CHRISTENDOM EEN GOED ANTWOORD OP DE ISLAM? JA, MITS PRAGMATISCH

Screenshot_34

(Door: Theresa Geissler)

Zo medio 1989 verdween met de val van de Berlijnse Muur de grote tegenstelling die de wereld decennia lang had beheerst: de tegenstelling Oost-West, communisme-kapitalisme hield op te bestaan. Het zou echter niet al te lang duren, eer een nieuwe grote controverse vorm zou krijgen;  één die weliswaar al eeuwen lang aanwezig was, min of meer sluimerend, maar die zich pas duidelijk zou manifesteren bij het uitbreken van de Zesdaagse Oorlog in 1967 en die sindsdien onverminderd aanwezig gebleven is. De vraag is nu:  kan men dit conflict betitelen als de tegenstelling Islam- Jodendom/Christendom? Dit wordt regelmatig gedaan, maar helemaal de lading dekken doet het toch niet.

Waar het de islam betreft klopt het wel ongeveer: ook al kent de islam nog zoveel verschillende stromingen – die elkaar onderling nog fel bestrijden op de koop toe –  ze staan allemaal te boek als islamitisch. Tevens  hebben zij als enig gemeenschappelijk doel de vernietiging van de staat Israël en de bestrijding én onderwerping van het Westen. In het geval van het Christendom ligt het iets gecompliceerder: zeker sinds de 18e eeuw – de tijd van het Rationalisme en de Verlichting – won de westerse levensopinie gaandeweg aan diversiteit. Humanisme en atheïsme eisten hun plaats op, na het overwinnen van de nodige weerstanden. Na eeuwenlang het Westen te hebben gedomineerd, werd het christendom er, langzaam maar zeker, minder allesomvattend.                                                                         Nu is het wel zo, dat al die verschillende levensovertuigingen, in elk geval sinds het einde van WOII, in staat gebleken zijn, redelijk vriendschappelijk en conflictloos naast elkaar te bestaan. Toch zijn er verschillen die, begrijpelijkerwijs, vooral aan het licht treden op momenten dat nauwere onderlinge samenwerking vereist is. Wil het christendom zich in de strijd tegen de islamitische agressie laten gelden als acceptabel overkoepelend orgaan, dan zal het zich voortdurend moeten bezinnen op haar rol in de moderne samenleving en aan de hand daarvan haar tactiek moeten bepalen en zo nodig aanpassen. Laten wij eens nagaan hoe één en ander door de eeuwen heen zijn loop heeft gehad.

Christendom wordt Rooms-katholicisme

Volgens de overlevering wees Jezus Christus van zijn twaalf discipelen uiteindelijk Simon Petrus, “de Mens Petrus”, aan als zijn opvolger. Petrus, de rondborstige, de opvliegende. Allesbehalve zonder fouten, maar juist daardoor degene aan wie ‘niets menselijks  vreemd was.’ Dit kán een eerste aanwijzing zijn dat het christendom qua opzet de pragmatiek nastreefde, maar beter schorten wij ons oordeel hierover op om allereerst de daarop volgende ontwikkelingen te bekijken.

Screenshot_22

Petrus

Na Christus’ dood en wederopstanding verlieten de discipelen/apostelen het Heilige Land om te prediken in het Middellandse Zeegebied; Damascus, Korinthe…..Enkelen onder  hen, Mattheüs, Johannes, Lucas, zetten de ‘Evangeliën’ op schrift. Petrus, tenslotte, vestigde zich in Rome, verwierf daar aanhang en bewerkstelligde aldus de ‘roots’ van de Rooms-katholieke kerk. In dat prille begin was het uiteraard niet meer dan een sekte, bovendien illegaal. Tenslotte zou Petrus, de eerste ‘Paus,’ de eerste ‘Bisschop van Rome,’ opgepakt en gekruisigd worden, iets wat in later eeuwen ondenkbaar zou zijn.

Het gezag lag dan ook op dat moment nog lang niet bij de kerk, maar bij de Romeinen. De vele goden die zij aanbaden – verwant aan die van de Griekse mythologie – dachten en handelden als mensen en hanteerden geen bijzonder strikte leefregels. Sommige godinnen, die als maagd te boek stonden,  hadden die keuze helemaal zelfstandig gemaakt; het was ze door niemand opgelegd. Het tegenovergestelde (zoals bij de godin van de liefde, Venus) kwam eveneens voor; een moreel oordeel werd daaraan niet verbonden. Van de weeromstuit was de Romeinse maatschappij een afspiegeling van de godenwereld: liberaal en pragmatisch. Vrouwen hadden weliswaar niet dezelfde maatschappelijke positie of dezelfde mogelijkheden als mannen, maar qua bewegingsvrijheid werd hen verder weinig in de weg gelegd: kuisheid was niet zo’n vereiste, van overspel werd niet echt een punt gemaakt. Het Romeinse Recht kende de mogelijkheid van echtscheiding, dus dat wás het meestal wel. Daarna behoorde een nieuw huwelijk met de minnaar in kwestie in de meeste gevallen óók weer tot de mogelijkheden. De latere aanname dat de christenen in het oude Rome werden vervolgd wegens gebrek aan godsdienstvrijheid klopt dan ook niet. Het omgekeerde was eerder het geval: hen werd aanvankelijk geen strobreed in de weg gelegd, maar zijzelf begonnen openlijk stelling te nemen tegen de vrijzinnige Romeinse leefwijze en lieten dit duidelijk merken, tot ongenoegen van het gezag. Gaandeweg maakten de christenen zich striktere leefregels eigen, wat onder meer zijn weerslag had op de christelijke kijk op de rol van  de vrouw. De apostel Paulus – oorspronkelijk Saulus van Tarsus, Romeins staatsburger, in Damascus bekeerd en opgenomen in de kring der Apostelen – ontpopte zich in dat opzicht als een fanatiekeling, letterlijk ‘Roomser dan de Paus’ (Petrus). In zijn preken klonk steeds duidelijker de roep om ‘kuisheid’ door, kreeg weliswaar het monogame huwelijk zijn zegen (“Het is beter te trouwen dan te branden”), maar bleef hij hameren op “het gevaar van de verleiding” en het ‘verderf’ dat overal op de loer lag.  En, bekend verhaal inmiddels, de verantwoording voor dit alles werd door hem bijna volledig bij de vrouw gelegd. Toch voelden met name veel armere Romeinen zich aangetrokken tot het christendom. Dit natuurlijk doordat zij toch al part noch deel hadden aan de decadente leefwijze van de rijken én doordat de striktere regelgeving hen een houvast bood in een verder vaak uitzichtloos bestaan. Naarmate het christendom aldus zichtbaarder werd, groeide de wederzijdse irritatie. Zoals algemeen bekend escaleerde één en ander door de uitbraak van de Grote Brand van Rome, vermoedelijk op initiatief van keizer Nero gesticht voor eigen gewin. Hij zag echter kans de christenen als schuldigen aan te wijzen, wat het startsein werd voor de beruchte christenvervolgingen.

Screenshot_23

Paulus

Niettemin zou het christendom zich handhaven en tenslotte overwinnen. Men ging het aanduiden als Rooms-katholicisme. Rome werd de bakermat. Gestaag breidde het zich over heel Europa uit, met als sluitstuk de bekering van de Vikingen, ongeveer rond 1100 na Chr. Tegelijkertijd kwam hiermee een einde aan hun plundertochten. Nu kon het gekerstende Europa zich concentreren op haar verweer tegen de telkens weer oprukkende islamitische Turken. Vanuit Frankrijk en Engeland werden de eerste Kruistochten georganiseerd ter ontzetting van het Heilige Land. Men was zich bewust van de gemeenschappelijke vijand.                                                                                                                 Niettemin bleek het realiseren van de zuivere christelijke leer problematisch: rond 375 na Chr. werd het Celibaat ingesteld, maar velen vatten dit Decreet – dat ook nooit door Jezus zelf in het leven was geroepen – louter op als een verbod om metterdaad te húwen en verbonden er geen wezenlijke consequenties aan in verband met het hebben van seksuele relaties. De kloostergemeenschappen deden hun intrede – ook al nooit door de Man van Nazareth zelf bedacht – en intreding was in principe vrijwillig, uit zogeheten ‘roeping.’ Toch zijn er door de eeuwen heen tallozen geweest, met name vrouwen, die door hun verwanten hier gedwongen werden ‘gestald’ in afwachting van een verloofde die al dan niet uit een oorlog terug moest keren of zelfs bij wijze van een soort transactie: een dochter in ruil voor zielenrust. De positie van de vrouw was overigens slecht, conform de leer van de apostel Paulus:  beetje bij beetje raakte de inhoud van de Bijbel meer bekend en zij werd algemeen beschouwd als de oorzaak van de Zondeval. De man was haar ‘Heer en Meester’ en het priesterambt werd haar nadrukkelijk onthouden. Sommigen beweren dat het Rooms-katholicisme de vrouw juist hoogachtte vanwege de specifiek katholieke ‘Mariaverering,’ wat echter in wezen niet meer dan een oneerlijk dogma was: aan het onmogelijke ideaal om tegelijkertijd maagd en moeder te zijn kon geen vrouw voldoen en ook de Middeleeuwer besefte dit, uiteraard.                                                                                                                           De Middeleeuwen waren streng en wreed. Kerk en staat waren nog lang niet gescheiden. In praktisch elk hardvochtig vonnis school de invloed van het Rooms-katholicisme. Met de latere beruchte ‘heksenprocessen’ moet men ze echter niet te veel vereenzelvigen: zeker tot ver in de 13e eeuw geloofde men niet aan heksen en waren dergelijke aantijgingen zelfs strafbaar. De heksenvervolgingen zouden, na een aarzelend begin, pas rond 1450  goed op gang komen en voortduren tot eind 17e, begin 18e eeuw. Dit impliceert tevens dat niet slechts de Rooms-katholieke kerk zich aan de heksenjachten schuldig heeft gemaakt: zij vonden even zo goed plaats onder de Reformatie.

Renaissance en Reformatie

In de tweede helft van de 15e eeuw, toen de Middeleeuwen langzaam ten einde liepen, brak vanuit Italië de nieuwe bloeiperiode, de Renaissance, aan, die daar feitelijk reeds zo’n anderhalve eeuw eerder was ingezet. Het moreel van de katholieke kerk verkeerde op dat moment zo ongeveer op het dieptepunt. Vooral aan de top heerste corruptie. Zonen uit rijke, adellijke families werden uit louter politiek oogmerk tot bisschop, kardinaal of zelfs paus gemaakt, zonder het geestelijk ambt ook maar te ambiëren! Het celibaat werd, behalve in principieel ingestelde kloosters, nog steeds niet serieus nageleefd. Heel mooi wordt dit geïllustreerd in de meest recente BBC-kostuumdramaserie ‘The Tudors,’ waarin Paus Clemens VII de Medici op een gegeven moment in overleg is met de Curie. Een kleine jongen stormt enthousiast de zaal binnen met de uitroep: “Grootvader!”, waarop de paus, niet in het minst gegeneerd maar hartelijk en stralend van trots, reageert met “Alessandro!” Het doet warm en prettig genoeg aan, maar de hele sfeer lijkt totaal gespeend van elke celibaatsverplichting. Ook de aanwezige kardinalen reageren niet in het minst ongemakkelijk. De, vooral aan de Curie-top totaal verwaterde, scheefgegroeide katholieke principes wekten het verzet van zowel geestelijken als ontwikkelde leken die zich van de moederkerk begonnen te distantiëren op zoek naar eigen geloofsvormen. Door de op dat moment nog totale verstrengeling van Kerk en Staat stond hen dit echter niet vrij. Zij werden aangemerkt als “Ketters”, afgeleid van de reeds in de 13e eeuw ontstane Zuid-Franse sekte der Katharen of Albigenzen, en gedurende de hele 16e eeuw op gruwelijke wijze vervolgd! Het hoogtepunt van de “heksenverbrandingen”viel vrijwel samen met dat van de “ketterverbrandingen”. Deze vervolgingen hadden echter de averechtse uitwerking dat het verzet alleen maar toenam. De Reformatie kreeg, tegen de verdrukking in, steeds duidelijker contouren.

Screenshot_24

Luther

Dat de grote, 16e eeuwse hervormers stelling namen tegen de moederkerk wil evenwel niet zeggen dat zij tevens het pragmatisme waren toegedaan. Integendeel zelfs! Zowel de voormalige Duitse monnik Maarten Luther (10 november 1483 – 18 februari 1546) als de Frans-Zwitserse Johannes Calvijn (10 juli 1509 -27 mei 1564) namen aanvankelijk kennis  van de werken van ‘onze’ grote eerste humanist Erasmus van Rotterdam (vermoedelijk 28 oktober 1466 – 12 juli 1536) die reeds een zekere mate van gewetensvrijheid en tolerantie bepleitte, maar gingen er uiteindelijk niet in mee: volledige onderwerping aan Gods wil, vormgegeven door soberheid, werd hun devies.

Screenshot_25

Calvijn

Calvijns Duitstalige landgenoot Huldrych Zwingli (1 januari 1484 -11 oktober 1531) bracht deze starheid zo mogelijk nog fanatieker in praktijk. Onder invloed van het Zwinglianisme zou Zwitserland eeuwenlang een staat worden met zeer rigide leefregels, die voor gewone levensvreugde uiterst weinig ruimte over liet.

Screenshot_26

Zwingli

Een vertakking van de Zwingliaanse leer, de Wederdopers, zou zelfs over meerdere West-Europese landen uitzwermen en hun overtuiging letterlijk ‘te vuur en te zwaard’  aan de man brengen. Nederlandse leiders: Jan Mathijszoon (1500 -1534) en Jan Beuckelszoon van Leyden (1509 -1536). Zij werden uiteindelijk bij de herovering van de door hen ingenomen stad Münster door het katholieke gezag overmeesterd, gemarteld en terechtgesteld en hadden dit door hun handelen ook wel over zichzelf afgeroepen. Andere Reformatorische groeperingen, onder andere de Doopsgezinden (volgelingen van de Nederlander Menno Simonsz., 1496 -1561) en de Nederlandse calvinisten stelden zich pacifistischer op, maar ontwikkelden wél een streng dogmatische leer. Zelfs zo, dat deze “ketters” eeuwenlang zowel elkaar als het Rooms-katholicisme zouden “verketteren”. Aan dat laatste waren dan natuurlijk ook weer de meedogenloze vervolgingen door de Inquisitie onder Filips II debet. Aldus leenden de tijden zich al niet al te best voor een onderlinge verdraagzame sfeer. Buiten het vasteland van Europa, in het zich langzamerhand vormende Groot-Brittannië, zou de Reformatie zich op haar eigen wijze voltrekken.

Puriteinen en Quakers

Zowel het Engelse koningshuis (Tudor) als het Schotse (Stuart) – tevens door bloedverwantschap verbonden – waren Rooms-katholiek, totdat Hendrik VIII Tudor in 1534 door middel van The Act of Supremacy met Rome brak. Vanaf dat moment was er sprake van de Anglicaanse Staatskerk met de regerende vorst aan het hoofd. Maria I Tudor (1553 -1558), vroom katholiek, draaide deze beslissing terug, waarna ze wederom hersteld werd door Elisabeth I (1558 -1603). De Schotse kerk bleef vooralsnog katholiek. Niettemin zou ook hier de Reformatie vorm krijgen, onafhankelijk van de ontwikkelingen op het Europese vasteland. De voornaamste stroming werd het Puritanisme, waarvan de volgelingen de Puriteinen werden genoemd.                                                                                   Deze Puriteinen streefden naar eigen zeggen de absolute soberheid na, alsmede de zuivere (pure) geloofsbelevenis, gericht op de absolute aanbidding van Christus. Aldus stelden zij zich teweer tegen zowel de Rooms-katholieke kerk met haar ontsporingen, theatrale riten en pronkzucht, als tegen de Anglicaanse kerk, die volgens hen teveel van die oude kenmerken behouden had. Schotland vond al spoedig haar toonaangevende hervormer in de persoon van John Knox, een tot het Puritanisme bekeerde ex-priester. Hij was het, die in die hoedanigheid openlijk de levenswandel hekelde van koningin Maria Stuart, als weduwe van de Franse koning en erfgename van de Schotse troon drie maal gehuwd en verdacht van medeplichtigheid aan de dood van haar tweede echtgenoot Lord Darnley. Tenslotte moest zij Schotland ontvluchten, maakte in Engeland aanspraken op de Engelse troon, werd door haar nicht Elisabeth ingerekend en, na 19 jaar gevangenschap, terechtgesteld. Haar in Schotland achtergebleven zoon, James, was intussen door John Knox Presbyteriaans gedoopt en reeds uitgeroepen tot koning van Schotland. Uiteindelijk bleef de kinderloos gebleven Elisabeth weinig anders over dan kort voor haar dood in 1603 haar achterneef als troonopvolger aan te wijzen. Aldus werden beide monarchieën aaneengesmeed en maakte het Huis Tudor plaats voor het Huis Stuart.

Screenshot_27

John Knox

Intussen waren met name de Engelse Puriteinen niet bijzonder content met hun situatie: hoewel Presbyteriaans opgevoed tornde James I, nu koning van het Britse Rijk, niet aan de invloed van de Anglicaanse kerk.  Naarmate de Puriteinen zich zichtbaarder tegen de ‘semi-paapse rituelen’ en ‘wereldse wuftheid’ afzetten, stelden zij zich op den duur zelfs bloot aan vervolging. In 1609, toen voor de Nederlanden juist het Twaalfjarig Bestand was afgekondigd, vertrok een groep Puriteinen naar Amsterdam, waar ze althans verzekerd konden zijn van godsdienstvrijheid. Later vestigden zij  zich in Leiden. Ze konden echter hun draai niet vinden, zeker niet in dit ‘rekkelijke’ westelijke deel van de Nederlanden; wellicht was het ze in het oostelijke, ‘precieze’ gedeelte, tegenwoordig bekend als de Biblebelt, beter gelukt. Hoe dan ook, in 1620, toen het Twaalfjarig Bestand langzamerhand ten einde liep en de Nederlanden zich in principe moesten opmaken voor een hernieuwde strijd tegen Spanje, besloot de groep tot een definitief vertrek, richting de Nieuwe Wereld.                                                                              

Zij vertrokken op 16 september 1620 vanuit Plymouth, Zuid-Engeland, met het schip de   ‘Mayflower’. Dit nu waren de Pilgrim Fathers, de grondvesters van wat later de Verenigde Staten van Noord-Amerika zouden worden. De uiteindelijk 65 dagen durende reis verliep met veel tegenslag en velen overleefden de tocht niet. Tenslotte ging men aan land in Massachusetts aan de Oostkust en stichtte aldaar de Plymouth Colony. Zodra in het nieuwe land de Puriteinse wetten van kracht werden, was pas duidelijk  te zien, dat hun ‘Zuivere Leer van Christus’ in zeker opzicht zo zuiver niet wás. De door Christus gepredikte lankmoedigheid ontbrak hen ten enen male. In hun fanatieke ijver om deugden als soberheid en kuisheid binnen de gemeenschap te bewaren, namen zij hun toevlucht tot de strengste sancties bij welke overtreding dan ook. En aangezien in de loop der tijd ook veel niet-Puriteinen naar Nieuw Engeland waren geëmigreerd, werden die daar niet zelden als eersten het slachtoffer van.

Screenshot_28

George Fox

Vooral de Quakers, een in 1649 door ene George Fox gestichte sekte, kregen het er hard te verduren, zeker naarmate hun aantal toenam. Stelselmatig werden zij voor van alles aangeklaagd, veroordeeld, bestraft. Gaandeweg werden zij bijna geheel uit Massachusetts verdreven en vestigden zij zich in de naburige staat Pennsylvania. De Puriteinen verdroegen hen niet, hoezeer zij ook eveneens de absolute soberheid predikten. Belangrijk verschil was echter dat zij tegelijkertijd elke vorm van geweld verwierpen en dit uiterst consequent. Als gevolg hiervan kon bijvoorbeeld volgens hún rechtspraak de doodstraf niet worden opgelegd, evenmin als enigerlei lijfstraf. Zeker in het latere Pennsylvania was verbanning uit de gemeenschap bijna de enig mogelijke wettelijke sanctie. Afstandelijke beschouwers mogen de Quakers, vanwege hun streven naar absolute soberheid, even streng dogmatisch achten als de Puriteinen, maar deze totale geweldloosheid maakte hen werktuiglijk verdraagzamer, lankmoediger. Waar de Puriteinen de vergelding als norm hadden, koesterden zij eerder de vergeving. Zeer waarschijnlijk stonden zij hierdoor het dichtst bij de oorspronkelijke christelijke leer. Veel dichter, in ieder geval, dan de Puriteinen, die in hun strijd tegen de zonde juist ontelbare zonden begingen, dat ooit zouden kunnen. De Quakers waren – en zijn – sterk vergelijkbaar met de groeperingen van Duitse herkomst die zich eveneens in het Nieuwe Land vestigden, de Amish en de – Duitse – Mennonieten. Het is algemeen bekend dat de meest principiële Amish tot op de dag van vandaag alle moderne verworvenheden afwijzen en zich nog steeds over de Amerikaanse (snel)wegen verplaatsen in hun karakteristieke rijtuigjes. Maar men kán niets tegen ze hebben. Het is hetzelfde verhaal als bij de Quakers: hun afwijzing van elke vorm van geweld maakt hen in zekere zin tegelijkertijd enorm tolerant. Zelfs zó, dat ze het principe van de “Rumspringa” kennen, wat wil zeggen dat Amish-adolescenten vóór hun definitieve doop de kans krijgen om enige tijd buiten de gemeenschap in de wereld door te brengen en aan álles wat die biedt deel te nemen! Dit met de achterliggende gedachte dat, als men dan besluit terug te keren, die keuze bewust gemaakt wordt. Men kan zich serieus afvragen bij welke andere orthodoxe sekte men zoiets vindt! Ook al zal het zeker niet eenieder gegeven zijn zich blijvend in hun manier van leven wél te bevinden, deze geweldlozen valt niets te verwijten. Maar de Puriteinen des te meer! Tot op de dag van vandaag is hun invloed nóg voelbaar in de Amerikaanse samenleving en zijn de gevolgen zichtbaar. Treffende voorbeelden onder andere: prominente, dwingende aanwezigheid van religie binnen diverse gemeenschappen, hysterische angst voor seksualiteit, hysterie met betrekking tot het “ongeboren leven”(met het géboren leven springen ze niet zelden nonchalanter om) en een eigenaardige bekrompenheid in de rechtspraak, die zeker in het, recente, verleden voor veel gerechtelijke dwalingen heeft gezorgd, gekoppeld aan even zoveel verfilmde “waargebeurde verhalen.” Als men het heeft over “pragmatisch christendom” kan men constateren dat dit, hoewel in principe aanwezig, vandaag de dag in de VS nog op veel  plaatsen ontbreekt. Een erfenis, ontleend aan de op hun manier ooit zo bevlogen ‘Pilgrimfathers´.

Het Christendom en de Verlichting

De 18de Eeuw stond in het teken van wat wij hebben leren kennen als  “De Verlichting.” Deze Verlichting was gebaseerd op de volgende drie principes:

1.) Triomf van de rede                                                                                                                         2.) Geloof in de vooruitgang van de mensheid                                                                                 3.) Het zoeken naar het aardse geluk

Welke rol, nu, speelde het christendom nog in dit alles? Een minder allesomvattende dan in de voorgaande eeuwen, dat moge duidelijk zijn.  De wetenschap floreerde. Er werden belangrijke, natuurkundige, ontdekkingen gedaan. Oude vormen van (bij)geloof begonnen langzaam te verdwijnen. Veel aandacht kwam er voor de filosofie die uiteraard, zie het bovenstaande, het aardse leven centraal stelde. Mannen als Voltaire en Rousseau maakten naam, ook buiten Frankrijk. Met name Voltaire was een aanhanger van het Deïsme, wat hierop neerkomt dat God de Aarde en al wat erop leefde wél geschapen had, maar dat het hele verdere verloop buiten Hem om ging. Hij had dus geen deel aan oorlogen en natuurrampen, dát was geheel en al het werk van de mens zelf. En van de natuur. De eigen verantwoordelijkheid stond bij Voltaire hoog in het vaandel. Afgezien van zijn eigen vorst Lodewijk XV – te dichtbij en bovendien had hij een paar maal diens verwanten van incest beticht – stond hij op goede voet met verschillende Europese monarchen, onder meer met Catharina de Grote van Rusland. Uit de bewaarde, uitvoerige correspondentie tussen hen blijkt onder andere dat hij de Middeleeuwse islam toleranter achtte dan het Middeleeuwse christendom. Let wel: van beide dus de MIDDELEEUWSE versie. Dit betekende overigens niet dat hij de islam een warm hart toedroeg:  als man van de Verlichting zag hij hem wel degelijk als een ernstige bedreiging voor de zich ontwikkelende wetenschap en het Libertijnse gedachtegoed. Met name de messcherpe tragedie van zijn hand, “Mahomet” (voltooid in 1737, maar pas opgevoerd in 1741), getuigt hiervan.  Onnodig te vermelden dat Mahomet een verbastering is van Mohammed en Voltaire voert hem ten tonele als de ultieme schurk, bedrieger en manipulator.  Dus werkelijke sympathie voor de islam koesterde hij in geen geval.

Screenshot_29

Voltaire

Een man van de Verlichting wil nog niet zeggen: een man van de democratie. Noch Voltaire noch één van zijn tijdgenoten kan dat laatste echt geweest zijn, omdat de democratie haar intrede pas deed in het tijdperk vlak ná het hunne, tijdens de Franse Revolutie. Om precies te zijn: bij de executie van Lodewijk XVI in 1792. De Verlichting tornde niet aan de absolute macht van de vorst, zolang die er maar blijk van gaf open te staan voor kunst en wetenschap, vooruitgang en, op zijn tijd, enige mate van humaniteit. De Verlichting zette zich wel af tegen het christendom, algemener gezegd tegen de religie, waar zij meende te bespeuren dat deze de ontwikkeling in de weg stond. Toch was het denkbaar dat religieuzen een plaats konden innemen binnen de kring der ‘Verlichten’, mits zij de idealen van vooruitgang en de belangen van de wetenschap maar onderschreven.

Screenshot_30

Grégoire

Uiteraard waren dezulken hier en daar wel aanwezig, zoals zij dat door de eeuwen heen altijd wel zijn geweest. Een markant voorbeeld was zelfs een landgenoot van Voltaire en Rousseau, Abbé Henri Baptiste Grégoire, bisschop van Blois (4 december 1750 – 20 Mei 1831), die in de hoogtijdagen van de grote filosofen nog een jong priester was, maar die zich oprecht aangetrokken voelde tot de ideeën van de Verlichting. Hij ijverde voor religieuze verdraagzaamheid, gelijkberechtiging van Joden en afschaffing van de slavernij in de koloniën. Hij ging zelfs volop mee in de Franse Revolutie, werd lid van de Nationale Conventie, dirigeerde als bisschop de lagere geestelijkheid aan de zijde van de “Derde Stand” en bepleitte op de eerste vergadering van de Conventie in 1792 de onmiddellijke afschaffing van de monarchie. In 1793 gaf hij zijn goedkeuring aan het doodvonnis, uitgesproken over Lodewijk XVI. Hiervan zei hij zelf: “Mijn ambt verbiedt mij om steun te betuigen aan bloedvergieten, maar dit vonnis is gerechtvaardigd.” Overigens zou zijn eis tot afschaffing van de slavernij er een jaar later door komen. En in 1795 bewerkstelligde hij de godsdienstvrijheid, waardoor zijn eigen kerk, de Rooms-katholieke, het karakter van Staatskerk verloor. Het mag niet verrassend heten dat deze man later, bij het aanbreken van een rustiger periode, door de paus uit zijn ambt is gezet. Toch voelde hij zich zijn hele verdere leven Rooms-katholiek geestelijke, zij het dan één die oog had voor de maatschappelijke verhoudingen in al hun onvolmaaktheid. Hij was wellicht te ver meegegaan in het revolutionaire streven, maar had dit in ieder geval gedaan omdat hij had nagedacht over hetgeen hij om zich heen zag, met andere woorden: hij had oog voor de praktijk gehad. Velen van zijn ambtsgenoten, katholiek of protestant, die in de theorie waren blijven steken, hebben mogelijk nooit de voeling met hun gemeenteleden gekend zoals een religieus als hij die kende. Ook al week hij dan af van de officieel vastgestelde leer.   Pragmatisch christendom betekent tevens: oog hebben voor de actuele situatie en daarnaar weten te handelen. En dit was bij uitstek weggelegd voor diegenen, die de Verlichting en zelfs de Revolutie wisten te begrijpen én te doorgronden.

Behoudend christendom in de 19e eeuw

Na ca. 1815 behoorde zowel de Franse Revolutie als het Napoleontische Tijdperk tot het verleden. Europa maakte zich op voor een nieuwe fase. De Verlichting, die in de voorgaande eeuw zo’n belangrijke rol had gespeeld, begon aan betekenis te verliezen. Eerder gedane uitvindingen werden verbeterd en langzamerhand getransformeerd tot machines. Thans diende zich een nieuwe Revolutie aan: de Industriële Revolutie. Er stond een nieuwe, grootburgerlijke, klasse op, die economisch én sociaal de touwtjes in handen zou gaan nemen: de klasse der ondernemers.

En het christendom? Ook dat kreeg weer meer grond onder de voeten. Vooral de kleine ambachtslieden van voorheen, die generaties lang van hun – zelfstandige – huisarbeid hadden geleefd, zagen door de industrialisatie hun broodwinning meer en meer teniet gaan. Om aan de kost te komen, raakten ze gaandeweg op arbeidsplaatsen in de fabrieken aangewezen. Maar de lonen waren laag, de arbeidsomstandigheden zonder uitzondering miserabel. Er moest wel een middel gevonden worden om onlustgevoelens zoveel mogelijk te vermijden. En dat vond men dus door de arbeiders ‘troost te laten putten uit het geloof’.                                                                                                                                                                 Zeker door de werknemers die zélf een geloof aanhingen, en dat waren er niet weinig; de geloofsbeleving was sinds ca. 1800 onder álle lagen van de bevolking weer toegenomen en de kerkgang werd gestimuleerd. Tegelijkertijd werd de verzuiling in gang gezet: iedere werkgever nam in principe werknemers aan van zijn eigen gezindte. Mensen van verschillende richtingen werden zowel in de werk- als in de privésfeer niet eens geacht met elkaar om te gaan.                                                                                                                               Men hield zijn relaties binnen de eigen ‘Zuil.’ Overdag op de fabriek, ’s zondags in de kerk.   En in de kerk luisterde men naar de priester of de predikant, die in de eerste plaats berústing predikte……                                                                                                                       Dat rangen en standen “van God gegeven” waren, werd reeds vele eeuwen gepredikt en niet alleen door de Rooms-katholieke kerk: behalve de Quakers en de Mennonieten waren eigenlijk alle sinds de Reformatie ontstane gezindten het rangen- en standenprincipe toegedaan. Zodoende werd op zon- en feestdagen vanaf bijna alle spreekgestoelten wel regelmatig opgeroepen tot ‘respect’ – zelfs het woord ‘eerbied’ werd veelvuldig gebezigd –  voor de ‘meerdere’. Deze eis werd bedroevend eenzijdig gesteld: van de kerk uit was er meestal totaal geen controle op de houding van de werkgever naar de arbeiders toe. Bij arbeidsongeschiktheid door ziekte of ongeval hoefde men al te vaak niet op enige tegemoetkoming door de “patroon” te rekenen en was het gezin aangewezen op de bedeling door kerk of gemeente. Deze ‘liefdadigheid’ was niet zelden schamel en had bovendien een vernederend, bevoogdend karakter. De nederigheid werd er zowel door de bezittende klasse als door de kerken systematisch ingestampt teneinde elke vorm van rebellie bij voorbaat de kop in te drukken. Opstandigheid werd bovendien door de kerken, heel geraffineerd, betiteld als een ‘doodzonde´. Wel was met name de organisatie binnen de Rooms-katholieke kerk inmiddels principiëler geworden.  Al tijdens de 18e eeuw had zich dit proces ingezet en thans, in de verburgerlijkte, verpreutste 19e eeuw had het celibaat écht vaste grond onder de voeten gekregen. Men besefte: alleen seksualiteit binnen het huwelijk. Dus aangezien religieuzen niet mochten huwen, moest van seksualiteit écht totaal worden afgezien, óók door de top, de paus en de kardinalen. Openlijke concubinaten en buitenechtelijke kinderen werden niet langer getolereerd.

Het hielp in zoverre, dat dit alles volkomen onzichtbaar werd. Er werd noch in noch buiten de kerk over gesproken, conform het hele Victoriaanse Tijdperk, dat de 19e eeuw kenmerkte. Doodzwijgen, evenwel, is niet hetzelfde als uitroeien. Met de beerput, die eind jaren ’80, begin jaren ’90 van de 20e eeuw zou worden opengetrokken, werd mogelijk een definitief begin gemaakt in deze jaren van tentoongespreid fatsoen en grootschalig zwijgen. Onvoorstelbaar is achteraf het leed geweest dat zich, onzichtbaar voor de buitenwereld, voltrok binnen de instituten, waarover de religieuzen het gezag voerden: de hospitalen,de scholen, de internaten,  de weeshuizen……Kinderen vormden een gemakkelijke prooi. Kinderen waren onmondig. Zeker gedurende de 19e eeuw werden zij grootgebracht als objecten, die ‘slechts gehoord en niet gezien dienden te worden’. Men waakte over hun fatsoen en hun onschuld (dácht men), men voedde en kleedde hen naar vermogen en dat was het, veelal. Er werd met kinderen weinig gepraat en al helemaal niet over seksualiteit. Vermeende vergrijpen tegen de zeden werden niet zelden hysterisch streng afgestraft. Wat tegelijkertijd de volwassenen met hen deden, kwam echter zelden of nooit aan het licht. De volwassenen hadden het voor het zeggen. En het kind dat zo vermetel was zich uit te spreken, werd bijna nooit geloofd…..                                                                                   Alhoewel het voor de hand ligt dat de meeste gevallen van misbruik zich voordeden binnen de katholieke kerk met haar gefrustreerde celibataire geestelijkheid, komen in deze tijd tevens steeds meer gevallen van misbruik en perversie aan het licht binnen protestantse gelederen. Men was door de tijdgeest gefrustreerd en lamgelegd; men zocht een uitweg. Waarschijnlijk wanhopig…. De frustraties hierover werden, zoals immer, afgereageerd op de zwakken en de afhankelijken.

Het schrijnendste geval in dit opzicht is en blijft echter het bestaan van de Ierse “Magdalena-huizen” voor ‘gevallen vrouwen’.  Men móet hier wel spreken van ‘Ierse’. Weliswaar werden dergelijke instellingen vanaf het midden van de 19e eeuw overal in Europa gevestigd, maar geen van hen heeft zich in dezelfde mate schuldig gemaakt aan wederrechtelijke vrijheidsberoving als de vestigingen in Ierland. De katholieke vrijheidsstrijd die Ierland voerde tegen het Anglicaanse Engeland had zo’n onvoorstelbare loyaliteit jegens de Rooms-katholieke Kerk bewerkstelligd, dat de kerk in alle opzichten vrij werd gelaten, zonder enige vorm van controle. Zéker hier ontbrak die. Met de oorspronkelijke doelstelling – opvang van ongehuwde moeders en prostituees – werd volkomen de hand gelicht: meisjes en jonge vrouwen werden hier om de meest uiteenlopende futiliteiten door hun familie gedumpt, al naar gelang  het hysterisch-devote gehalte van die familie ;verkracht zijn of zelfs flirtgedrag vormden reeds een aanleiding. Het allerergste was echter nog dat men ze totaal niet meer liet gaan: henzelf werd vertel dat ze slechts ‘ontslagen’ konden worden op verzoek van een meerderjarig familielid, dat hen persoonlijk moest komen halen. Hoewel de vrouwen dat recht waarschijnlijk wel zelf hadden bij het bereiken van de meerderjarigheid werden zij hiervan niet in kennis gesteld. En de Staat greep niet in. Duizenden vrouwen zijn op die manier levenslang door de Congregatie van de Zusters van Liefde, die de scepter zwaaiden over de Magdalenahuizen, gegijzeld en als onbetaalde arbeidskrachten misbruikt in de wasserijen die door de nonnen op commerciële basis werden gerund. Bij hun overlijden werden zij in nagenoeg anonieme graven begraven. Een ander schokkend feit in dit verband is, dat dit alles, midden in de 19e eeuw begonnen, kon doorgaan tot eind 20e eeuw! Pas in 1996 werd de laatste Magdalene Laundry gesloten, waarna in de kloostertuin een groot aantal anonieme graven werden ontdekt en voorts  nóg het één en ander pas goed aan het licht kwam. Een misdaad tegen de mensheid. Helaas had het christendom er, even zo goed als de islam, méér op haar geweten.

Thans rijst de vraag: Waren zij er dan in het geheel niet meer, de katholieke en/of Reformatorische geestelijken met zuivere intenties, die het ambt om de juiste redenen hadden aanvaard, zich niet verloren in bigotterie en zodoende in staat waren het geloof op de goede manier uit te dragen en de zwakkeren in de samenleving werkelijk tot steun te zijn?

Screenshot_32

Petrus Norbertus Donders

Het antwoord: Ze waren er. Maar dik gezaaid waren ze helaas niet. Er is overigens wel een voorbeeld aan te halen van zo’n religieus van de goede soort in de persoon van Petrus Norbertus Donders  (27 okt. 1809 – 14 jan. 1887) die, als arme weverszoon, met (halfslachtige) hulp van de kerk op 31-jarige leeftijd de priesterwijding in ontvangst mocht nemen en lange tijd in een leprakolonie te Batavia (Suriname) werkte. Tijdgenoten beschreven hem reeds als een rondborstige Brabander, goedgemutst, praktisch en wars van zalvende taal, maar die er voor zijn beschermelingen, de leprozen, altijd was. Zonder er ooit een woord aan vuil te maken. Een kerel uit één stuk. Maar een aanzienlijke uitzondering. Een tijd die zó nadrukkelijk gericht is op uiterlijke zaken als goede zeden en fatsoen en onvoldoende op de ware, innerlijke intenties, tevens een tijd waarin sociale misstanden en uitbuiting als normaal werden beschouwd krijgt ook de zielzorgers die zij verdient. De islam was juist in die periode grotendeels afwezig in Europa, wat een gelukkige omstandigheid mag worden genoemd: het christendom was prominent aanwezig, maar had op dat ogenblik helaas niet het tegenwicht kunnen bieden dat voor de samenleving werkelijk iets uitgemaakt zou hebben. Daarvoor maakte het té veel vergelijkbare fouten.

De moeizame weg naar het pragmatische christendom

En daar was hij dan: de naoorlogse periode van de 20e eeuw. Verscheidene revoluties en twee wereldoorlogen hadden het sociaal-maatschappelijke landschap een metamorfose doen ondergaan; niets leek meer vanzelf, hoezeer het dat ooit ook geweest mocht zijn. De jaren tussen ’45 en ’55 stonden in het teken van de ‘restauratie’, waarbij en passant pogingen werden gedaan om tevens de oude verhoudingen, inclusief de religieus/maatschappelijke “Zuilen”, in hun oude glorie te herstellen. Hoewel dat aanvankelijk leek te lukken, bleek na enige tijd dat zeker de jongere generatie hierop niet zat te wachten.                                                                                                                                     Oorlogen brengen altijd verandering teweeg. Men léért allicht iets van de ingrijpende, hectische periode en ontgroeit de oude waarden. En, wat vroeger ondenkbaar geweest was, met name de jongeren begonnen vraagtekens te zetten bij het “Geloof.” Waarbij zij overigens ook werden aangemoedigd door de subculturen, die reeds vanaf de jaren ’50 ontstonden. Sinds begin jaren ’60 liep het aantal kerkgangers al terug, de zeer behoudende ‘bevindelijke’ gemeenten daargelaten. Maar zeker qua aantal vormden zij toen reeds een randverschijnsel.                                                                                                                                   Ook  binnen de katholieke kerk verminderde het aantal praktiserenden, terwijl zich daarenboven nog het unieke verschijnsel ‘Kerk in Beweging’  voordeed. Dit mede op initiatief van de in 1958 gekozen ‘tussenpaus’ Johannes XXIII (Angelo Giuseppe Roncalli) die, ondanks zijn hoge leeftijd,  genoeg psychische energie bleek te hebben om het 2e Vaticaans Concilie bijeen te roepen met als doelstelling liturgische vernieuwing. De Nederlandse Kerkprovincie pakte dit dermate overenthousiast op, dat zij binnen de kortste keren eigen initiatieven aan het Romeinse toevoegde, die  overigens niet door Rome zouden worden ingewilligd: De doelstellingen van de als paddenstoelen uit de grond geschoten kritische bewegingen – waarin zich zowel priesters als leken verenigd hadden – waren voor het Vaticaan een brug te ver: behalve afschaffing van het celibaat kwam tevens openstelling van het priesterambt voor vrouwen aan de orde. Beide zijn tot op heden nooit gerealiseerd.

Screenshot_31

Johannes XIII

Het vernieuwingsstreven van deze progressieve geestelijken moet echter niet worden verward met pragmatisme. Het was eerder conformisme, aan de tijdgeest in dit geval.  Men kan het zelfs beschouwen als een ‘ruk naar links’ en het hoeft geen betoog dat dit progressieve katholicisme, was het probleem toen al aan de orde geweest, niet bepaald een duidelijk antwoord zou hebben gehad op de dwingende opstelling van de islam. We komen daar later nog op terug.                                                                                                                       In hetzelfde tijdvlak  vond er binnen het protestantisme juist een tegengesteld initiatief plaats in de vorm van de oprichting van de Evangelische Omroep (EO). Een groep behoudende protestanten achtte een dergelijke nieuwe omroep gewenst vanwege het naar hun smaak té algemeen geworden karakter van de NCRV. Inderdaad was het karakter van de nieuwe (aspirant)omroep – gerealiseerd tussen 1965 en 1970 – onmiskenbaar evangelisch. Zeker in het prille begin klonk in elk programma dat de omroep uitzond ‘de boodschap’ door, tot in de kinder- en jongerenprogramma’s  toe. HP/de Tijd-medewerker Ton van Dijk merkte begin jaren ’80 ooit op dat het ‘blije’ karakter van de EO-jongerendag volgens hem nauwelijks louterend kon werken, “want het bleef toch dansen in een strak korset.” Dat was een rake typering, aangezien de sfeer van die jongerendagen, zelfs bekeken in de huiskamer voor de buis, bezwangerd leek van ‘overgave aan de Here’ en “ware liefde wacht.’ (tot de huwelijksnacht, wel te verstaan.). Niet bepaald een remedie voor onbekommerd feestvieren. Na enige tijd stortte de EO zich tot overmaat van ramp op Amerikaanse familieseries als “De Waltons” (bij vergissing aangekocht door de TROS en walgend weer afgedankt ten gunste van de EO) en “Little House on the prairie.” Series waar het gezinssentiment van afdroop, maar die tegelijkertijd propageerden dat kinderen op z’n tijd een pak slaag verdienden. Met de riem. Overblijfsel van het Amerikaanse puritanisme en kennelijk zag de EO daar evenmin been in. Men kan het opvatten zoals men wil, maar met, bijvoorbeeld, het geval Goldschmeding in het geheugen lijkt het alleszins raadzaam om met betrekking tot christelijke vormen van pedagogiek de vinger duurzaam aan de pols te houden. Een progressieve koerswijziging en een conservatieve koerswijziging, kruislings tegen elkaar in. En vervolgens weer een vergelijkbaar patroon in tegengestelde richting: met de jaren greep Rome in de Nederlandse Kerkprovincie in. Er werden bisschoppen van behoudender signatuur benoemd, de priesteropleidingen werden weer onder de hoede van ouderwets-degelijke seminaries geplaatst. Wie de opleiding dáár metterdaad afrondde, kwam er niet langer uit als een vernieuwingsgezind zielzorger. Intussen hadden vele katholieken de kerk definitief de rug toegekeerd en degenen die bleven  mopperden eerst wel……maar allengs minder. Zoals voor de oorlog zal het niet meer worden; zo af en toe haalt deze of gene parochie nog wel eens het nieuws met een opstootje, ontstaan door onvrede met het beleid van de één of andere pastoor . Zeer veelvuldig vindt dat echter ook niet meer plaats: Zij, die katholiek gebleven zijn, berusten langzamerhand. Binnen het behoudende protestantisme worden de bakens eveneens weer verzet: schoorvoetend (en trouwens niet zonder druk van buitenaf) zet het meest bevindelijke bolwerk, de SGP, haar deur iets verder op een kier naar een wat meer zichtbare rol voor de vrouwen binnen haar gelederen. Ook binnen de EO zijn tekenen van vernieuwing zichtbaar: enige jaren geleden moest kopstuk Andries Knevel toegeven niet langer achter de leer van het creationisme te kunnen staan…..en werd door de omroep gehandhaafd. Er werden programma’s geïntroduceerd die waarachtig níet langer doordrenkt waren van “Het Woord” zoals ‘Het Familiediner’ van Bert van Leeuwen en het actualiteitenprogramma ‘Knevel en van den Brink.’ Hoe men ook mag denken over de opzet en aanpak van dat laatste, het heeft  wél, voor zover mogelijk, een neutraal mainstream media-karakter zonder openend en/of afsluitend gebed, zogezegd.

Alle strubbelingen van de afgelopen jaren ten spijt, en hoewel niet langer allesomvattend, het christendom ís er nog. Maar haar grote tegenstander door de eeuwen heen, de islam, is er óók. EN is bovendien gedurende de laatste decennia aanzienlijk dichterbij gekomen. Wanneer men nu stelt dat het christendom in haar meest pragmatische vorm het meeste recht van spreken heeft ten opzichte van de islam en hem het beste zal kunnen weerstaan, is het zaak om duidelijk vast te stellen wat wij daar precies onder moeten verstaan: allereerst is een pragmatisch christen (priester, predikant of leek) NIET hetzelfde als een vooruitstrevende christen. Hij kán in principe net zo goed een conservatieve grondslag hebben.  Bij een pragmatisch christen onderscheidt men de volgende kenmerken:

– Hij is zich zeer goed bewust van zijn eigen principes, maar beseft tevens dat het ZIJN principes zijn en niet die van een ander.

– Over zijn geloofsovertuiging laat hij zich alleen vrijelijk uit onder gelijkgezinden. Daarbuiten doet hij dat slechts als het hem nadrukkelijk wordt gevraagd.

– Wordt er iets van hem gevraagd dat absoluut tegen zijn geloofsprincipes indruist, dan weigert hij dat vriendelijk, maar beslist. Hij kan dat kort toelichten. Een uitvoerige toelichting geeft hij alleen op nadrukkelijk verzoek.

– Hij beleeft zijn geloof op ingetogen wijze en schermt – zeker niet tegenover andersdenkenden – níet met, bijvoorbeeld, “Gods Wil.”

– Hij kan zich misschien ergeren aan de manier van anderen om zich uit te drukken – vloeken en dergelijke – maar weerstaat zo goed mogelijk de neiging om er openlijk aanstoot aan  te nemen.

– Hij probeert nooit, een andersdenkende te bekeren

– Hij beseft dat zijn geloof, hoe belangrijk ook voor hemzelf, niet alleenzaligmakend hoeft te zijn voor een ander

– Een bepaalde uiterlijke verschijningsvorm (bv. toog, monnikspij) kan weer wél; als hij bovenstaande omgangsvormen voldoende beheerst zal ook de – redelijk ingestelde andersdenkende – hem zelfs in vol ornaat respecteren.

Al klinkt dit alles nog zo logisch en vanzelfsprekend, de consequente navolging van de hierboven beschreven levenshouding kost de meeste christenen behoorlijk wat moeite. Daar is aan de ene kant het Geloof dat de belijder zó blij maakt en dat hem – naar zijn ervaring – zoveel troost biedt, en aan de andere kant het vereiste om dit moois met zulke grote terughoudendheid uit te dragen.                                                                                             Velen kunnen dit niet. Zij zijn vol van het eigen innerlijke geluk en gunnen dat, naar eigen zeggen, ook aan anderen. Hoewel dit meestal in alle liefde geschiedt, met de beste bedoelingen, valt het niet zelden totaal verkeerd. Andersdenkenden hebben dikwijls in dit opzicht bepaalde ervaringen achter de rug, meestal opgedaan tijdens de jeugd, toen zij door hun ouders/opvoeders tot kerkgang en gebed gedwongen werden, terwijl zij er zelf, om welke reden dan ook, niet langer voor voelden. Het werkt als een “trigger” om daar later dan weer ongevraagd mee te worden geconfronteerd, met als gevolg: irritatie en afweer. De pragmatische christen heeft het in zich ofwel heeft zich aangeleerd hiermee rekening te houden en niemand iets op te dringen.                                                                                             Zeker in deze tijd is dit geen overbodige luxe en zelfs noodzaak, daar zowel christenen als andersdenkenden zich geconfronteerd zien met een gemeenschappelijke vijand, de islam, die zij samen dienen te bestrijden. Met dat doel voor ogen is het zaak dat onderlinge wrevel en tweedeling zoveel mogelijk vermeden worden. De  christen die dit  inziet en zich afvraagt hoe hij zich het pragmatische christendom het beste eigen kan maken, heeft er wellicht iets aan om zich het volgende voor ogen te houden: hij weet hoe dan ook zeker dat hij níet wenst te vervallen in de fouten die de islam kenmerken. Welnu:

– Het is de islam die bepaalt dat zijn volgelingen vanaf hun geboorte moslim zijn en dat het maken van een andere keuze hen levenslang niet is toegestaan.

– Het is de islam die bepaalt dat zijn volgelingen hun leven lang slechts één God (Allah) aanbidden.

– Het is de islam die zijn volgelingen voorschrijft elkaar nauwgezet te controleren op het naleven van de Koranregels en het nakomen van alle andere islamitische verplichtingen.

– Het is de islam die de homoseksuele geaardheid veroordeelt, de homoseksuelen uit de gemeenschap verjaagt en hen in het ergste geval naar het leven staat.

– Het is de islam die bepaalt dat de man “het hoofd” is van de vrouw, dat de vrouw aan de man gehoorzaamheid verschuldigd is en dat zij hem in alles moet volgen.

– Het is de islam die voorschrijft dat de opvoeding van kinderen er in de eerste plaats op gericht is om van hen goede, volgzame gelovigen te maken. Dat de opvoeding daartoe streng moet zijn en dat kastijding geoorloofd is.

– Het is de islam, kortom, die geen autonomie erkent en die eist dat de mens zich volkomen onderwerpt aan de wil van Allah. Ook de levensvreugde dient hieraan ondergeschikt te worden gemaakt.

Wanneer de christen dit alles tot zich laat doordringen, zich vervolgens de vraag stelt: “Wil ik de weg gaan van een islamiet?” en die vraag voor zichzelf met “nee” beantwoordt, heeft hij zich reeds een bruikbaar handvest verworven om te komen tot het pragmatische, verdraagzame, aanvaardbare christendom. Het christendom dat met iedereen kan samenwerken.

Zoals, zo men wil, Jezus Christus, de Man van Nazareth. De Messias, die Simon Petrus, de Mens Petrus, tot zijn opvolger verkoos. Samen treden wij de vijand tegemoet. Samen kunnen wij overwinnen.

Door:

Theresa Geissler

(voor www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in Christendom, Islam. Bookmark de permalink .

40 reacties op CHRISTENDOM EEN GOED ANTWOORD OP DE ISLAM? JA, MITS PRAGMATISCH

  1. angela zegt:

    Helaas staat nergens in de bijbel dat Jezus Petrus als zijn opvolger op aarde koos.In Mattheus 16 staat

    16 Simon Petrus antwoordde en zeide: Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God! 17 Jezus antwoordde en zeide: Zalig zijt gij, Simon Barjona, want vlees en bloed heeft u dat niet geopenbaard, maar mijn Vader, die in de hemelen is. 18 En Ik zeg u, dat gij Petrus zijt, en op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen.

    Het woord petra slaat terug op de gelofte die Petrus deed nl. Gij zijt de Christus. En op die woorden Gij zijt de Christus bouwt Jezus Zijn gemeente. Wat voor machtsblokken mensen ook vormen op christelijk gebied, zij zullen falen. Maar wie bouwt op Jezus die maakt fouten maar faalt niet.

    Like

    • Theresa Geissler zegt:

      Het pragmatische Christendom, dat behalve op religieuze- eveneens op humanitaire beginselen is gegrondvest, is dan ook niet altijd gediend met het al te letterlijk interpreteren van de Bijbel.

      Like

  2. Theresa Geissler zegt:

    Die openingsafbeelding is fantastisch goed gekozen, E.J.! Dank je wel!

    Like

  3. jowitteroos zegt:

    Misschien tijd dat Christenen alhier Islam eens zien voor wat het is en dat ook durven te uitten.
    De vijand bestrijd je door het eerst te erkennen als vijand.

    Vanuit wat voor een religie gezien dan ook, hoor ik mensen zeggen: Maar wat als je zo kritisch praat over Christenen of Joden of Boeddhisten, niet iedereen is hetzelfde………………

    Zo komen we dus geen stap verder. Erken Islam voor wat het is: kwaadaardige veroverings- ideologie die de wereld de oorlog verklaard heeft……..wakker worden a.u.b.

    Like

  4. Goed stuk vergeet niet de eeuwige strijd tussen het christendom en het Jodendom welk tussen 300 en 450 ontaarde http://www.scribd.com/doc/165995614/Joden-Vervolgen-christenen-Deel-1?2=0

    Like

  5. Tom Hendrix. zegt:

    Theresa Geissler, ik heb met open mond dit voldragen artikel gelezen, en stem er volledig mee in. Ik voel mij verbonden met de pragmatische, vrijheidslievende volgers van Christus. En ja, zowel christenen als niet-gelovigen hebben een grote vijand: DE ISLAM. Nog een kleine aanvulling als het mag Theresa, Voltaire had namelijk ook in zijn tijd contact met Frederik de Grote, der alte Fritz, van Pruisen. Frederik was, voor zijn tijd een verlicht despoot, die ervan genoot met filosofen te verkeren, dus ook met Voltaire. Nogmaals bewondering en hulde Theresa, goed gedaan!

    Like

    • Theresa Geissler zegt:

      Je hebt gelijk, Tom: Ik zei in die passage dan ook,dat Voltaire ONDER MEER in contact stond met Catharina de Grote; ik had er misschien nog een paar namen bij kunnen noemen, maar ja, het wàs al zo’n lap tekst, hè. Frederik de Grote behoorde zéker ook tot zijn bewonderaars. En nu we het er tóch over hebben: Ook Christiaan van Denemarken, die eigenlijk heel intelligent en gevoelig was, maar door zijn verantwoordelijke pedagoog, Reventlow, met behulp van een onmenselijke opvoeding geestelijk gebroken en tot waanzin gedreven was. (Willens en wetens, zodat de adel hem als marionet zou kunnen blijven gebruiken) Maar de ideeën van Voltaire raakten Christiaan. Dat hij amper nog besefte, dat hij het als koning eigenlijk voor het zeggen zou moeten hebben bleek uit de manier waarop hij er met een hoveling over sprak: “Ik ben er ten zeerste van doordrongen, dat de Heer Voltaire een voortreffelijk en hoogstaand mens is. Weet U wel, dat hij mij gesigneerde boeken heeft gestuurd? Mij!”
      Een op zichzelf innemend, maar in dit geval triest staaltje van bescheidenheid, vind je ook niet?

      Like

      • Tom Hendrix. zegt:

        @Theresa Geissler: 15.28. uur. Dat staaltje van bescheidenheid, waarvoor ik deze Christiaan hoogacht, zal nooit bij de Oranjekliek opkomen. Zo verheven boven het plebs voelen ze zich Theresa.

        Like

  6. Rudi zegt:

    Een huzarenstukje Theresa, hulde! Ik kijk vol spanning uit naar je volgende pennenvrucht.

    Ik begrijp het opzet van je artikel heel goed, Theresa, hier en daar toch een bedenking.

    “Deze ‘liefdadigheid’ was niet zelden schamel en had bovendien een vernederend, bevoogdend karakter.”
    Is bijstand door de staat iets anders? Het door torenhoge belastinggeld afgeperst van werkenden aan niet-werkend kiesvee uitdelen, is dat moreel zoveel beter?

    “Opstandigheid werd bovendien door de kerken, heel geraffineerd, betiteld als een ‘doodzonde´”
    Met de Franse Revolutie, de Terreur en alle vernielingen van kerken en kloosters en genocide (De Vendée) in die tijd nog vers in het geheugen, kun je dat de geestelijkheid kwalijk nemen?

    Want wat die Verlichting betreft, daar kan ik ook een boom over opzetten: uit de Verlichting komt het idee van ‘de maakbare mens en de maakbare samenleving’. En dat die idee regelrecht geleid heeft naar de Vendée, de werkkampen, de goelags en de vernietigingskampen, hoeft hier geen betoog. Die zoektocht naar aards geluk was voor tientallen miljoenen mensen allesbehalve een triomf van de rede. O, en Voltaire was een slavenhandelaar.

    De Katholieke Kerk heeft zich overigens in de negentiende eeuw niet afzijdig gehouden van het leed van de arbeiders, denk maar aan Rerum Novarum van Paus Leo XIII
    Terwijl de socialisten aan hun eigenbelang dachten: kinderarbeid afschaffen want dan verdienen de arbeiders meer, het vrouwenstemrecht werd in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw tegengehouden door de socialisten uit schrik dat vrouwen eerder conservatief zouden stemmen.

    Van de teloorgang van het christendom heeft de islam geprofiteerd. De islam heeft zich knus genesteld, ook demografisch, in het vacuüm dat er ontstaan is door na de Tweede Wereldoorlog, en vooral na 1968 het gezin af te schaffen met echtscheiding en abortus. En wat blijkt? Over heel de Westerse wereld oefent de islam aantrekkingskracht uit, net vanwege die regeltjes en houvast die men er schijnt te vinden.

    In de Verlichting krijgt ook de Oikiofobie zijn vorm, het wegmetonsisme. Geschiedenis wordt een wetenschap en is er vooral op gericht het Westen een schuldgevoel te geven. Kijk eens hoe vreedzaam en tolerant de niet-westerling is, roepen de historici. De ‘nobele wilde’ wordt geboren. Of die nobele wilde nu kannibaal is, haremeigenaar, slavenhaler of een naburig volk heeft uitgeroeid, dat doet er allemaal niet meer toe. Leve de andere kant van de heuvel! Weg met ons!

    En dat wegmetonsisme zit nog steeds vervat in onze huidige politiek, media en onderwijs. Of een pragmatisch christendom daar veel aan zal veranderen is nog maar de vraag.

    Like

    • Theresa Geissler zegt:

      Alles heeft altijd twee kanten, Rudi: Ik beweer zeker niet, dat de Verlichting perfect was. Wat jij aanhaalt van de ‘maakbare mens’ was er inderdaad óók een aspect van, evenals het wegmetonsisme, hoewel ik het idee heb, dat zich dat in de 18de Eeuw minder sterk profileerde als heden ten dage. En je zegt: voltaire was een slavenhandelaar. Klopt. Maar Henri Grégoire
      was juist het tegenovergestelde: Hij heeft er voor gezorgd dat de slavernij in de Franse koloniën werd afgeschaft.Nieuwe ideeën kunnen vaak meerdere kanten op, al naar gelang ze worden geïnterpreteerd. Aan de andere kant heeft de Verlichting ergens wel haar nut gehad omdat ze ‘beweging’ inhield, ook in verband met de vele nieuwe ontdekkingen. Dat was echt wel noodzakelijk: De mensheid kon niet eeuwig het idee aanhouden, dat ze haar hele lot in Gods Hand moest blijven leggen, want dan waren we nog even ver geweest als de moslims nu.
      En wat de hedendaagse vorm van ‘bijstand’ betreft: In principe heb je gelijk, maar tóch ben ik er van overtuigd dat de 19de Eeuwse vorm van ‘liefdadigheid” nog schrijnender was en het soort bevoogding in zich droeg, waar we tegenwoordig niet meer aan zouden beginnen. Wat trouwens ook helemaal niet meer kàn. Het gaat ook om de vormgeving, hoe vernederend die is. En dat was èrg, in de 19de Eeuw.
      En nee, ergens kon je de Geestelijkheid niet kwalijk nemen, dat de schrik ze in de benen zat. Jammer echter, dat dat vaak niet hun enige beweegreden geweest is. Dat er wel degelijk iets in zat van vasthouden aan het rangen- en standenprincipe en het -verkeerde- idee, dat Armoede van God gegeven was. Dat ontsloeg in de praktijk de welgestelden te veel van hun morele verplichtingen. -En dat het ook anders kon, bewees een man als Petrus Donders.
      Tot slot: Nee, een pragmatisch Christendom is geen garantie voor optimale samenwerking in de strijd tegen de Islam. Maar enige vorm van samenwerking moet er wel zijn. En dan zal dat, volgens mij, toch beter en met minder strubbelingen verlopen, dan, bijvoorbeeld, met een fundamentalistisch Christendom, waarvan de vertegenwoordigers te pas en te onpas met Het Woord lopen te schermen en morele druk lopen uit te oefenen op andersdenkenden. Ten eerste: Daar komt binnen de kortste keren de grootste tweedeling van en ten tweede: Dat is precies wat de Islam eveneens doet.
      En je zult het met me eens zijn, dat dàt niet de bedoeling is.

      Like

  7. Do not call an old pyroman to play fireman…. Monotheism is by definition non-tolerant ! We have an answer for Northern-Europe : http://www.HansaSeminar.zxq.net and Church of Gotland on Facebook…

    Like

  8. bigljohn zegt:

    Een hele dikke pil om te lezen. Maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat ons christendom, wat duizenden jaren oud is, nu in een tijdsbestek van enkele tientallen jaren afgebroken wordt door ons eigen toedoen, en door de wereldwijd steeds grotere invloed van de Islam. Iedereen ziet wat er met Europa aan het gebeuren is. We zijn toch niet stekeblind, is het wel ? Alsmaar toegeven aan die Islam, en zoveel mogelijk moslims hier naartoe laten komen. Dat willen wijzelf, door alsmaar te blijven stemmen op Eurovriendelijke en linkse politieke partijen. Wil dit allemaal nog goed komen, dan is er een Godswonder voor nodig. Concluderend kan ik zeggen dat het feit daar ligt, dat het christendom na duizenden jaren over een 20 a 30 jaar volledig verdwenen zal zijn door voornoemde feiten. Het is niet anders, eerlijk is braaf. Eigen schuld, dikke (pijnlijke) bult !

    Like

    • Tom Hendrix. zegt:

      @bigLjohn: 13.58. uur. De afzwakking van onze joods-christelijk-humanistische samenleving, hebben we vooral te wijten aan het marxistisch cultuurrelativisme John! En de partijen die hier het meest werk van hebben gemaakt zijn de socialisten en de liberalen.
      Op zich ben ik het uiteraard met je eens, dat we nu op een “hellend vlak”, zijn aangeland.
      Maar mede door politici van deze afkomst, en het weifelende meebuigende CDA, zitten we nu met de rotzooi van de ISLAM en de MASSA-IMMIGRATIE te kijken. Laat volgende week zaterdag massaal blijken dat we het spuugzat zijn! Het roer moet om, en wel finaal!

      Like

  9. luckybee zegt:

    Ik weet het niet maar Jezus Christus heeft in Johannes 4 De SAMARITAANSE VROUW vers 1-30.die verschillende kinderen kreeg van verschillende Mannen, de vrouw niet veroordeeld, maar beloond door dat hij haar beloofd van zijn water te drinken.Dat is volgens mij geen bestraffing, maar een beloning.
    Dat wij mensen allemaal gelijk zijn, staat in Matheus 20 DE ZONEN VAN ZEBEDEUS vers 20-28.Daar om hebben wij de adel stand afgeschaft, om ons dan van Slavernij te beschuldigen is een grove leugens.Ook dat wij Indonesie hebben gecolloniceerd , is een befel dat uit Wenen kwam , bij de besluiten van het Wener congres.Wij waren niet eens uit genodigd.De adels dat wij nu hebben zijn grotendeels Napoleons parvenues dat geen bloedband hebben met de oude Frankische Adel.Die het wel hebben, hebben de Jacobijners grondig uitgeroeid , met de guilottine.Zo grondig dat Napoleon voor zijn hof nieuwe adels moeste creeren, de parvenue’s.

    Like

  10. Martien Pennings zegt:

    Het is bijna een handboek “Geschiedenis van het Christendom” Theresa.
    Ik leer (opnieuw) een paar dingen die ik nooit geweten heb of vergeten was.
    Ik zal de tekst nog wel een aantal keren moeten lezen.
    Je grote punt onderschrijf ik natuurlijk: als we het allemaal eens kunnen worden binnen een pragmatisch cultuur-christendom (dat zich zelfs niet eens als zodanig benoemt, ook de felle “atheïsten” kan omvatten én dat de islam herkent als de existentiële vijand) dan zouden we een stuk verder zijn.

    Like

  11. danny zegt:

    Als atheist heb ik de pest aan iedere vorm van geloof. De wereld is beter af zonder welke vorm van geloof dan ook, maar als je bedoelt in god geloven zonder anderen lastig te vallen, mag men die vrijheid van mij hebben. Maar het Fundamentalistisch christendom zoals die veelal in de VS beleden wordt, vind ik ronduit verwerpelijk. Verder wil ik zeggen dat ik de artikelen van dhr. Bron zeer verhelderend en duidelijk vind. Ik volgde u stukken ook al bij de Amsterdam Post. Helaas zijn deze stukken nergens te lezen bij de reguliere media. Het zou voor velen echte eye-openers zijn. Ga zo door heer Bron!

    Like

  12. oogenhand zegt:

    Reblogged this on oogenhand and commented:
    “Pragmatische” Christenen = Seculiere i.p.v. islamitische dhimmi’s.

    Like

  13. Dr. Kwast zegt:

    Volgens mij is het christendom een leef wijzen , die door het katholicisme is verpest en nog steeds verder wordt verwoest. Met alle gevolgen van dien.

    Like

  14. Dr. Kwast zegt:

    Overegens knap werk om zo’n stuk te schrijven. Mijn dank.

    Like

  15. Wachteres zegt:

    Heel interessant, Theresa, een geschiedenis in vogelvlucht en toch erg leerzaam.

    Zelf hebben wij de film over de Magdalena sisters: Gruwelijk, ik kon het verhaal niet in een keer afkijken en heb er zeker twee keer over gedaan. Anders was het mij emotioneel te veel geworden.

    Uit de geschiedenis blijkt dat niet ‘godsdienst’ in het algemeen het probleem is, maar wat mensen ermee doen.

    Persoonlijk geloof ik dan ook niet dat het mensdom beter af is zonder godsdienst, ik zie dat ‘betere’ zich niet ontwikkelen in landen waar godsdienst verboden is. Het wezenlijke probleem is dat de meeste mensen niet met macht om kunnen gaan en met of zonder godsdienst zie je in de praktijk daar de dictatoriale gevolgen van.

    Allereerst moet er absoluut scheiding van kerk en staat zijjn en de macht moet nooit in handen van een paar mensen liggen. Ook op godsdienstig gebied geldt dat je je verstand niet als een mantel moet afleggen, als je je daarmee bezig houdt, Elk mens is ZELF verantwoordelijk voor wat hij denkt en doet. In bepaalde godsdienstige richtingen worden zelfstandig denkende wezens niet geaccepteerd, wij weten daavan mee te praten, en dan moet je maken dat je wegkomt.

    Een pragmatisch christendom, zoals jij dat beschrijft, lijkt me een oplossing om met anderen te kunnen samenwerken. Maar dan moeten het wel mensen zij die ook op dezelfde manier kunnen denken en handelen.

    De moslims en de islam horen daar alvast niet bij. Ze mogen in godsdienstig opzicht niet zelfstandig denken en derhalve er ook geen eigen[zinnige] gedachten op nahouden.

    Like

  16. lucky9 zegt:

    Reuzegoed werk Theresa.

    Als objectivistisch atheïst pleegde ik begin dit jaar een stukje ( http://nageltjes.be/wp/?p=1668) onder de titel: “De vrijzinnige moslim.” In maart publiceerde onze vriend Stradi een vierdelig artikel onder de titel “De religieuze concurrentiestrijd.” beginnend met http://nageltjes.be/wp/?p=1853

    Onder de titel “De islam is een ideologie van slavenhouders.” ( http://nageltjes.be/wp/?p=543 ) trachtte ik voordien al duidelijk te maken dat de middeleeuwen helemaal geen periode van stilstand, duisternis of achteruitgang was, maar integendeel een buitengewone prestatie en het logische gevolg van de islamitische expansieoorlogen en permanente bedreiging van het christelijk Europa door de imperialistische islam, zoals gezegd een ideologie van slavenhouders maar tegelijk ook van migrerende nomadische rovers.

    Het legt logische verbanden en kan dienen als aanvulling en verduidelijking van uw korte paragraaf die begint met de zin “De Middeleeuwen waren streng en wreed.” Want de antieke wereld en die van het Romeinse rijk waren in vergelijking met de middeleeuwen in Europa mijns inziens veel wreder.
    De ware terreur kwam al die eeuwen altijd uit dezelfde hoek: de islamitische. Op de lange duur gaat men dat zo vanzelfsprekend en normaal vinden dat er zelfs niet meer over wordt gesproken noch geschreven. Diegenen die er lijfelijk mee werden geconfronteerd konden het nooit meer navertellen. Ofwel werden ze gedood ofwel werden weg gevoerd als slaaf.

    Zonder de opvolgers van de moordzuchtige profeet zou de geschiedenis helemaal anders verlopen zijn en pendelden we nu misschien al elke week over en weer naar Mars.
    Met een soennitische moslim-president aan het hoofd van de VS is dat uiteraard onmogelijk. Die ontketent veel liever een derde wereldoorlog.

    Like

  17. Henk.V zegt:

    Vanwege de lengte zal ik Theresa’s voortreffelijke poging tot het schrijven van een samenhangend en kernachtig overzicht van het christendom en het verbinden van conclusies daaraan een paar keer moeten doorlezen.

    Pas daarna kan ik er eventueel wat voetnoten bij maken.
    Het is een knap geschreven stuk, Theresa, zeker ook, wanneer je bedenkt welke doelstelling je hierbij voor ogen hebt: het geven van een afdoend antwoord op de islam.

    Dat uitgangspunt is juist.

    Ik weet het, hier ontmoeten vogels van diverse pluimage elkaar en vanuit dat verschil in gedachten wereld draagt ieder een steentje bij.
    De atheïst zegt alle religie is flauwekul.Gewoon er mee ophouden. Die reactie is te volgen. Maar wij weten dat het hele doen en laten van moslims is gerelateerd aan wat zij geloven en dat geloof verbindt zich aan hun interpretatie van hun god.
    En wanneer ik alle hedendaagse uitbarstingen zie van geweld, haat, moord, verkrachting, drang tot onderwerping van en minachting voor tweede- of derderangs medemensen , die zo geclassificeerd worden op basis van het geslacht dat zij hebben,en dat alles op grond van wat zij geloven, dan is er ALLE reden om tegenover deze opvattingen die van uit een bepaalde bron van inspiratie heten te zijn ontstaan krachtdadig aan te pakken en daar heel duidelijk heel andere opvattingen tegenover te stellen, waaronder het godsbeeld dat men in het christendom hanteert.

    Zelf ben ik een niet meer kerkelijk meelevend christen, maar wanneer ik zie dat moslims zich graag willen onderscheiden van ons westerlingen in gedrag en kleding, een beroep doende op hun god, dan is steeds mijn eerste gedachte dat het beeld dat ik van de joods christelijke God heb, onze maatschappij uiteindelijk veel ruimhartiger, socialer en menslievender heeft gemaakt en dat wij tezamen met de verrijkende positieve inbreng van humanistische medeburgers een maatschappij hebben kunnen opbouwen waaraan zeer afwijkende opvattingen over een woestijngod niets kunnen toevoegen.

    Nogmaals mijn compliment, Theresa!

    Like

    • Theresa Geissler zegt:

      Heel hartelijk dank, Henk! En passant haal je trouwens al een belangrijk aspect aan, zonder welk het pragmatische Christendom niet kan: Het Humanisme.
      Ofschoon het wel zo is, dat het pure Humanisme weer álle religie verwerpt -evenals, trouwens, alles wat met het imaginaire te maken heeft, zoals de sprookjeswereld- vormt het samen met een evenredig deel Christendom en een evenredig deel Jodendom juist de perfecte combinatie. Ik bedacht me: Je kunt het zien als een cocktail: Elk afzonderlijk element is te sterk, maar een mix van alle drie zorgt voor het perfecte drankje. En: Je kunt het net zo sterk maken als jezelf wilt.
      Onze voorouders werd die mogelijkheid nog niet geboden, de moslims nu nóg niet. Maar óns wel.
      En díe mogelijkheid moeten we aangrijpen. Het kan ons sterk maken!

      Like

    • Tom Hendrix. zegt:

      @Henk V: 19.10. uur. Stem in met jouw conclusies Henk. Ook ik vind, dat de mix van joods-christelijk – humanistisch, het perfecte decor vormt voor een vreedzame harmonieuze samenleving, die we dienen te verdedigen. Intolerant ten opzichte van intoleranten, dat vind ik t.o.v. de nazi ideologie- islam, wat GEEN GELOOF is, de juiste strategie. Helaas zien onze blinde politici dat niet in, buiten Geert Wilders en de PVV en de SGP! De nazi-ideologie islam heeft 278 miljoen slachtoffers gemaakt in 1400 jaar!

      Like

  18. Why independence, if the slaves of today will be the tyrants of tomorrow? http://en.wikipedia.org/wiki/Jos%C3%A9_Rizal

    Like

  19. reageerbuis zegt:

    Om een vuist te kunnen maken tegen de islam is het enerzijds noodzakelijk dat christenen uitkomen voor hun geloof en beter gaan samenwerken en anderzijds dat de kennis over de islam veel meer verbreid wordt. Mensen moeten weten wat Mohammed voor een man was, dat de islam niet-gelovigen, vrouwen en slaven minderwaardig acht en ze daarnaar behandelt, dat de islam zijn wetten ook aan niet-gelovigen wil opleggen, dat afvalligen de doodstraf verdienen, enz. Voor afvallige moslims moet het christendom met een liefhebbende God een veilige haven zijn.

    Like

    • Republikein zegt:

      Gaat niet gebeuren reageerbuis! Hulde aan Theresa.Klasse man. (geintje)

      Like

      • Republikein zegt:

        Theresa, zou dit stuk niet opgevoerd moeten worden aan “christelijke” scholengemeenschappen? Ik denk bv aan groep 7 en 8 van het basis, en daar aansluitend 1 en 2 in het voortgezet? Misschien verplicht?
        Shalom.

        Like

  20. Jade zegt:

    Wanneer ik op deze geweldige cartoon ben gestuit weet ik niet,
    maar reposten kan geen kwaad….
    https://ejbron.wordpress.com/2012/02/04/cartoon-arabische-lente/

    Like

  21. Auke zegt:

    Het blijft altijd jammer dat het atheïsme zich ziet als iets neutraals en boven alle twijfel verheven. Stalin, Mao en meer van dat soort gasten waren ook overtuigde atheïsten. Daarbij zijn het atheïsten/humanisten geweest die gezegd hebben dat alle religies gelijk zijn. (Behalve natuurlijk de atheïsten die zijn namelijk “neutraal”). Ook dit stuk ademt een soort beschouwend atheïsme uit, Jezus zou een islamiet vervloeken, net zoals een atheïst, hindoe, boeddhist of paganist. Het zijn afgodendienaars (ook atheïsten/humanisten, zij aanbidden de mens). Jezus was constant bezig om de satan in al zijn soorten gedaanten uit te werpen. Hij wierp boze geesten uit, noemde hoogwaardigheidsbekleders: duivels, kwam op voor hoeren en andere mensen aan de onderkant en bovenkant van de samenleving (tollenaars) en genas iedereen. Alles om te laten zien wat de mens is, wanneer God met de mens meeloopt.
    Iedereen die denkt dat Jezus in deze huidige tijd als een soort “Gandhi” zou rondlopen heeft en het OT niet gelezen en het NT niet begrepen. Het christendom is het lichaam van Christus. Wat heeft het christendom gedaan in de afgelopen 1.400 jaar. Men heeft gevochten tegen het islamitisch geloof. Zonder het christendom zouden we nu islamitisch zijn. Wat is er nog meer gebeurd? Het christendom heeft er voor gezorgd dat er optimale omstandigheden zijn geschapen om de wetenschap, zoals wij die nu kennen, mogelijk te maken. De basis van de wetenschap is gelegd in het christendom en nergens anders. Het christendom heeft 4x de slavernij afgeschaft: voor de romeinse slaven, voor de indiaanse slaven, voor de Afrikaanse slaven en voor de Europese slaven. Het atheïsme/humanisme parasiteert hier alleen maar op en verdraait graag deze waarheid, door te doen of de wetenschap er is gekomen door het atheïstisch/humanistisch gedachtengoed of dat de slavernij is afgeschaft door de verlichting. Dit is een grote leugen (men was zo stom om de slaven te dopen, ja dan moet je wel als mens worden beschouwd ). En Jezus is niet echt een fan van slavernij, want Hij is namelijk voor alle mensen gestorven en iedereen is voor Hem gelijk op de dag van het oordeel.
    Dat de atheïsten er nu achter komen dat het Christendom zo slecht nog niet is, is logisch. Alles wat atheïsten als “goed” beschouwen, is gejat van het Christendom. Naastenliefde, gelijkheid van mensen, goed doen voor de ander zonder er iets voor terug te willen, dit zijn kenmerken van Jezus, zijn dus Bijbels. Niet van de mens, kijk maar naar mensen die (God zij dank maar ca. 75 jaar), even zonder God aan het werk waren. Dat atheïsme/humanisme heeft in 75 jaar onnoemelijk veel mensenlevens gekost. Zelfs de islam is een religie van de vrede in vergelijking met deze atheïsten/humanisten. Het wrange is wel dat het geloof van atheïsme/humanisme wel voor de voordeur mag worden gedaan, maar dat het Geloof in Jezus achter de voordeur moet worden gedaan. Goh, waar zou een dergelijke gedachte vandaan komen?

    Like

    • Theresa Geissler zegt:

      Van de praktijk in de voorgaande tijdperken misschien?
      Als U ervan uit gaat, dat de mens niet volmaakt is, is het evenmin moeilijk om te erkennen dat er fouten zijn gemaakt door de eeuwen heen, zeker met betrekking tot de interpretatie van de Bijbel.
      En de grootste fout die je kunt maken is: Mensen te willen dwingen. Toch is dat door de eeuwen heen gebeurd. Het opmerkelijke is -hier ook weer- dat gelovige christenen feilloos de vinger op de zere plek weten te leggen, als móslims anderen willen dwingen, maar als zij in wezen hetzelfde doen, heet het opeens ‘het Woord uitdragen.’Ja, zult U zeggen, maar christenen doen niet aan bloedvergieten. Nu niet, nee. In het verleden wèl.En nog in de 19de- en zelfs in de eerste helft van de 20ste Eeuw werden kinderen gedwongen, “Het Woord” tot zich te nemen, d.w.z. de Cathechismus/Evangelisatie-lesjes van buiten te leren. Deden ze dat niet, dan werden ze geslagen en/of vernederd. Sorry, maar dat is dwang en bovendien is het làf. Het is alleen maar goed dat we dat hier, in de 21ste Eeuw, niet meer toelaten. Als dientengevolge veel mensen zich van het geloof afkeren omdat ze er nu eenmaal niets meer in zien en omdat ze niet meer geprest worden om er bij te blijven, het zij zo. De Quakers en de Amish doen het eveneens zo en de kern die ze op die manier overhouden staat tenminste oprecht achter hun ideeën dus daar hebben ze nog wat aan. Maar andersdenkenden bij elke gelegenheid Het Woord door de strot duwen moet je nu eenmaal niet doen. En als U nu zegt: Maar ik ben er zelf zo gelukkig mee, dan zeg ik op mijn beurt: Heel fijn voor U; houd die schat dan voor Uzelf. Heeft U er al bij stilgestaan, dat het ook op een andere manier kan? Door daden? Dat is uiteraard minder in het oog springend, maar je kunt er mooie overwinningen mee behalen. Ik heb zelfs een voorbeeld bij de hand: Van een Jezuïtische monnik in Neurenberg, Bruder Martin, gekwalificeerd als arts, die onder de daklozen gewoon zijn medische hulp verleende, zonder ooit het woord God -tegenover hèn- ooit te laten vallen zeiden die daklozen en alcoholici unaniem: “Bruder Martin? Zó’n Kerel! Voor een monnik is-tie zo kwaad nog niet!” Nou, misschien herkent U dat niet als zodanig, maar tóch was dat een belangrijke overwinning.
      Je moet het alleen op waarde weten te schatten.

      Like

      • Maloch zegt:

        Wat is dan de mate van overwinning als de buitenwacht zegt; “Bruder Martin? Zó’n Kerel! Voor een monnik is-tie zo kwaad nog niet!”? Dat die buitenwacht niet voor de schenen geschopt wordt?
        Maar dat heeft niks met het Woord of het Christendom te maken. De Christenen hebben het geloof niet gekregen om de wereld maar naar de mond te praten. Om anderen te strelen in het gehoor.
        Hun opdracht is ‘Maak Mij decipelen’ en dat kan op vele manieren (door het Woord/Evangelie maar ook door de levenswandel.)
        De volgers van Yeshua HaMassiach hebben een aanduiding meegekregen. Zij zijn en kunnen niet ‘het zoete/de zoetwaar’ zijn, zij zijn het zout in deze wereld. Het zout wat brandt en prikkelt als je het toedient op plekken die geheeld dienen te worden.

        Yeshua spreekt niemand naar de mond of naar het fijne gehoor. Zieltjes winnen (zo lijkt het vaak wel) heeft geen plaats in het Christendom. Die macht heeft de volgers van Yeshua nooit gekregen. Enkel de opdracht het geheel/het Evangelie kenbaar te maken. De rest is overmacht. Ieder individu moet zijn/haar keuze maken

        Vanuit Zijn Leer kan ook nooit ‘dwang’ ontstaan.
        Yeshua HaMassiach spreekt vanuit het ‘geestelijke’. Niet vanuit het aardse, het materialisme.

        Maar ik zit nog met wat meer vragen over dit onderwerp.
        Ik besef dat dit geen Christelijk geloofsforum is maar hopelijk krijg ik wat ruimte om er wat dieper op in te gaan.

        Like

    • Lucky9 zegt:

      “de islam is een religie van de vrede in vergelijking met deze atheïsten/humanisten”.
      Daar gaan we weer: de islam is een religie van de vrede die “kwaad” is omdat mohammedanen het slachtoffer zijn van kolonialisme en de kruistochten. Ja toch?

      Blijkbaar lopen er nog christelijke fundamentalisten los die er genoegen in scheppen een loopje te nemen met de waarheid als de eerste de beste ongeïnformeerde zeloot die denkt zich ongebreideld de belediging van anderen te mogen veroorloven maar zichzelf top vindt!

      De verantwoordelijkheid voor de misdaden van het collectivisme (nazisme, bolsjewisme, communisme, maoïsme enz.) aan “atheïsten/humanisten” toeschrijven getuigt van kwade trouw, indoctrinatie of minstens een totaal gebrek aan gezond verstand.

      Vrijheid is mijn religie, objectivisme mijn ideologie en voortplanting mijn (voltooide) drijfveer. Desalniettemin ben ik als atheïst dankbaar en een grote bewondering voor wat het christendom heeft gerealiseerd. Zie mijn commentaar op 14 september 2013 om 18:08

      Maar na een ongefundeerde aanval op een levensbeschouwing als een andere, maar die toevallig wel de mijne is geworden na veel kritisch studiewerk, zet ik graag even de puntjes op de Ï.

      Er bestaat geen door de menselijke fantasie geschapen superwezen dat sommigen God, Allah of Jahweh noemen. Er is geen god, nu niet, nooit geweest en zal nooit zijn. Dat geloof ik. En dat geloof aankleven is mijn individueel recht in stand gehouden door mijn individuele verantwoordelijkheid.

      Het staat trouwens iedereen immers vrij te geloven wat hij of zij wil. De enige ethische grens die deze vrijheid onafscheidelijk vergezelt is de gulden regel. Geloof wat U wil geloven maar belaster bvb. niemand die uw geloof niet deelt. Ook dat is christelijke ethiek vervat in de vergelijking met witgekalkte graven. En juist deze wederkerigheid ontbreekt in de islam totaal. Vandaar dat het geciteerde zinnetje niet alleen historisch nonsens is, maar ook vals en kwetsend.

      Dat sommigen er een, nou ja, satanisch genoegen in scheppen om het atheïsme te belasteren bewijst slechts dat ze liever geloven in domme sprookjes en zich op sleeptouw laten nemen door religieuze scherpslijpers (dominees, pastoors en immams gelijk) dan wel de moeite te doen om zelf de geschiedenis te bestuderen.

      De “Kriminal-geschichte des Christetums” van Karlheinz Deschner bij voorbeeld. En deze moeite is best letterlijk te nemen: circa 4000 pagina’s in 9 boekdelen uitgebreid met 1125 pagina’s bibliografie.
      Ook lezing van de mohammedaanse Sira en Hadith leidt onvermijdelijk tot de conclusie dat er iets fundamenteel verkeerd is met de ‘monotheïstische’ ideologie die zichzelf islam noemt.

      Like

  22. Maloch zegt:

    @Theresa Geissler

    Ik ben nog maar een ‘groen blaadje’ op deze site en weet niet precies uw standpunten i.z. het Christendom (?).

    -Dat vraagteken plaats ik omdat het Christendom vaak verward wordt met de leer van de Christus wat vaak mijlen ver van elkaar verwijderd is.-

    Is de leer van Yeshua uw overtuiging of ziet u het meer als ‘tegenhanger’ van de islam waartegen gestreden dient te worden?
    In uw artikel heeft u het over een ‘gezamelijke vijand waartegen gestreden moet worden’. “Samen treden wij de vijand tegemoet. Samen kunnen wij overwinnen.”
    Dat kan het Christendom zo zeggen alleen als zij niet het Woord in acht neemt.
    Alles is namelijk volgens de Christos al overwonnen. Zelfs de dood; Nog beter; De 2e dood.
    De strijd tegen de ‘anti’ hoeven de Christenen (niet zij die gevangen zitten in het ‘Christendom’ maar zij die de leer van Yeshua aanhangen) niet meer te voeren.

    In Christus zijn de Christenen al overwinnaars. De strijd is al gestreden, de uitkomst is al bekend.
    De uitwerking, het gevolg, zien wij nu in steeds duidelijke vormen.

    De Christenen hoeven niet te strijden tegen de vijanden/satan/de islam was een mooie poging van hem (“Ziet toe dat u niet alleen te maken heeft met mensen maar ook met overheden, krachten en machten, anders dan van deze wereld.”) . Zij hebben een opdracht meegekregen om anderen ook de Blijde Boodschap te verkondigen.

    Dat is het enige. Wat mensen er allemaal bij hebben bedacht is niet uit Zijn leer.
    Het Christendom (door de eeuwen heen) is niet Zijn leer.
    Hij heeft overwonnen en wij moeten die ‘strijd’ ondergaan.
    (Als uw Meester al heeft moeten lijden, hoeveel te meer zal u het moeten ondergaan?)
    Menselijk gezien zouden wij moeten gaan strijden maar het zou geen enkele zin hebben.

    Pragmatisch zijn en toepassen zal heust wel tot allianties leiden maar zal altijd de mens en zijn gedachtengang centraal stellen.
    De leer van Yeshua is niet gericht op de mens. Niet de mens, in zijn/haar bestaan, is belangrijk maar de verhoging van Hem, de Heer; De Heer en Schepper van ‘ik’ is het ultieme doel.

    Wij zijn er dus ook niet om te strijden.
    Allen die Zijn naam aanroepen hebben al overwonnen, wat de tegenstander ook maar gaat doen (islam?)

    Als ik zo vrij mag zijn…….U wilt een strijd voort zetten in het aardse terwijl op het geestelijke vlak de Winnaar allang bekend is.

    Een Christen die meent zelf overwinningen te moeten behalen op de buitenwacht/de ‘anti’/ tegenstrander heeft niet begrepen wat de leer van Yeshua is.

    Wat zal het te doen hebben met het Christendom of Yeshua HaMassiach?

    Like

    • oogenhand zegt:

      Christenen dienen inderdaad geen ongelijk juk aan te gaan, maar krachtig te verkondigen:”Één islam, vier rechtsscholen? Één God, drie Personen! Ongeschapen koran? Ongeschapen Christus! Verscheurde koran? Gekruisigde Christus! Herrijzend kalifaat? Herrezen Christus! DE HEL IS EEUWIG!!!”

      Kijk, wij beiden begrijpen de taal van het geloof, veel andere posters hier niet.

      Like

    • Theresa Geissler zegt:

      @Maloch, 14.20 U zult het zelf al wel kunnen vermoeden: (Daarom gaat U er waarschijnlijk ook zo diep op in) Ik heb dit artikel niet bepaald geschreven uit ongebreideld enthousiasme voor het ‘Geloof.’
      Mijn ouders waren gelovig (R.K.) en, doordat onze gezinssituatie door omstandigheden nogal ‘kluwenachtig’ was hebben ze me tot mijn 22ste(!) kunnen dwingen tot gebed en kerkgang.-Terwijl ze wísten dat ik er niets meer in zag!
      Toen ik het huis uit was, heb ik er onmiddellijk mee gebroken. Ik kan mezelf na al die jaren nog wel voor mijn kop slaan dat ik me vanaf, pakweg, mijn 16de niet duidelijker heb verzet. Maar ja, gedane zaken nemen geen keer.
      Maar ik ben ook kwaad op hen, wat dit betreft: Ze hadden niet zo lang mogen doorzetten. Vanaf een bepaalde leeftijd moet je een kind in zijn waarde laten.
      Dat neemt niet weg, dat ik af en toe heus christenen ontmoet, die ik erg respecteer. Maar dat zijn- U raadt het al- pragmatische christenen.
      Niet dat ze er een geheim van maken, maar ze voelen uit zichzelf aan, door wie het op prijs gesteld wordt als ze over het geloof beginnen en door wie niet. In dat laatste geval laten ze het uit zichzelf.
      Ze stralen echter -zonder bijbelcitaten- iets uit waarvan je zegt: Voor jou heb ik ècht respect. En door hèn denk je dan meteen héél wat lankmoediger over het christendom.
      En, hoe dan ook, ze zijn er nu eenmaal. En ze hebben ook het rècht om te geloven, dat betwist niemand ze, hier in het Westen. Alleen kan het irritant worden als ze niet uit zichzelf aanvoelen waar dat op prijs gesteld wordt, en er lukraak overal over beginnen. Dan denkt zeker een ‘losgeworstelde’ zoals ik: Oh, jé, daar gààn we weer.
      Maar ja, gelovig of niet, we hebben in deze allemaal een gemeenschappelijke vijand: De Islam.
      Die moet bestreden worden en daar bij kun je geen tweedeling gebruiken. Dús proberen we allemaal wat dàt betreft ons beste beentje voor te zetten.
      Dat gaat nu eenmaal het beste, als we elkaar zo min mogelijk lastig vallen met wat in feite privé opinies zijn.
      Bekijkt U het eens zó: Niet-gelovigen vallen U toch ook niet de hele tijd lastig met: Ik geloof niet, ik geloof niet, het geloof kan van mij dóódvallen? Dat gaan ze pas doen als gelóvigen herhaaldelijk de Bijbel aanhalen. Díe beginnen daar altijd mee.
      Maar als weons nu allemaal pragmatisch opstelllen en de zaken vóór ons houden…..Kijk, onze Webmaster, E.J. Bron, noemt zichzelf -dacht ik- niet gelovig. Maar omdat, behalve islamieten, op zijn site werkelijk iedereen welkom is, is HIJ misschien juist wel -onbewust- een WARE christen.
      Christen ben je door je werken, niet automatisch door het letterlijk naleven van de Bijbel.
      En dat is mijn oprechte mening.

      Like

      • Maloch zegt:

        Duidelijk.
        En zo zou het ook moeten zijn. Het innerlijke geloof, achter de voordeur.
        Het ging mij ook meer om “de gezamelijke strijd tegen de islam”.
        Bijbelgetrouwe Christenen geloven vaak dat die strijd op een ander niveau wordt gestreden waarvan de uitkomst al vaststaat.

        Neem het mij niet te kwalijk dat ik daar zo op inga op deze site.
        Ik wilde bijvoorbeeld (vond het zelf wel grappig hoe u het schreef) nog reageren op één van uw laatste zinnen; “Christen ben je door je werken….”
        -Bijbelgetrouwe of ware Christenen zullen het daar niet mee eens zijn. Christen-zijn is iets innerlijks. De werken is daar een voortvloeisel van “Opdat niemand zal roemen”.-

        Vind dit echt een topsite met mooi geschreven stukken (ook die van u) en interessante artikelen. Sinds kort kom ik hier elke dag wel even neuzen.
        Maar zoals ik al zei moet ik mij nog wat beter realiseren op welke site ik mij begeef en hoe ik daar op moet reageren.
        Ik kan er ook niet zoveel aandoen maar ben overtuigt door de Christus.

        Like

  23. danny zegt:

    Lucky9 zegt:

    15 september 2013 om 13:24
    “de islam is een religie van …….

    Als overtuigt atheist sluit ik me geheel en al aan bij jouw opvatting.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s