Islam voor westerlingen (deel 2)

Screenshot_44

(Door: Catherine A. Boon-Langedijk)

Hieronder het tweede deel in de serie “Islam voor westerlingen”. Deel 1 kunt u hier lezen.

Sharia

Naast de koran zijn ook de hadith en de sira belangrijk. De hadith zijn de in grote verzamelingen vastgelegde islamitische overleveringen. De belangrijkste daarvan is de door de wereldwijde islamitische gemeenschap erkende hadith-verzameling van Al-Bukhari (negende eeuw). In de sira, de biografie van de profeet, wordt Mohammed afgeschilderd als een moordenaar, rover, slavenhaler, kinderverkrachter, liegend en bedriegend, dus als een ideaal rolmodel voor terroristen.

In de handboeken van de Sharia wordt het gedrag van een moslim voorgeschreven en ook wat wordt verwacht van een niet-moslim. De sharia is de wet van de islam en berust op de koran en de woorden (soenna) en daden (sira) van Mohammed, die in de hadith zijn opgenomen. In de praktijk bestaat de sharia uit de boeken van de “fiqh” (plichtenleer). De regels van de sharia zijn tot stand gekomen en komen nog steeds tot stand doordat deskundigen (beroepsmoslims) het onder elkaar eens worden. Gezaghebbende imams, ayatollah´s, islamitische instituten en rechtsscholen maken de dienst uit. Hervormers worden met de dood bedreigd. De sharia wordt geacht eeuwig, universeel en perfect te zijn; wat er eenmaal in staat, blijft altijd geldig en wordt niet aangepast aan een veranderende samenleving; wel wordt hij uitgebreid bij nieuwe ontwikkelingen. De islam stelt als enige “religie” dat andere religies moeten worden overheerst en dat zijn verspreiding moet samengaan met de invoering van de sharia.

Een moslim die de regels van de sharia afwijst, valt de islam af en dient vermoord te worden. De sharia kent rechtsongelijkheid: de regels van de sharia zijn vernederend voor niet-moslims en voor vrouwen. Een vrouw is maar de helft waard van een man, ze krijgt bijvoorbeeld half zo veel bij erfenissen en de getuigenis van twee vrouwen staat gelijk aan die van één man. Het woord van een niet-moslim telt al helemaal niet. Verder maakt de sharia onderscheid tussen vrijen en slaven. Onder de sharia is geen godsdienstvrijheid, geen vrijheid van meningsuiting, geen persvrijheid en geen artistieke vrijheid. Het afbeelden van mens en dier is niet toegestaan.

Een groot deel van de sharia gaat over wat niet-moslims mogen en niet mogen. Een niet-moslim mag geen wapens dragen, is tweederangs burger en moet meer belasting (jizya) betalen (soera 9:29 – Bestrijd diegenen onder de mensen van het Boek, die in Allah noch in de laatste Dag geloven, noch voor onwettig houden wat Allah en Zijn boodschapper voor onwettig hebben verklaard, noch de ware godsdienst belijden totdat zij de belasting met eigen hand betalen, terwijl zij onderdanig zijn”). Een niet-moslim kan niet getuigen ten nadele van een moslim, een niet-moslim mag niet in het leger dienen en geen wapen dragen, moet in aparte wijken wonen, mag alleen in huizen wonen die lager zijn dan die van moslims en mag geen paard rijden; ook zijn er verschillen met betrekking tot het erfrecht en het strafrecht. Een moslima mag niet trouwen met een niet-moslim, tenzij hij moslim wordt. https://ejbron.wordpress.com

Iemand die zich  in een islamitische samenleving bekeert tot de islam, hoeft de extra belasting niet langer te betalen en ook het vervallen van beperkende maatregelen maakt het aantrekkelijk om moslim te worden. Iemand die de belasting niet langer kan betalen, staat voor de keuze om moslim te worden of gedood te worden. Omdat op afvalligheid de doodstraf staat, moet hij zijn hele leven moslim blijven. In de loop van de eeuwen heeft de islam zo zijn aanhang alleen maar zien toenemen. Kwaadsprekerij en kritiek op de islam en op de profeet vallen onder de grootste zonden. Er staan hoge straffen op. Onder de sharia mag een mohammedaan niet beledigd worden. Het maakt daarbij niet uit of wat je zegt waar is. Dit alles zou een reden moeten zijn om in het Westen de islam niet langer als godsdienst te erkennen.

Geen enkel land volgt 100% de sharia, zelfs Saoedi-Arabië niet. Een islamitisch land kan een groter of kleiner deel van de sharia naleven. Landen die de sharia grotendeels toepassen, zijn behalve Saoedi-Arabië, Soedan, Iran, Irak, Afghanistan en Jemen. In 2003 merkte het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg op: “De sharia is onverenigbaar met de fundamentele principes van de democratie”. De sharia prevaleert boven elke andere wet. Godsdienstvrijheid, zoals opgenomen in de Grondwet, zal leiden tot ellende: wie islam zaait, zal sharia oogsten, wie de sharia zaait, zal jihad oogsten.

Inmiddels zien we in Europa al enige aanpassing aan de sharia: geen grappen maken over Mohammed, onze leerboeken vertellen meer de islamitische kijk op de geschiedenis. Teksten over de islam worden ter verificatie voorgelegd aan moslimautoriteiten die veelal deel uitmaken van bewegingen die onder de Moslimbroederschap vallen; bij bijeenkomsten is het niet gepast om kritiek te uiten op aspecten van de koran waardoor moslims zich beledigd zouden kunnen voelen; we spreken van terrorisme in plaats van jihad; we spreken van bestrijding van gewelddadig extremisme, maar de woorden islam, moslim, jihad worden vermeden. Verkrachtingen worden vaker goedgepraat of door de politie verzwegen.

In Nederland is nauwelijks meer verzet als het gaat om inteelthuwelijken, kindhuwelijken, gedwongen huwelijken, genitale verminking van meisjes, uitkeringen voor werk weigerende baardmannen in lange jurken, ontstaan van sharia-wijken. Financiering volgens de sharia (halal hypotheken) en islamitisch bankieren (banken moeten hun haram (=fout) en halal (=goed) geldstromen strikt van elkaar scheiden) worden meer geaccepteerd. Overheden organiseren iftar-maaltijden, weren kerstbomen in publieke ruimten en verstrekken halal-voedsel in publieke instellingen.

Moslims eisen steeds vaker om afwijkend van de meerderheid behandeld te worden. De voorbeelden zijn legio, zoals aparte gebeds- en wasruimtes in universiteiten, aanpassingen van het menu in gevangenissen en andere overheidsgebouwen, vrouwen geen hand willen geven, gescheiden loketten voor mannen en vrouwen, gescheiden zwemmen, roosteraanpassingen in verband met ramadan. Het aantal moskeeën, islamitische scholen, het aantal moslims in openbare en andere belangrijke functies en het dragen van zelf-discriminerende kledij nemen sterk toe. Een belangrijk deel van de straatjeugd is opgevoed met de koran, is dus geleerd geen enkel respect te hebben voor de eigendommen van overheden en andersdenkenden.

Moslims mogen de regels van de sharia overtreden, ze mogen niet-halal eten en alcohol drinken als ze maar zeggen dat ze daarmee in overtreding zijn. Het betekent niet dat de regels worden afgewezen. Dus regels overtreden mag, maar ze afwijzen mag niet.!  (Hans Jansen)

Hoofddoek

Is de koran (24:31; 33:59) nogal onduidelijk over de hoofddoek, de sharia schrijft duidelijk voor dat het lichaam van vrouwen bedekt moet zijn, behalve het gezicht en de handen. (Hans Jansen, “Islam voor varkens, apen, ezels en andere beesten”, Amsterdam 2008, vraag 202, p.157) De hoofddoek bevestigt en symboliseert de ongelijkwaardigheid van man en vrouw. (N.B.: keppeltjes en kruisjes zijn geen symbolen van ongelijkwaardigheid.) De hoofddoek is een vlag, neergezet in vijandig westers gebied, die laat weten dat de sharia moet worden toegepast, dus dat de regels van het geloof boven de wetten van het land gaan. Door de hoofddoek op scholen en achter het overheidsloket toe te laten blijven de twijfelaars in de kou staan.

Tot in de jaren-70 stonden vrouwen in de meeste islamitische landen zonder hoofddoek op de foto in hun paspoort. De radicale stroming, die daarna aan invloed won, stelde de eis van het fotograferen met hoofddoek en vond een gewillig oor, zelfs bij ons ministerie van Binnenlandse Zaken. Daarmee speelde onze overheid dus de radicalen, die zichzelf zien als de enige echte moslims, in de kaart. Niet-moslims mogen echter niet met een haarband op een pasfoto staan. Meten met twee maten noemen we dat.

Islamitische slavernij

Terwijl ieder jaar de westerse slavenhandel (late 15e eeuw tot midden 19e eeuw) in Afrikanen en de afschaffing ervan wordt herdacht in het Amsterdamse Oosterpark, wordt verzwegen dat er ook een intensieve moslimhandel in Afrika en Europa richting het Ottomaanse Rijk heeft plaatsgevonden.

Arabische en Turkse slavenhandelaars hebben vanaf de 7e eeuw vele miljoenen zwarte Afrikanen naar Arabische en Turkse slavenmarkten getransporteerd, dit in navolging van Mohammed, die ook in slaven handelde. De handel in Europese slaven vanuit Zuidoost- en Centraal Europa, Rusland en Oekraïne en ook uit het Middellandse Zeegebied en de Atlantische kusten van Europa door Barbarijse zeerovers, omvatte in totaal ongeveer 14 miljoen slaven en begon later. De aantallen die in het Ottomaanse Rijk terecht kwamen waren niet alleen groter dan die naar Amerika werden gebracht, ook waren de omstandigheden in het Ottomaanse Rijk slechter. De mannen werden gecastreerd en verkocht om zwaar werk te doen, jongens werden na castratie als eunuchen gebruikt: zij moesten op de vrouwen passen, die waren bestemd voor de seksslavernij in de harem. Vermeld moet ook worden de Turkse praktijk van de devshirme. Die hield in dat in de veroverde christelijke gebieden jongens in de leeftijd van 8 tot 16 jaar werden geronseld en gedwongen zich tot de islam te bekeren om te dienen als militair in het Ottomaanse leger of in de administratie van de sultan. Deze praktijk begon midden veertiende eeuw en duurde tot ver in de zeventiende. De slaven in Amerika daarentegen konden een eigen gezin stichten.

In de meeste christelijke landen werd de slavernij na het midden van de 19e eeuw afgeschaft en dat de slavernij in de tweede helft van de 20e eeuw officieel ook in de meeste moslimlanden werd afgeschaft, is te danken aan inspanningen vanuit het Westen. In sommige moslimlanden, zoals Saoedi-Arabië en Mauritanië bestaat slavernij echter nog steeds.

Mensenrechten

De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens is in 1948 door de Verenigde Naties vastgesteld, maar werd in 1979 verworpen door Iran, omdat ze in strijd was met de sharia. Dat heeft geleid tot de Caïro Declaration 1990, het charter van islamitische intolerantie! Daarin maakten (nu 57) islamitische landen de mensenrechten ondergeschikt aan de sharia. Wie de sharia wil verdedigen, doet dat vaak door te zeggen dat dé sharia niet bestaat. Voor die 57 landen bestaat dé sharia dus wel.

Artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens: Een ieder heeft recht op vrijheid van gedachten, geweten en godsdienst; dit recht omvat tevens de vrijheid om van godsdienst of overtuiging te veranderen, alsmede de vrijheid hetzij alleen, hetzij met anderen zowel in het openbaar als in zijn particuliere leven zijn godsdienst of overtuiging te belijden door het onderwijzen ervan, door praktische toepassing, door eredienst en de inachtneming van geboden en voorschriften.

In de artikelen 6, 10, 19 en 22 van de Caïro Verklaring worden de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst en de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen ongedaan gemaakt, als zijnde niet in overeenstemming met de sharia. Art 24: Alle rechten en vrijheden genoemd in deze Verklaring zijn ondergeschikt aan de islamitische sharia en art 25: De islamitische sharia is de enige referentiebron ter uitleg en verduidelijking van alle artikelen van deze Verklaring.

Het Europese Hof heeft in een arrest op 13-02-2003 verklaard dat de sharia in strijd is met de Universele Verklaring, omdat hij uitgaat van ongelijkwaardigheid van mensen. De koran en de sharia en daarmee de islam zijn onverenigbaar met vrijheid, democratie en mensenrechten.

– Geen wederkerigheid

De islam is intolerant. Er is geen sprake van wederkerigheid. De islam plaatst zichzelf in een superieure positie en moslims stellen zich als groep egocentrisch op. Er staan wel moskeeën in Rome, maar er mag geen kerk worden gebouwd in Mekka, niet-moslims worden in de stad zelfs niet toegelaten; in Europa zijn veel moskeeën gebouwd, in de Arabische wereld moeten we kerken met een vergrootglas zoeken en vaak worden bestaande kerken bedreigd of vernield. In het Westen klagen moslims over discriminatie, maar in landen met een moslimmeerderheid is discriminatie jegens minderheden groot. In het Westen zijn veel speciale voorzieningen voor moslims, wat omgekeerd ondenkbaar is in islamitische landen. In het Westen wensten regeringsleiders de moslims een prettige ramadan, maar de viering van andere religieuze feesten dan de islamitische is in veel Arabische landen verboden of wordt ontmoedigd. Moslims wensten zich niet te conformeren aan de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens en ondertekenden de Caïro-Verklaring. (zie boven) De islam is de enige godsdienst die niet de Gulden Regel kent: “Wat u niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet”.

Een uitspraak van Karl Popper (1902-1994) is: “Tolerantie tegenover intolerantie leidt tot vernietiging van de toleranten” en Thomas Mann (1875-1955) heeft gezegd: “Tolerantie tegenover het kwaad is misdadig.” Godsdienstvrijheid betekent niet dat men het recht heeft om moskeeën te bouwen, om hier de sharia in te voeren, vrouwen te discrimineren en mensen uit het gastland weg te pesten uit de geïslamiseerde gettowijken in onze grote steden. Vrijheid van godsdienst kan alleen functioneren als alle betrokken godsdiensten die vrijheid ook erkennen. De islam doet dat echter niet.

(De volgende keer in deel 3 o.a. “De islam een vredelievende godsdienst?”, “Taharrush”, “Godsdienst of ideologie?”)

Door:
Catherine A. Boon-Langedijk
(voor www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in "Religie van de vrede", Islam. Bookmark de permalink .

11 reacties op Islam voor westerlingen (deel 2)

  1. Alex Delarge zegt:

    Goed artikel.

    Like

  2. Petra DeBoer zegt:

    Ter aanvulling: De Hadith is 60% van de islam, de sira 26% en de koran 14%.

    Het is een vreselijke ideologie wat dus grotendeels wetten en oorlogsvoering zijn. en niks maar dan ook niks met vrede van doen heeft. Zoals ik al vaker hier op de site schreef zou de islam op basis van de rechten van de mens verboden moeten worden. Wilders hoeft de grondwet niet aan te passen maar de islam verbieden op basis van de verklaring van de rechten van de mens.

    Like

  3. Statler & Waldorf zegt:

    En daarom is de islam geen godsdienst maar een politieke ideologie en een satanisch gedachtengoed.

    Like

  4. Teun zegt:

    We zijn niet gerechtigd macht uit te oefenen over de islam landen, echter wel over het noordelijk halfrond. En daar geld maar 1 oplossing: remigratie en joodse illuminatie uitschakelen die de promoters zijn van dat hele toneel stuk. Islam is een combi van talmudisch jodendom en christendom. Zowel talmud als islamitische boeken zijn puur vergif en moeten verbannen worden van onze blanke bevolking.

    Like

    • Petra DeBoer zegt:

      @Teun, de talmoed (de schriftelijke vastlegging van discussies die gedurende enige eeuwen zijn gevoerd door joodse geleerden over de praktische toepassing van de thora-voorschriften en de mondelinge leer (misjna) in het dagelijks leven) heeft niks met de islam van doen. De islam heeft wel zaken over genomen uit de Thora maar met veel leugens en met veel plak- en knipwerk. Lees de sira (biografie) van Mohammed maar, want dan weet u hoe hij aan zijn knip- en plakwerk kwam. Hij was trouwens analfabeet en heeft zelf niks geschreven.
      De Thora heeft alleen het eerste testament van de bijbel en het christendom heeft daarnaast nog het tweede testament met de geboorte van Jezus en zijn leven. De christenen erkennen Jezus en dat doen de moslims en de orthodoxe Joden niet. Er zijn natuurlijk ook Joden christen geworden en zij erkennen ook Jezus als de weg en de waarheid. Het christendom heeft ook helemaal niks met de talmoed van doen.

      Liked by 1 persoon

  5. Hendrik zegt:

    Dus verbieden die meuk.

    Like

  6. Wolf zegt:

    Heel mooie uiteenzetting waarvoor dank, Catherine.

    Like

  7. Lis zegt:

    Wederom een zeer goed artikel. Iedereen die een paar minuten tijd heeft, kan het lezen en op die manier (als hij dat nog niet weet) de kern van die verrotte islam leren kennen. Als je dit zo bij elkaar legt, kun je niet meer spreken over een ‘vredelievende godsdienst’. Het is een verdorven, gevaarlijke ideologie en zou direct verboden moeten worden.

    Like

  8. Aegolius cs zegt:

    Het is goed dat het Europese Hof nadere invulling geeft aan democratie, geloof en staatsinvulling:

    http://www.publiekrechtenpolitiek.nl/wordpress/wp-content/uploads/2012/06/De-Morree-Het-EHRM-als-hoeder-van-de-democratie.pdf

    Evenwel hebben de OIC leden onderstaande verklaring ondertekend:
    De Islam heeft zo haar eigen UVRM verklaring opgesteld:

    Universal Islamic Declaration of Human Rights 19 September 1981
    http://www.alhewar.com/ISLAMDECL.html

    Caïro-verklaring van de mensenrechten in de islam

    Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

    De Caïro-verklaring van de mensenrechten in de islam is een verklaring van de lidstaten van de Organisatie voor Islamitische Samenwerking over de mensenrechten vanuit islamitisch perspectief. In deze verklaring is de islamitische wetgeving (de sharia) het uitgangspunt.
    De Caïro-verklaring werd op 5 augustus 1990 door 45 ministers van buitenlandse zaken van de lidstaten van de OIC ondertekend.
    De OIC beschouwt de verklaring als een richtsnoer voor haar leden op het gebied van de mensenrechten; de verklaring heeft echter geen volkenrechtelijke status. De Caïro-verklaring wordt gezien als het islamitische antwoord op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens die in 1948 door de Verenigde Naties zijn aangenomen.
    De Caïro-verklaring wijkt op essentiële punten af van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Voorbeelden zijn:
    • De vrijheid van meningsuiting komt bijvoorbeeld terug in artikel 22 en wordt hier beperkt tot meningsuitingen die in overeenstemming zijn met de sharia;
    • Er zijn zeer ongelijke rechten voor mannen en vrouwen. Artikel 6 vermeldt dat de vrouw haar eigen rechten en plichten heeft en dat de man voor het onderhoud van de familie dient te zorgen;
    • Er is geen vrijheid van godsdienst. Artikel 10 verbiedt expliciet het beoefenen van of bekeren tot een andere godsdienst dan de Islam; artikelen 19 en 22 bespreken straffen voor afvalligen.
    De laatste 2 artikelen (24 en 25) van de verklaring geven aan dat àlle artikelen in de verklaring volledig ondergeschikt zijn aan de sharia:
    • Art. 24: ‘Alle rechten en vrijheden genoemd in deze Verklaring zijn ondergeschikt aan de Islamitische sharia.’
    • Art. 25: ‘De Islamitische sharia is de enige referentiebron ter uitleg en verduidelijking van alle artikelen van deze Verklaring.’
    Kritiek op de Caïro-verklaring[bewerken]
    Er wordt aangevoerd dat deze Caïro-verklaring (ook wel genoemd de Universele islamitische verklaring van mensenrechten) bedoeld is om de Universele verklaring van de rechten van de mens (UVRM) grotendeels krachteloos te maken[1]. Dit wordt met name veroorzaakt door de artikelen 24 en 25 van de verklaring die de Sharia in alle opzichten laat prevaleren bij de interpretatie, implementatie en de uitvoering van de overige artikelen.
    Essentiële vrijheden als het recht op de vrijheid van gedachten en geweten ontbreken, leidend tot het ontbreken van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van religie inclusief de vrijheid om van religie te veranderen. Zo is wat het laatste aangaat artikel 18 van de UVRM van 1948 strijdig met artikel 10 van de Caïro-verklaring. Door artikel 19d van de Caïro-verklaring wordt de straf die de Sharia noemt voor o.a. geloofsafval benadrukt, hetgeen in dit geval de doodstraf kan betekenen.
    De artikelen 22a, 22b en 22c van de Caïro-verklaring beperken de vrijheid van meningsuiting zoals deze in artikel 19 van de UVRM is vastgelegd en betreft hier een van de belangrijkste vrijheidsrechten van de mens.
    Door de Sharia als kader te stellen voor mensenrechten en deze prevalent te laten zijn boven de mensenrechten-artikelen worden de in de Caïro-verklaring bedoelde mensenrechten strijdig met fundamentele Westerse principes. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg stelde hierover, in een arrest van 13 februari 2003 over de rechtmatigheid van een verbod voor de Turks-islamitische Refah partij op, “dat de sharia niet verenigbaar is met de fundamentele principes van de democratie”.

    https://nl.wikipedia.org/wiki/Ca%C3%AFro-verklaring_van_de_mensenrechten_in_de_islam

    Ik vermoed dat we in deze over dezelfde info beschikken, dat zeker geen afbreuk doet aan uw uitstekend artikel.

    De vraag rijst op welke wijze we in de opvoeding van het eerste uur tot een zelfdenkend wezen, evenwel zonder juridisch wereldgeschoold te zijn in onderhavige politiek?

    Mensen blijven in primair gedrag binnen hun omstandigheden, gewoon mens.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s