonder hem te vernietigen, omdat hij zogezegd des te meer zichzelf is hoe radicaler hij wordt gepraktiseerd, vernietigen linkse en liberale ideologieën hun eigen voorwaarden en uiteindelijk zichzelf. Ik hoop dat er zich onder mijn lezers veel zelfkritische liberalen en ook linksen zullen bevinden, die niet willen meedoen aan de mars naar de zelfvernietiging en zich bij mij met argumenten bewapenen die het hen mogelijk maken om zichzelf en anderen aan het zog van het mainstream liberalisme en de mainstream linksen te onttrekken.

Bron:

http://www.pi-news.net/2013/07/neues-buch-von-manfred-kleine-hartlage/

Vertaald uit het Duits door:

E.J. Bron

(www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in "goedmenschen", "Nuttige idioten", Krankzinnigheid, Linkse Kerk, Naïviteit, praatjesmakers, socialisme. Bookmark de permalink .

6 reacties op “De liberale samenleving en haar einde. Over de zelfmoord van een systeem”

  1. luckybee zegt:

    Hoe eerder ze verdwijnen hoe beter.

    Like

  2. Bob Fleumer zegt:

    Wat goed dat er nog mensen zijn die helder hun mening geven, dat zouden meer mensen moeten doen! Wat een glashelder betoog, waarvoor dank!

    Like

  3. Tom Hendrix. zegt:

    Prima hoogstaand artikel. Het belangrijkste wat ik eruit haal, is dat ABSOLUTISME, en ABSOLUUT DENKEN, het grootste gevaar inhouden. Kijkend naar de ravage, die het cultuurrelativisme heeft aangebracht, in eendrachtige samenwerking met het links-liberalisme, zie ik dat bovenstaand artikel zeer actueel is.

    Like

  4. Peter Klaasing zegt:

    Een heel duidelijk en veelzeggende uieenzetting, wat dan weer de vraag oproept, wanneer komen dan de Frei Korpsen om orde te scheppen in de komende chaos? Het lijkt mij, dat het hoog tijd word daarvoor. Het is dunkt mij hoogtijd om deze waanzin (samen met onze linkserakkers) uit ons land te verwijderen.

    Like

  5. Republikein zegt:

    Als ik het goed begrijp gaat er nog veel bloed vloeien. Nostrodamus?

    Like

  6. wim van rooy zegt:

    In zijn erg interessante en bij ons nooit gerecenseerde boek ‘Liberal Fascism’ analyseert de Amerikaanse essayist Jonah Goldberg dit fenomeen ten voeten uit. Hij toont o.a. meesterlijk aan hoezeer links dweepte met Mussolini en Hitler en dat zijn wortels fascistisch zijn. Het hedendaagse liberalisme kwalificeert hij als ‘smiley-fascism’.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s