LONGREAD: “Vrucht van de boom” (deel 3)

Screenshot_16

(Door: “Henk der Niederländer”)

Lees hier deel 1 en hier deel 2 van “Vrucht van de boom”

Voor ik verder ga met het artikel moet ik even wat recht zetten.  In verschillende reacties word ik bedankt voor de informatie die ik geef, maar het enige wat ik doe is delen van een aantal hoofdstukken of gedeeltes daarvan en geef ik dus zelf geen informatie. Ik geef alleen in grote lijnen aan wat er in het boek is terug te vinden en ik doe dit alleen omdat ik het met de schrijver helemaal eens ben en vind dat het boek onder de aandacht dient te komen.  De echte lof komt toch echt toe aan de heer Peter Bontenius, de schrijver van het boek “Vrucht van de boom”.  

Om de artikelen wat beknopt te houden, heb ik de beschrijving van de verovering van het Midden-Oosten iets ingekort.

Perzië 634 tot 651  

De context

Het verhaal van de Arabische overwinningen in Perzië is een verhaal van vernietiging, vandalisme, wreedheid, het verbranden van bibliotheken, vernietiging van de vuurtempels van Zoroastriaanse verering en de afslachting van de burgers. Dit alles om ervoor te zorgen dat de beschaving nooit opnieuw zou opstaan na een islamitische overwinning. De islam verspreidde zich als een bosbrand over Perzië en veranderde de Perzen in bloeddorstige wolven, net zoals de Arabieren. Zij gaven honderd jaar later dit geloof door aan de Turken en die zouden een paar honderd jaar later Byzantium en de Balkan aanvallen.

Tegenwoordig hebben de Perzen (Iraniërs) slechts een vage herinnering aan hun voor-islamitische verleden, maar de Perzische studentengemeenschap wordt zich er meer bewust van, hoofdzakelijk door internet, dat veel informatie over Iran geeft. Alvorens in te gaan op enkele belangrijke gebeurtenissen en veldslagen wordt eerst het toneel getoond waarin de gebeurtenissen zich hebben voltrokken. Dat doen we aan de hand van een citaat van Bat Ye´or:

“Omstreeks 633 drongen Arabische legers, samengesteld uit stammen uit Jemen, de Hijaz en andere streken van Arabië, binnen in Babylonië en Syrië. De verovering strekte zich uit over een decennium en omvatte weliswaar een paar beslissende veldslagen, maar bestond voor het merendeel uit strooptochten en plunderingen van zowel dorpen als stedelijke gebieden. Deze veroveringen werden gesteund door Arabische stammen, die Mesopotamië en de Syrisch-Palestijnse grenzen met Arabië in de voorafgaande twee eeuwen waren binnengedrongen en zich hier en daar hadden gevestigd. Sommige van deze stammen waren christen geworden, waarbij ze nestoriaans of monofysisch waren, al naar gelang ze in Perzisch of Byzantijns gebied woonden. Als vazallen van deze staten werden ze geacht de grenzen te verdedigen en de dorpen en steden te beschermen tegen de rooftochten van rondtrekkende Bedoeïenen, die uit de woestijn kwamen.

In het licht van de Arabische immigratie en de vestiging op Perzisch en Byzantijns grondgebied heeft een aantal historici de theorie van een islamitische bliksemverovering geformuleerd. Zij hebben de suggestie gedaan dat het een geleidelijk proces was, dat zich uitstrekte over twee eeuwen, met een gestadige infiltratie van nomadische Arabieren in de streken met gevestigde beschavingen. Het uiteenvallen van de Perzische en Byzantijnse Rijken en het ineenstorten van hun defensie maakte het mogelijk voor de zwervende stammen, die waren verenigd onder de islam, het land binnen te trekken. Ze kregen waardevolle steun bij het uitvoeren van hun strooptochten van die Arabieren die zich aan de randen van Mesopotamië en Syrië hadden gevestigd. Deze stammen waren namelijk goed op de hoogte van de topografie in deze regio’s. Na de dood van de Profeet organiseerde Kalief Abu Bakr de invasie van Syrië, die Mohammed zich al had voorgenomen.

Hij verzamelde stammen uit de Hijaz, Najd en Jemen en adviseerde Abu Ubayda, die de leiding had over de operaties in de Golan (Palestina), om het platteland te plunderen. Bij gebrek aan geschikt wapentuig kon hij zich beter onthouden van aanvallen op de steden. Als gevolg daarvan werd de hele regio van Gaza tot aan Ceasarea in de campagne van 634 geplunderd en verwoest. Vierduizend Joden, christenen en Samaritanen, allemaal boeren die hun land verdedigden, werden afgeslacht. De dorpen in de Negev werden geplunderd door Amr bin al-As, terwijl de Arabieren het land onder de voet liepen, de communicatie afsneden en de wegen onveilig maakten.”

Korte berichten:  

Gedurende de campagne van 634 “werd de hele regio tussen Gaza en Ceasarea verwoest; 4.000 boeren, Christenen, Joden en Samaritanen die slechts hun land verdedigden, werden vermoord.”
De verovering van Mesopotamië in 635-642 door Arabieren ging gepaard met plundering van kloosters en moord op monniken en monofisitische Arabieren en in Elam werd de bevolking vermoord.

Bat Ye´or  vervolgt: “Steden als Jeruzalem, Gaza, Ceasarea, Nabloes en Beth Shean raakten geïsoleerd en sloten hun poorten. In zijn preek op kerstdag 634 klaagde bisschop Sophronius (patriarch van Jeruzalem) over de onmogelijkheid om de gebruikelijke pelgrimage naar Bethlehem te doen, omdat de christenen opgesloten waren in Jeruzalem: niet tegengehouden door tastbare banden, maar geketend door de vrees voor de Saracenen, wier wilde barbaarse en bloedige zwaarden hen opgesloten hielden in de stad.

In Syrië kozen chassidische en monofysische Arabieren de kant van de moslims. Sophorius beweende in zijn preek op de dag van Driekoningen van 636 de verwoesting van kerken en kloosters, de geplunderde steden, de velden die braak lagen en de dorpen die verbrand waren door de nomaden die het land overspoelden. In een brief aan Sergius, de patriarch van Constantinopel, in hetzelfde jaar noemde hij de verwoestingen die waren aangericht door de Arabieren. In 636 stierven duizenden mensen als slachtoffer van de hongersnood en ziekten die het gevolg waren van de verwoesting.

Een onderscheid moet worden gemaakt tussen het lot van de plattelandsbevolking en de stadsbevolking (…) Het platteland, vooral de vlakten met dorpen, werd verwoest door de Bedoeïenen, die oogsten in brand staken en de boeren afslachtten en wegvoerden, het vee roofden en niets dan ruïnes achterlieten. De stedelingen verkeerden in een andere positie. Beschermd door hun muren konden ze zich verdedigen of onderhandelen over voorwaarden van overgave in ruil voor het betalen van schatting aan de Bedoeïenen hoofden. Dit onderscheid tussen landelijke gebieden en steden, dat in contemporaine geschriften wordt vermeld, is later bevestigd door islamitische historici. (…)

In overeenstemming met de strategie van de Jihad stond de afwezigheid van een verdrag de afslachting en het in slavernij brengen toe van de veroverde bevolking als ook het verdelen van hun bezittingen (onder de moslims).”

Palestina werd uiteindelijk veranderd in een lege woestenij. De Arabieren trokken verder richting Armenië, waar de bevolking van Euchaita werd uitgemoord en degenen die aan de dood ontsnapten, werden in slavernij gebracht. Volgens Armeense geschiedschrijvers werd de bevolking van Syrië gedecimeerd en velen werden gedwongen om de islam aan te nemen.

“De aanval op Babylonië vond plaats over twee fronten, die precies correspondeerde met de dichtheid van de Arabische bevolking; rond Ubulla in het zuiden en wat noordelijker langs de Eufraat in de regio van Hira.

Er vochten grote aantallen christelijke Arabische stammen aan de kant van de Perzen. Maar anderen, die er al lang woonden, werden aangetrokken door de te behalen buit en liepen over naar de moslims. Het hoofd van deze stammen, de Banu Ijil, informeerde zelfs Kalief Omar in Medina over de onvolkomenheden in de Perzische defensie en vroeg hem zijn leger daarheen te sturen. Geholpen door lokale Arabieren, vooral door actie in het centrale gebied en zuidelijk langs de Eufraat en door troepenversterkingen uit Arabië, breidden de moslims hun rooftochten uit naar de dorpen in het zuiden en het midden van Irak rond Mada’ín (Ctesiphon). Na hun overwinning bij al-Qadisiyya in 636 trokken ze Sawad (Babylonië) binnen, de dorpen langs de Eufraat en de Tigris, en trokken verder naar Tagrit aan de Tigris en Karkisiya aan de Eufraat. Deze strooptochten werden door Omar gesteund, die ook vanuit Medina versterkingen stuurde. De kloosters werden geplunderd, de monniken vermoord en de monofysische Arabieren afgeslacht, tot slaaf gemaakt of gedwongen bekeerd tot de islam.

In Elam werd de bevolking gedecimeerd en in Susa werden de notabelen aan het zwaard overgegeven. De verovering van Mesopotamië vond plaats tussen 635 en 642. Net als in Syrië lijkt het een gecombineerde operatie van moslimlegers en plaatselijke Arabieren, die er al woonden, te zijn geweest.”

De brief van Kalief Omar al-Khattab aan de Perzische keizer Yazdgard III:

“Aan de Sjah van de Fars (Perzen). Ik voorzie geen goede toekomst voor u en uw volk, behalve als u mijn voorwaarden accepteert en u overgeeft. Er was een tijd dat uw land de halve wereld regeerde, maar zie hoe uw zon is ondergegaan. Op alle fronten zijn uw legers verslagen en uw volk is veroordeeld tot uitroeiing. Ik bied u een uitweg waarmee u aan uw noodlot kunt ontsnappen, namelijk dat u ermee begint om de enige god te aanbidden, de enige god die alles geschapen heeft; ik breng u zijn boodschap. Geef opdracht aan uw volk om de valse aanbidding van vuur te staken en sluit u bij ons aan, opdat zij zich bij de waarheid aansluiten. Aanbid Allah, de schepper van de wereld. Aanbid Allah en neem de islam aan als de weg van de redding. Beëindig uw polytheïsme en wordt moslim en aanvaard daarmee Allah-u-Akbar als uw redder. Dit is de enige weg om uw veiligheid en de vrede van uw Perzen zeker te stellen. U zult dit doen wanneer u weet wat goed voor u en voor uw Perzen is. Onderwerping is uw enige keuze!”

De Slagen van Namaraq en Kasker in 634  

Nadat de Arabieren van het Arabische schiereiland waren onderworpen, keerden de moslims zich nu dus tegen de Perzen en de Byzantijnen. Zoals zij eerder de heidense Quraish uit Mekka de strijd hadden ingelokt door hun karavanen te overvallen, volgden de Arabieren hier dezelfde tactiek. Er waren nu geen karavanen om te plunderen, omdat de Arabieren hier een gevestigde beschaving tegenkwamen. Ze begonnen daarom de grenssteden te overvallen en de Perzische burgerbevolking te teisteren. Die vroeg vervolgens de Perzische koning Yazdgard III om hen te beschermen. De koning stuurde een verkenningsmacht onder bevel van generaal Jaban. Deze naderde eerst de stad Hira, die door de Arabieren was bezet. Bij het zien van de naderende Perzen, trok het Arabische leger zich terug naar de woestijn naar de oasestad Namaraq (het moderne Kufa) om de Perzen de woestijn in te lokken, een terrein waar de Arabieren vertrouwd mee waren.

Terwijl de Perzische cavalerie een voordeel had op normaal terrein, was zij kwetsbaar in de woestijn. Tegen de Perzische verkenningsmacht in de woestijn behaalde de Arabische strijdmacht de overwinning en dwong hem om zich terug te trekken. Het leger voegde zich bij het belangrijkste Perzische leger in de stad Kasker, die aan de grens was gelegen. Hier had de Perzische generaal Narsi een behoorlijke strijdmacht verzameld. Kaskar was zo afgelegen van het moslimkamp dat Narsi van mening was dat er geen aanval dreigende. Maar Abu Ubaid liet zijn leger geforceerd naar Kaskar rijden, zodat het daar zou zijn voordat de Perzische strijdkrachten onder Jalinus, een Perzische generaal die te hulp kwam, zouden arriveren. Ze stormden over de Suwad en waren eerder bij Kaskar dan de verbaasde Perzen. De Arabieren hielden het initiatief en dwongen hen om zich ten oosten van de Eufraat terug te trekken.

De Slag bij de Brug in 635

Bij het volgende belangrijkste conflict tussen Perzen en de Arabieren,gebruikten de Perzen voor het eerst olifanten. Die vertrapten zelfs de Arabische generaal, zodat er paniek ontstond in het Arabische leger, dat zich daardoor terugtrok. De Perzen achtervolgden de Arabieren tot op de brug over de rivier de Tigris, die toen de grens was tussen het Perzische imperium en het domein van de Arabieren. De Perzen stopten bij de brug en joegen de Arabieren er overheen, maar volgde ze niet de Arabische woestijn in. De Perzen lieten daar een kans liggen om de moslims te verslaan.

De Perzen en de Byzantijnen hadden vierhonderd jaar met elkaar gevochten toen de Arabieren beide Rijken binnenvielen, maar noch de Perzen, noch de Byzantijnen zouden ooit elkaars legers tot aan de laatste man uitroeien. De moslims echter slachtten alle verslagen legers tot de laatste man af en dwongen dan de burgerbevolking om de islam aan te nemen. Als de Perzen dit hadden geweten, dan zouden zij de vluchtende Arabieren volledig hebben afgeslacht in de Slag bij de Brug.

De Slag bij Qadisiyah in 636  

De Arabieren waren niet geïnteresseerd in een grensoorlog, maar waren van plan Perzië volkomen te verslaan. De Perzische hoofdstad was hun eerste doel. Nadat de Arabieren twee derde van het Perzische leger in Qadissiyah hadden afgeslacht, stopten zij niet, maar stootten door naar de hoofdstad Ctesiphon. Toen Arabische hordes Ctesiphon naderden, stuurde de Perzische keizer Yazdgard III, die nooit had vermoed welke ramp hem zou overkomen, een onderhandelaar naar de oprukkende Arabische moslims. De onderhandelaar zei: “Onze keizer vraagt of u vrede wilt sluiten op voorwaarde dat de Tigris de grens is tussen u en ons. Wat van ons is aan de oostelijke kant van de Tigris blijft van ons en wat u ook hebt bereikt aan de westelijke kant, het is van u. Als dit uw landhonger niet tevreden stelt, dan zal niets u tevredenstellen”.

Saad-ibn-Wagas, de Arabische bevelhebber, zei tegen de onderhandelaar dat de moslims niet geïnteresseerd waren in land, maar dat zij vochten om de Perzen tot de islam te bekeren. Hij voegde er aan toe dat als de Perzische keizer vrede wilde, hij kon kiezen om zich tot de islam te bekeren of om jizya te betalen. De Arabieren en Perzen waren aan het begin van de slag akkoord gegaan niet te strijden na zonsondergang. Maar toen het tij van de slag zich op de derde dag van de slag tegen de Perzen begon te keren, vielen de Arabieren de Perzen de hele nacht door aan onder het schreeuwen van Allah-u-Akbar. Het was deze nacht die het lot van de slag bezegelde ten gunste van de Arabieren. Het verhaal van Arabische overwinningen is een verhaal van misleiding en verraad. Bij Qadisiyah namen ze een generaal gevangen. De moslims onthoofdden hem en toonden zijn lichaam aan zijn troepen. Het lichaam zonder hoofd, dat met pijlen was doorzeefd, en het hoofd dat op een staak was gestoken, kon zelfs het geharde Perzische leger niet aanzien. Dit bezegelde het verloop van de slag en de Arabieren konden korte metten maken met het resterende Perzische leger, dat bijna tot aan de laatste man toe werd gedood. Een handvol soldaten slaagden erin om naar hun hoofdstad Ctesiphon terug te gaan, het volgende doel van de moslims.

Na de Slag bij Qadsiyyah hadden de Perzen haastig hun hoofdstad Ctesiphon geëvacueerd, maar er waren in de chaos veel kinderen en oude mensen achtergelaten. De oudere personen werd de keus gelaten van de islam of de dood en veel van hen kozen ervoor om te sterven. Maar de jonge meisjes en de jongens werden als slaven afgevoerd en als oorlogsbuit verdeeld onder de Arabieren. Nadat de moslims Ctesiphon binnentrokken, bezetten zij het Witte Paleis van de Perzische koningen. Daar onthoofdden zij als symbool van dankzegging aan Allah de Perzische commandant, die was achtergelaten door de terugtrekkende Perzische keizer. Het hoofd werd getoond aan de verzamelde Perzische gevangenen, die de keus kregen tussen de islam of de dood. De boog van Chosroes is alles wat rest van de grootsheid van het Witte Paleis bij de hoofdstad Ctesiphon van het Sassanidische Rijk.

Na de rampzalige nederlaag bij Qadsiyah en de bezetting van zijn hoofdstad Ctesiphon, trok de Perzische keizer zich terug op Yazgard naar de vesting Hulwan. Van daar trok hij naar Rayy en uiteindelijk naar Merv dicht bij de grens van het Perzische Rijk en de Centrale Aziatische Turken, waar hij in 651 stierf in de strijd tegen de moslims. Dat was zeventien jaar nadat de Arabieren voor het eerst Perzië hadden aangevallen.

De Slag bij Nihavend in 641  

Na de rampzalige nederlaag bij Qadisiyah hergroepeerde de Perzen zich onder Pirojan, een nieuwe opperbevelhebber. De eerste maatregel die Pirojan trof, was het Perzische leger te reorganiseren in het licht van de tactiek die de Arabieren gebruikten. Hij zuiverde het Perzische leger van alle Arabische elementen en voorzag het volledige Perzische leger van maliënkolders.   Verder legden ze de eed af op hun heilige vuur dat zij bereid waren te sterven en de Arabieren uit Perzië zouden verdrijven. Toen de twee legers tegenover elkaar kwamen te staan, hadden de Perzen een gunstige stelling betrokken op de helling van een heuvel. De Arabische historici beschrijven het Perzische leger als een `Berg van Staal`. De vastbesloten Perzen boden zware weerstand onder de leiding van generaal Mardanshah en de Arabieren konden geen vooruitgang boeken. De Arabieren zagen op de eerste dag van de slag de nederlaag onder ogen.

Om het tij tegen Perzen te keren, besloten de Arabieren vuil spel te spelen. Onder de kinderen die in de hoofdstad Ctesiphon werden achtergelaten, was Shahrbanu, de drie jaar oude dochter van de Perzische koning Yazdgard III. Toen de Arabieren er achter kwamen wie Shahrbanu was, gaven zij haar aan Kalief Omar die haar op zijn beurt gaf aan Mohammed’s schoonzoon Ali. Op dat ogenblik was Ali tweeëndertig jaar oud en hij nam de prinses van het drie jaar als zijn concubine! Tijdens de slag bij Nihavend was Ali met Shahrbanu aanwezig.  Hij stelde aan Mugheeraibn-Shu’ba voor om de Perzische prinses als lokaas voor het Perzische leger te gebruiken, om het zodoende in een hinderlaag te laten lopen. Op de tweede dag toonde Mugheera-ibn-Shu’ba de gevangen Perzische prinses aan de Perzen en zei dat hij de prinses op het slagveld zou doden. Als de Perzen genoeg lef hadden, konden zij haar komen redden. Tegen de opdracht van hun bevelhebber in verbrak de Perzische voorhoede de formatie en viel de Arabieren aan. Ze verlieten daarmee de versterkte hoogten die zij op de eerste dag van de slag hadden bezet. Toen de Arabieren dat zagen, gaf Mugheera opdracht om zijn troepen uit de vallei terug te trekken en de helling van de tegenovergestelde heuvel te beklimmen.

De Perzen, die dachten dat het Arabische leger zich met hun prinses terugtrok, verbraken de formatie om de prinses te bevrijden en vielen de Arabieren aan. Toen de Perzen met hun zware pantser het lagere gedeelte van de vallei bereikte, vielen de Arabieren hen met hun lichte cavalerie van drie kanten aan. Door deze tactiek konden de Arabieren de Perzen nogmaals verslaan.

Het verlies van de Slag bij Nihavend brak de Perzische weerstand tegen islam en de resterende geschiedenis van Perzië is die van arabisering en islamisering. Ali, en zijn „huwelijk“ met prinses Shahrbanu Ali,was tweeëndertig jaar oud toen hij de drie jaar oude Perzische prinses Shahrbanu, die hij als oorlogsbuit had gekregen, als zijn vrouw nam! Hierbij volgde hij het voorbeeld van zijn schoonvader Mohammed, die was gehuwd met de zeven jarige Aisha. Het was uit dit „huwelijk“ van Ali met prinses Shahrbanu dat hij zijn twee zonen Hassan en Hoessein kreeg. Arabische historici schrijven doelbewust het moederschap van deze twee zonen toe aan Fatima, de dochter van Mohammed, een van de andere vrouwen van Ali. Dit was om het voorgeslacht van Hoessein en Hassan zuiver Arabisch te houden en het koninklijke Perzische Sassanidische element van hun voorgeslacht te onderdrukken. Het is echter historisch dat Shahrbanu als Perzische prinses de moeder was van Hassan en Hoessein.

Zo hadden de nakomelingen van Hoessein en Hassan, van wie veel imams afstamden, de Perzische Sassaniden als voorgeslacht.  De nakomelingen van Hassan en Hoessein, die in oktober 680 in de Slag van Karbala werden vermoord, waren de stichters van de Sjiietische stroming binnen de islam. Ali zelf werd in 661 vermoord. Nadat zij in de Slag van Qadisiyah door een list de Sassanidische Perzen versloegen en hun hoofdstad Ctesiphon veroverden, brachten de Arabieren alle Perzische edelen die in hun handen waren gevallen, als gevangenen voor Saad-ibn-Wagas. Hij gaf ze de keus tussen islam of dood. Zo werden de eerste Zoroastrische Perzen bekeerd tot de islam.

De mythe van de islamitische wetenschap  

Er is veel geschreven over de islamitische Renaissance in Bagdad, speciaal onder het Kalifaat van Harun-al-Rashid. De veel geprezen islamitische „Renaissance” is van Perzische oorsprong en de eer ervoor gaat niet naar de Arabieren of de islam, maar naar de Perzische bekeerlingen tot islam. Het centrum van deze Renaissance was Bagdad, dat dicht bij de ruïnes van de oude Perzische hoofdstad Ctesiphon werd gebouwd. De Arabieren hadden in een heet en onvruchtbaar gebied geleefd, dat niet bevorderlijk was voor het ontwikkelen van een beschaving. De bekeerde Perzen hadden een gecultiveerd en beschaafd verleden. Toen deze mensen werden verslagen en met geweld werden bekeerd tot de islam, brachten zij beschaving en een traditie van het leren in de islam binnen. In feite werd de eerste vastgelegde grammatica van het Arabisch geschreven door de Perzen. De Arabieren waren meest analfabeet en ook Mohammed zelf was analfabeet.

 Door:
“Henk der Niederländer”
(voor www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in "Religie van de vrede", Allah, Barbarisme, Historie, Islam, Islamisering, islamitische ideologie, islamofascisme, Jihad, Midden-Oosten, Mohammed, Moslims. Bookmark de permalink .

11 reacties op LONGREAD: “Vrucht van de boom” (deel 3)

  1. Dit deel 3 vind ik interessanter dan deel 1 en 2.

    Like

  2. Pietersen zegt:

    Wanneer gaan de islamitische veroveringstochten met al hun geweld en bloeddorst in de Nederlandse schoolboeken opgenomen worden. Hele beschavingen zijn door de koran uitgeroeid. Dat behoort iedereen te weten toch ? En de moslims zullen ooit hun excuses moeten aanbieden.

    Het Derde Rijk is bijna een kleuter met waterpistool vergeleken tot de islamitische moordbrigades die eeuwen lang hebben huis gehouden en volgens dr. Warner (USA) 200 miljoen doden op hun geweten hebben.

    Like

  3. Republikein zegt:

    Moord en doodslag?
    Het is volbracht, not!
    Godsdienstwaanzin.

    Like

  4. Republikein zegt:

    Er zijn nog steeds meer stammen dan volken, of volkeren, kweenie.
    Een beetje off topic, of niet, van welke stam is zij lid, en waarom komt ze ons de les lezen?

    Het Nederlandse boerkaverbod doet meer kwaad dan goed, oordeelt speciaal VN-rapporteur Tendayi Achiume. “Deze wet hoort niet thuis in een maatschappij die zichzelf laat voorstaan op het promoten van de gelijkheid van man en vrouw”, vindt Achiume.

    Hoewel de wettekst neutraal is geformuleerd tegen gezichtsbedekking op bepaalde openbare plaatsen, zoals het openbaar vervoer en het onderwijs, vindt de rapporteur dat uit “het politieke discours eromheen” duidelijk blijkt dat “moslimvrouwen het bedoelde doelwit zijn” van het verbod. Ze vindt dat de wet meer problemen creëert dan oplost. “De wet voedt het beeld dat moslimvrouwen met gezichtsbedekking gevaarlijk zouden zijn en lijkt polarisatie te bevorderen.” Diverse islamitische vrouwen vertelden Achiume dat ze sinds het verbod vaker op straat worden lastiggevallen.

    Achiume is mensenrechtendeskundige en in het dagelijks leven professor in de rechten aan de Universiteit van Californië in Los Angeles (UCLA). Ze bezocht Nederland afgelopen week om onderzoek te doen naar discriminatie en de manier waarop de overheid daarmee omgaat. Haar eerste bevindingen maakte ze maandag bekend in Den Haag.
    https://tpo.nl/2019/10/07/vn-rapporteur-tendayi-achiume-het-boerkaverbod-doet-vooral-kwaad/

    Even cv opgezocht:
    E. Tendayi Achiume is hoogleraar rechten aan de UCLA School of Law en faculteitsdirecteur van het UCLA Law Promise Institute for Human Rights. Ze is ook onderzoeksassistent bij het Afrikaans centrum voor migratie en samenleving aan de Universiteit van Witwatersrand. De huidige focus van haar werk is het wereldwijde bestuur van racisme en vreemdelingenhaat; en de juridische en ethische implicaties van kolonialisme voor hedendaagse internationale migratie. Meer in het algemeen liggen haar interesses op het gebied van onderzoek en onderwijs in internationaal mensenrechtenrecht, internationaal vluchtelingenrecht, internationale migratie en eigendom.

    In november 2017 heeft de VN-Mensenrechtenraad professor Achiume benoemd tot speciale VN-rapporteur voor hedendaagse vormen van racisme, rassendiscriminatie, vreemdelingenhaat en gerelateerde intolerantie, waardoor ze de eerste vrouw is die deze rol sinds haar oprichting in 1993 vervult. ze werd benoemd als co-voorzitter van de jaarlijkse bijeenkomst van de American Society of International Law (ASIL) in 2016, en ze is momenteel co-voorzitter van de ASIL Migration Law Interest Group. In 2018 werd ze door Diverse: Issues in Higher Education benoemd tot Emerging Scholar.

    Professor Achiume behaalde haar BA aan de Yale University en haar JD aan de Yale Law School. Ze behaalde ook een Graduate Certificate in Development Studies van Yale.

    Conclusie:wat een knappe kop!

    Like

    • Pietersen zegt:

      Eerder toch dom, maar ze heeft ongetwijfeld een kleurtje en dan ben je al gauw ‘ervaringsdeskundige’ in onderdrukking.
      Die stomme trut vergeet een ding : In de islam zijn man en vrouw niet gelijk aan elkaar. Dat zulke bitches de dienst kunnen uitmaken en de publieke opinie mogen bespelen is verrekte irritant maar bovenal gevaarlijk.

      Like

  5. ronjaspers zegt:

    De islam is geen religie maar een ideologie,politiek,militair,strafrecht (sharia) verder hoe iemand zich moet kleden en gedragen als moslim ovegoten met religieus sausje.De islam is de grootste moordmachine uit de menselijke geschiedenis 590 miljoen doden uit naam van de islam (alleen al in india 400 miljoen doden)

    Like

  6. Henk der Niederlánder zegt:

    Even doorheen prikken.
    Is Achiume niet daar op die post geplakt om nog meer verdeeldheid te zaaien.
    Jazeker is dat, want de VN heeft nergens zo de pest aan als dat mensen allemaal met de neus in dezelfde richting staan want dan zou het wel eens kunnen zijn dat hun plannen bemoeilijkt worden.
    In de UN is men doodsbenauwd voor de burgers wat blijkt uit het feit dat er een leger opgebouwd wordt uit zo veel mogelijk landen van de wereld omdat ze daar goed genoeg weten dat het niet makkelijk zal zijn om soldaten zo ver te krijgen dat ze op landgenoten gaan schieten.
    Ik heb al meermaals gewaarschuwd voor de hele VN. en geloof me ze vinden daar dat 300 miljoen mensen op de wereld genoeg is en als ze daar enigszins de kans krijgen zullen ze er hun hand niet voor omdraaien om “s werelds grootste holocoust te starten omdat ze nou eenmaal meer macht willen.
    Dus zo’n Achiume komt dan goed van pas om de mensen tegen elkaar op te zetten.
    Btw. die moet dan ook niet verbaasd zijn dat ze na gedane zaken ook in een massagraf terecht komt.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s