De problemen rond Israël in kort bestek

Screenshot_22

(Door: reageerbuis)

Steeds leiden het vluchtelingenprobleem, de “bezette” gebieden, de nederzettingen daarin en de “Groene Lijn” tot verhitte discussies. Vaak wordt het internationaal recht erbij gehaald om de woorden kracht bij te zetten. Daarom enige kanttekeningen ter verduidelijking van de situatie.

Chronologie

1917: In de Balfourverklaring door de Britse regering, gesteund door de Franse regering, wordt het Joodse volk een Nationaal Tehuis beloofd.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog sloot het Ottomaanse Rijk, dat werd geregeerd vanuit het huidige Turkije en onder meer het huidige Irak, Syrië, Libanon, Jordanië en Israël omvatte, zich aan bij Duitsland en Oostenrijk-Hongarije, die in oorlog waren met Groot Brittannië, Frankrijk, Rusland en later Italië en de Verenigde Staten. De Ottomanen en hun bondgenoten werden verslagen. Net als de Duitse koloniën werden de tot het Ottomaanse Rijk behorende gebieden gedekoloniseerd.

1919: Oprichting Volkenbond. Deze stuurde aan op zelfbeschikking van volken. Door middel van het mandatenstelsel werden de veroverde gebieden naar zelfstandigheid geleid.

In 1920 besloten de overwinnaars in San Remo  om een nieuw systeem van natiestaten te scheppen. De Volkenbond, de voorganger van de Verenigde Naties (VN), bekrachtigde in 1922 unaniem de besluiten. In tegenstelling tot besluiten van de VN hadden die van de Volkenbond wel rechtskracht.

In 1922 belastte de Volkenbond de Britse regering met het mandaat over Palestina, bestaande uit het huidige Israël, de Gazastrook, de Golanhoogte, Samaria-Judea (Westoever) en heel Jordanië. Er zou een nationaal tehuis voor het Joodse volk worden gevestigd, vanwege de historische verbondenheid van dat volk met Palestina, waar ook toen al veel Joden woonden. Het mandaat richt zich op terugkeer van Joden uit de diaspora naar Palestina. Artikel 6 bepaalt dat de regering van Palestina immigratie en vestiging van Joden in het land zal bevorderen, op voorwaarde dat aan de rechten en positie van andere bevolkingsgroepen geen afbreuk wordt gedaan.

Artikel 25 van het mandaat geeft de Britten, in geval er niet genoeg Joden waren voor heel Palestina, het recht om een stuk ten oosten van de Jordaan af te scheiden. Dat deden de Engelsen in 1922 door het hele gebied ten oosten van de Jordaan, 77% van het mandaatgebied, aan de Joodse bestemming te onttrekken. Dat gebied werd Trans-Jordanië, het tegenwoordige Jordanië. Wat overbleef voor Joodse vestiging was het huidige Israël, incl. Samaria-Judea (Westbank) en Gaza. Tegen artikel 6 van het mandaat in probeerden de Britten de immigratie van Joden te verhinderen, dikwijls met succes. In strijd met artikel 5 van het mandaat, dat overdracht aan een vreemde mogendheid verbiedt, gaf Groot-Brittannië de Golan aan Frankrijk, waardoor die later deel van Syrië werd.

Verdelingsplan 1937 (Peel-plan): Joden zouden een gebied in het noorden van Palestina krijgen. Dit plan werd door de Joden aanvaard, door de Arabieren verworpen.

1946: De Volkenbond werd opgeheven en de VN namen de mandaatverplichtingen over; alle rechten, die aan het mandaat konden worden ontleend, gelden nu (2013) nog steeds.

1947: Groot-Brittannië vroeg aan de Algemene Vergadering (AV) om Palestina op de agenda te zetten. Dat leidde tot resolutie 181 met een nieuw verdelingsplan. De AV van de VN stelden daarin voor om het overgebleven deel van Palestina (23%) in tweeën te delen. De Arabieren in Palestina onder leiding van de Grootmoefti van Jeruzalem vielen de Joden aan. Onder die druk accepteerden de Israëliërs het voorstel, maar de Arabieren verwierpen het. Resolutie 181 kreeg daardoor geen rechtskracht. De grenzen van het mandaat golden dus nog, waardoor het  gebied waar het Nationaal Joods Tehuis gevestigd moest worden, zich uitstrekte van de Middellandse Zee tot de Jordaan.

1948: De Britten trokken weg; uitroeping van de staat Israël.  De legitimiteit van Israël berust op San Remo en op het internationaal recht, volgens welk voor het creëren van een staat een functionerende regering en een grondgebied nodig zijn.

De legers van Egypte, Jordanië, Syrië, Libanon en Irak, die er geen van alle iets te zoeken hadden, vielen binnen met als doel de totale vernietiging van Israël (Onafhankelijkheidsoorlog 1948-1949). Israël slaagde erin de vijanden tegen te houden bij de Groene Lijn, die vóór 1949 niet bestond. De wapenstilstandsovereenkomst tussen Israël en Jordanië bepaalde dat de Groene Lijn een demarcatielijn was, die niet van invloed zou zijn op toekomstige territoriale overeenkomsten. Geen van beide landen heeft de Groene Lijn ooit beschouwd als zijn internationale grens. Vóór 1967 wilden Jordanië en de andere Arabische staten de grens dan ook niet erkennen. Gaza werd door Egypte veroverd.

In de pers worden de bestandslijnen vaak ten onrechte “de grenzen van juni 1967″ genoemd. Jordanië bezette van 1949-1967 Samaria-Judea plus Oost-Jeruzalem (“de Westoever”); de Joden, die er al vóór 1948 woonden, werden verjaagd of vermoord. De inlijving door Jordanië en die van Gaza door Egypte waren illegaal en een schending van het internationaal recht, dat ervan uitgaat dat de agressor wordt bestraft.

In juni 1967 brak de Zesdaagse Oorlog uit. Daarin veroverde Israël de Gazastrook en de Sinaïwoestijn op Egypte, de Westoever op Jordanië en de Golanhoogte op Syrië. Onmiddellijk na deze defensieve oorlog bood Israël aan om 95% van de Westoever weer te ontruimen, maar de Arabische landen besloten twee maanden later in Khartoem dat er geen onderhandelingen, geen vrede en geen erkenning van Israël zouden komen (drie keer nee). Israël was dus gedwongen het bestuur van de Westoever en Gaza op zich te nemen. In november 1967 volgde resolutie 242 van de VN-veiligheidsraad (VR): Omdat gebiedsuitbreiding door oorlogvoering ontoelaatbaar werd geacht, vroeg ze om terugtrekking voor zover dat veilige en erkende grenzen voor Israël opleverde, dus niet om terugtrekking uit alle onder Israëlisch bestuur gekomen gebieden. De wapenstilstandslijnen van 1949 boden onvoldoende veiligheid. Resolutie 242 verwees dan ook niet naar de Groene Lijn. De oostgrens van Israël is tot heden niet vastgesteld; zolang het nog geen veilige grenzen heeft, kan het recht doen gelden op Judea en Samaria.

Israël is dus geen bezettende macht. De term “bezette gebieden” is misleidend. De bezetting door Jordanië van 1949-1967 was illegaal (slechts erkend door Groot-Brittannië en Pakistan), die door Israël na 1967 niet. De VN-veiligheidsraad heeft dan ook die bezetting nooit illegaal verklaard.

1973: Jom-Kippoeroorlog: Israël werd overvallen door Egypte en Syrië, maar die werden teruggeslagen.

1982: Oorlog in Libanon tegen de van daaruit opererende terroristen van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie PLO van Jasser Arafat.

1987-1993: Eerste Intifada, de ontplooiing van geweld tegen Israël door de PLO (intifada: Arabisch woord, dat “afschudden” betekent).

1988: Jordanië deed afstand van zijn aanspraken op de Westoever ten gunste van de PLO. Dit maakte de illegale aanspraken niet opeens legaal.

1993-1995: Akkoorden van Oslo. De Palestijnse Autoriteit (PA) kreeg het gezag over een deel van de Westoever. De Israëlische strijdkrachten trokken zich terug uit Jericho en het grootste deel van de Gazastrook, maar daar bleef het bij, omdat er van de zijde van de PLO/PA niets tegenover stond. De PLO heeft de akkoorden nooit geratificeerd en Jasser Arafat hield zich er niet aan.

1994: Israël en Jordanië sloten een vredesakkoord. Daarmee werd tevens de juridische geldigheid van de wapenstilstandslijn, de Groene Lijn, beëindigd.

2000: Onderhandelingen in Camp David tussen Arafat en premier Ehud Barak onder supervisie van president Bill Clinton liepen op niets uit; Arafat weigerde de door Barak aangeboden meer dan 90% van Samaria en Judea. Hij verhevigde de terreur en begon een nieuwe Intifada.

2000-2004: Tweede Intifada.

2005: Israël ontruimde de Gazastrook; begin van raketbeschietingen op Israël vanuit de Gazastrook.

2008: Aanbod van premier Olmert door Arafats opvolger Mahmoud Abbas afgewezen.

2013: Vredesonderhandelingen. Sceptische houding van Israël ten aanzien van de resultaten wegens: 1. grote druk van regering Obama 2.  terreur die Israël beleefde sinds de Oslo-akkoorden en de terugtrekking uit Gaza 3. de Palestijnen blijven vasthouden aan “het recht op terugkeer” van vluchtelingen en hun nakomelingen.

Het optimisme wordt ook niet gesteund door de uitspraak van een PA-minister in aanwezigheid van Abbas: Bij de akkoorden die de PA met Israël sloot en eventueel zal sluiten spiegelen de Mohammedanen zich aan het Hudaybiyyeh-akkoord, dat Mohammed sloot met de Quraish stam van Mekka. Het voorzag in een wapenstilstand van 10 jaar, maar na 2 jaar viel hij met zijn manschappen de Quraishstam aan en veroverde hij Mekka. Bovendien is de bepaling dat Israël vernietigd moet worden nooit uit het Handvest van de PLO geschrapt, ondanks de afspraak daarover in de Oslo-akkoorden.

Vluchtelingenprobleem

Het vluchtelingenprobleem ontstond bij de inval van de buurlanden in 1948. Om ruim baan te hebben voor het uitroeien van de Joden riepen de Arabische leiders de Palestijnse Arabieren op om voor korte tijd hun woonplaatsen te verlaten. Zodra er geen Joden meer zouden zijn, zouden ze kunnen terugkeren. Vooral ten gevolge van deze oproep vluchtten 600.000 Arabieren uit het pas opgerichte Israël naar omringende landen; slechts incidenteel verdreven Israëlische troepen Arabieren. De vluchtelingen kunnen vooral worden gezien als slachtoffers van hun eigen leiders, die een mislukte poging deden om Israël en zijn bewoners te vernietigen. Israël heeft de Arabische vluchtelingen financiële compensatie voor de achtergelaten onroerende goederen aangeboden, maar dit is door de Arabische landen geweigerd.

Ook de nakomelingen van de Arabische vluchtelingen gelden voor onbepaalde tijd als vluchtelingen, waardoor hun aantal is aangegroeid tot meer dan vier miljoen. Ze worden speciaal door de voor hen in het leven geroepen organisatie United Nations Relief and Works Agency for Palestine (UNRWA) gefinancierd. Voor geen enkel ander conflict is een regeling uitgebreid tot alle nakomelingen. De Arabische landen trekken zich van het lot van de vluchtelingen weinig aan, maar eisen nog steeds dat Israël ze allemaal opneemt, wat de ondergang van de Joodse staat zou betekenen. Sinds 1922 bestaat de Palestijnse staat (Trans)Jordanië en het zou voor de hand liggen dat die hun een thuis zou bieden. Meer dan 700.000 Joodse vluchtelingen uit de Arabische landen werden in Israël wel opgenomen en binnen drie jaar geïntegreerd.

Joodse nederzettingen in Samaria en Judea

Naast Arabische worden ook Joodse nederzettingen in Samaria en Judea gevestigd. Het Internationaal Gerechtshof (IGH) veroordeelde (het gaat hier om een niet bindende uitspraak, dus om een advies!) dit in 2004 op grond van artikel 49 van de Vierde Geneefse Conventie. Deze regelt het optreden van een bezetter, echter: 1. het gaat hier niet om bezet gebied 2. het gaat om vrijwillige vestiging van Joden in Samaria en Judea, dus niet om een door de overheid geïnitieerde en opgelegde deportatie en 3. in artikel 49 gaat het om overbrenging van de bevolking naar gebieden die in een agressieve oorlog zijn verworven. Israël voerde evenwel een defensieve strijd. Bovendien stond Israël ook Arabieren toe zich vrij te vestigen in Samaria en Judea. Feitelijk vroeg het IGH om een “Judenrein” Samaria en Judea.

De veiligheidsbarrière

Het is legitiem om een barrière op te werpen tegen terreur, aanslagen en illegale grensoverschrijdingen. Israël heeft “de muur/het hek” neergezet om het grote aantal (zelfmoord)aanslagen daar in te dammen. De route volgt grotendeels de groene wapenstilstandslijn van 1949 en wijkt daar op sommige plaatsen in oostelijke richting vanaf. Dit leidde tot een golf van kritiek.

De Algemene Vergadering van de VN vroeg bij monde van 26 lidstaten, die merendeels Israël niet erkennen, het oordeel van het IGH over de legaliteit van de barrière. Het Handvest van de VN heeft het alleen over gebruik van geweld door staten en staat dit slechts toe in twee gevallen: 1. in opdracht van de VR en 2. uit zelfverdediging (artikel 51).

Het IGH nam het verzoek wel in behandeling, hoewel het geen conflict tussen soevereine staten betrof en bovendien het bouwwerk bedoeld was om geweld in te dammen; anderzijds stelde het Hof heel inconsequent dat artikel 51 niet van toepassing was, omdat het niet ging om twee VN-staten. Het uitgebrachte niet bindende advies was voor Israël negatief.

Ook het Israëlische Hooggerechtshof boog zich over de zaak. Het concludeerde dat het volgens internationaal recht is toegestaan om in een gebied, dat in een defensieve oorlog werd veroverd, land van een individu in bezit te nemen voor het bouwen van een hek, mits dat wordt gedaan uit militaire noodzaak.

De barrière heeft haar doel niet gemist, want het aantal aanslagen door Palestijnen is nog maar een fractie van wat het eerst was. Daardoor waren er ook veel minder tegenacties van Israël met als gevolg veel minder burgerdoden en -gewonden aan Palestijnse kant. Het bewijst dat de aanslagen bijna uitsluitend werden gepleegd door Palestijnen van de Westoever.

Voor andere veiligheidsbarrières in de wereld, zoals in Kasjmir, Jemen en Marokko, heeft de Algemene Vergadering van de VN nooit belangstelling getoond.

Internationaal recht

Er zijn twee bronnen van legitiem internationaal recht: 1. een verdrag tussen twee landen en 2. een gewoonte die met instemming door twee landen gepraktiseerd wordt, wat tot gewoonterecht kan leiden.

Anti-Israëlische publicisten gebruiken de term internationaal recht vaak ten onrechte.

– Het Internationaal Gerechtshof (IGH) is geen producent van internationaal recht, slechts van opinies.

– Resoluties van de Algemene Vergadering van de VN zijn aanbevelingen en niet bindend. Desondanks wordt vaak beweerd dat Israël resoluties van de VN zou “schenden”. In de AV vormen de democratische landen een minderheid, de afgevaardigden van dictators hebben de meerderheid. De VN meten vaak met verschillende maten en stellen zich doorgaans anti-Israël op.

– Resoluties van de Veiligheidsraad (VR) zijn slechts bindend indien de Raad verklaart dat een staat een daad van agressie heeft gepleegd of de wereldvrede of de veiligheid bedreigt. Met betrekking tot Israël is nooit een dergelijke uitspraak gedaan. Alleen besluiten gebaseerd op artikel 39 van het Handvest in Hoofdstuk VII van het Veiligheidsraad-Charter zijn bindend, maar geen enkele resolutie van de Veiligheidsraad over Israël is hierop gebaseerd, ook resolutie 242 niet. Toch wordt Israël ervan beschuldigd niet-bindende resoluties van de Veiligheidsraad te “schenden”.

– Het afvuren van raketten op Israël is een schending van het oorlogsrecht.

Sinds de oliecrisis van 1973 is Europa in verdragen en vergaderingen op het hoogste niveau steeds meer verplichtingen jegens de Arabische landen aangegaan. In het kader daarvan heeft Europa in het Verdrag van Straatsburg in 1975 beloofd een anti-Israël beleid te zullen voeren. De media zijn daarin meegegaan.

Tenslotte

Israël wil meedoen aan een onderzoeksprogramma van de EU; Europa eist echter dat er geen geld mag gaan naar de “bezette gebieden”. Als Israël daarmee akkoord zou gaan, zou dat zijn onderhandelingspositie in de hervatte vredesbesprekingen verzwakken.

Ook de Nederlandse regering (Rutte II) stelt zich momenteel anti-Israël op. Zo heeft ze het ingenieursbureau Royal Haskoning DHV met klem aangeraden zijn medewerking aan de bouw van een waterzuiveringsinstallatie in Jeruzalem te staken. Ze beschouwt het als bezet gebied, hoewel het gaat om een gebied waar Israël volgens de Oslo-akkoorden rechtmatig het bestuur uitoefent. Ze handelt dus in strijd met internationaal recht. Intussen heeft het ingenieursbureau zich uit het project teruggetrokken, ongetwijfeld uit angst voor tegenwerking door de Nederlandse overheid in de toekomst.

De Palestijnen weigeren om in hun gebied waterzuiveringsinstallaties te bouwen, ze hebben er slechts een, met als gevolg dat ongezuiverd rioolwater uit de Palestijnse steden van de hooggelegen Westoever naar Israël stroomt. Daardoor bevinden zich sporen van het zeer besmettelijke poliovirus in rivier‑ en grondwater in het zuiden en midden van Israël.

Zoals hierboven uiteengezet, is er wat betreft Samaria en Judea geen sprake van door Israël bezette gebieden. Desondanks heeft minister Timmermans te kennen gegeven dat de Israëlische producten daarvandaan geboycot moeten worden. Hij handelt daarmee in strijd met uitspraken van het Europese Hof voor de Mensenrechten en het Franse Hooggerechtshof en schendt het handelsakkoord tussen de EU en Israël, het zogenaamde Olmert-Mandelson­akkoord uit 2005. In zijn anti-Israël­optreden heeft hij geen oog voor de vele Palestijnse werknemers die worden gedupeerd. Kortom: Timmermans heeft geen enkele boodschap aan gemaakte afspraken en aan het internationaal recht en ontpopt zich als een anti-Israël­activist, overigens geheel in lijn met het beleid van de EU.

(Bij het samenstellen van dit overzicht heb ik gebruik gemaakt van onder meer “De kern van de zaak” van Wim Kortenoeven en van de opstellen van Martien Pennings en Roelf-Jan Wentholt, die verschenen op de site ejbron.wordpress.com)

Door:

reageerbuis

(voor www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in "Palestijnen", "Palestina", "Religie van de vrede", "Westelijke Jordaanoever", antisemitisme, Appeasement, Arabieren, Arabische wereld, Europa, Gazastrook, Golanhoogte, Hamas, Historie, Intifada, Islam, Israël, Israël-vijandigheid, Jeruzalem, Joden, Jodenhaat, Jordanië, Krankzinnigheid, Linkse Kerk, Midden-Oosten, Moslims, Naïviteit, nieuw fascisme, PLO, praatjesmakers, Rotzakken, Terrorisme, Verenigde Naties, Westen. Bookmark de permalink .

9 reacties op De problemen rond Israël in kort bestek

  1. Jan zegt:

    Direct denk ik weer aan Frans B. D. S. Timmermans die het woord ‘hypocriet’ in de mond nam toen Putin gehaaid een brief in de The New York Times liet publiceren*, terwijl Timmermans zelf het gruwelijkste, achterbakse element is als het Israël betreft (of zoals onlangs wat de JSF betreft)

    * http://nos.nl/artikel/550598-timmermans-brief-poetin-hypocriet.html

    Like

  2. Maloch zegt:

    Als ik dit lees (voor mij is het geen geheim) besef ik ineens hoevelen naar Israël kijken door een ‘propaganda-bril’. Te pas en te onpas wordt je met woorden/termen om de oren geslagen waarvan de meesten geeneens weet hebben of hoe je het moet toepassen in dit conflict.
    De schuld die de MSM hieraan heeft, door haar ‘mind-control’, is ongekend.
    Hitler (?) had ook zo’n mooie uitvinding; Het maakt niet uit hoe groot de leugen is. Als je ‘em maar vaak genoeg herhaalt, gaat de massa het vanzelf geloven.
    Inzake het palestijns-Israël conflict gebeurd precies hetzelfde. De meesten roeptoeteren gelijk de media doet.
    Israël dit, Israèl dat……bezette gebeiden hier en daar en ga zo maar door.
    Het begint er waarlijk op te lijken dat sommigen hamas of al fatah en al die andere dochter jihadistische organisaties nog bovenstellen dan het enige echte democratische land in het M/O.

    Like

  3. Jan zegt:

    Het Eindhovens Dagblad had enkele weken terug en artikel over Israël, het ontstaan en met valse kaarten*. Een week later kwam een commentaar van een lezer van het ED met als opmerking dat de Israëlische regering nog veel erger is dan gedacht en dat Van Agt dus gelijk heeft met zijn kritiek op Israël.
    * deze: http://www.dewereldmorgen.be/sites/default/files/imagecache/slideshow_1680x1050/2011/09/03/boycot_israel.jpg

    Dat op de redactie van het ED socialisten zitten komt geen moment in deze onnozelaar op. Erg is dat deze rotzooi in het ED dus geloofd wordt door dergelijk volk dat te lui is om te controleren óf het waar is wat geschreven staat.

    Like

  4. guusvelraeds zegt:

    De controleerbare en historisch correcte geschiedenis van het zionisme en de ontstaansgeschiedenis van Israël kan niet vaak genoeg gepubliceerd worden op alle plaatsen en media. Wordt tijd voor een populistische omroep. Je moet het maar zo zien, er is op zijn minst 40 jaar achterstallig informatie onderhoud in te halen rondom Israël en het (met uit alle windrichtingen toestromende subsidies) kunstmatig in stand gehouden Midden Oosten conflict.

    Like

  5. Helena zegt:

    Gelukkig zijn er nog steeds personen die terugvechten met de waarheid als wapen.
    Pamela Geller in Toronto op 18 september.
    Strekking van het verhaal: We zijn in oorlog, de oorlog tegen de vrijheid. Vecht terug, spreek je uit. De waarheid is je wapen.

    Like

  6. skills of nature zegt:

    west-bank is een handvat voor de dolk israel/palestina…
    irak is een handvat voor de knots/hamer van israel/palestina/jordanie…
    kijk goed naar de grenzen van de landen…
    beide komen grensmatig neer op het noorden van de rode zee, een stadje genaamd Aqaba.

    Like

  7. Jan zegt:

    Israëlische soldaat vanuit Libanon door sluipschutter doodgeschoten

    An Israeli soldier has been killed by a Lebanese army sniper from across the border, the Israeli military has said.
    Israel says the sniper fired up to seven shots, hitting 31-year-old Shlomi Cohen in his vehicle. He was taken to hospital but died from his injuries.
    The incident happened near the border crossing at Rosh Hanikra.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s