Hongarije: Nieuwe beperkingen in het asielrecht

(Door: Csilla Korompay – Vertaling: E.J. Bron)

In het vervolg zal een buitenlander, bij wie de gegronde aanname bestaat dat hij in zijn land van herkomst een delict heeft gepleegd waarvoor in Hongarije een gevangenisstraf van tot drie jaar of meer geldt, en bij wie de gegronde aanname bestaat dat hij zijn land van herkomst alleen maar verlaten heeft om aan zijn straf te ontkomen, niet als vluchteling erkend worden.

Een wetspakket met maatregelen ter modernisering van bepaalde procedures en ter verdere verbetering van de veiligheid van de burgers werd woensdag aan het Hongaarse parlement voorgelegd. Het voorstel voorziet o.a. in de verscherping van bepaalde migratiekwesties.

Het wetsontwerp over de binnenkomst en het verblijf van staatsburgers uit derde landen wordt desbetreffend gewijzigd dat de uitwijzing van een staatsburger van een derde land, die al in het bezit is van een verblijfsstatus, niet alleen maar in het geval van een “schending” van de nationale veiligheid, de openbare veiligheid of de openbare orde, maar ook in het geval van een “bedreiging” mogelijk is. Volgens de motivering maakt de nieuwe tekst, die de nationale belangen op de voorgrond plaatst, een veel bredere toepassing mogelijk zonder het EU-rechtskader te schenden.

Verder wordt de asielwet dusdanig gewijzigd dat een buitenlander, bij wie er op gegronde wijze van uitgegaan wordt dat hij in zijn land van herkomst een delict gepleegd heeft, dat in Hongarije bestraft wordt met een gevangenisstraf van tot drie jaar of meer, en bij wie er van uitgegaan wordt dat hj zijn land van herkomst heeft verlaten om de straf voor zijn delict te ontlopen, niet als persoon met recht op bescherming wordt erkend. Dit maakt het voor de juristen mogelijk om onderscheid te maken tussen asielzoekers, die daadwerkelijk recht hebben op subsidiaire bescherming, en mensen die alleen maar op zoek zijn naar subsidiaire bescherming om een strafvervolging in het land van herkomst te verhinderen of te vermijden. Zo´n “oneigenlijk gedrag van asielzoekers” vormt een onnodige belasting voor het nationale asielsysteem. De uitsluiting van de erkenning als op subsidiaire bescherming recht hebbend persoon betekent echter niet automatisch dat de aanvrager helemaal geen bescherming meer geniet, want wanneer hij in zijn land van herkomst om racistische of religieuze redenen, om redenen van nationaliteit, het lidmaatschap van een bepaalde sociale groep of vanwege zijn politieke overtuiging bedreigd zou worden door vervolging en er geen derde land bestaat dat hem zou opnemen, zou hij de status van een persoon krijgen die niet teruggestuurd mag worden.

Een andere wijziging van de asielwet verlangt de persoonlijke aanwezigheid van de aanvrager in de asielprocedure. In het ontwerp staat: “Het persoonlijke horen van de aanvrager is obligatoir in de gerechtsprocedure wanneer de aanvrager zich in asielhechtenis bevindt. De rechtbank wijst de aanvraag af wanneer de aanvrager niet uit zijn woning voorgeleid kan worden of wanneer hij zich naar een onbekende plaats heeft begeven. (…) De procedure dient ook dan gestaakt te worden wanneer de aanvrager elders door een wettelijke vertegenwoordiger wordt vertegenwoordigd.”

In de motivering wordt gezegd dat de persoonlijke aanwezigheid van de asielzoeker in de asielprocedure absoluut noodzakelijk is. Van de aanvrager van internationale bescherming kan verwacht worden dat hij persoonlijk deelneemt aan de verschillende stappen in de procedure, met de autoriteit, die zijn aanvraag en bij de controle van zijn aanvraag op rechtsbijstand in de bestuursprocedure samenwerkt. Wanneer de asielzoeker het aan hem toegewezen onderkomen zonder toestemming voor een periode van meer dan 48 uur verlaat met onbekende bestemming, dan overtreedt hij zijn wettelijke plichten, wat niet door het handelen van zin gevolmachtigde hersteld kan worden. In de praktijk zou Hongarije asielzoekers, die verblijven op een onbekende plaats of niet meewerken, geen effectieve bescherming kunnen bieden, argumenteerde minister van Binnenlandse Zaken, Sándor Pintér, die het wetspakket presenteerde.

(Bron: (Magyar Hírlap)

Bron:
unser-mitteleuropa.com
Door: Csilla Korompay

Vertaald uit het Duits door:
E.J. Bron
(www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in Algemeen. Bookmark de permalink .

5 reacties op Hongarije: Nieuwe beperkingen in het asielrecht

  1. Bert zegt:

    Ze haalden daar toch geen “vluchtelingen” binnen?
    Dus waarom iets bedenken voor iemand die je niet toelaat in je land.
    Of halen ze daar nou weer wel “vluchtelingen” binnen.

    Anders kan je ook wel een wet bedenken dat het voor inwonende eskimo’s verboden is om zeehondjes dood te knuppelen op het strand.
    Er zijn hier helemaal geen inwonende eskimo’s.

    Like

  2. Bob zegt:

    Als de straf met minimale confort
    wordt uitgevoerd is de slaag
    kans waarschijnlijk goed.
    Het gevangenis leven van het land
    van herkomst nabootsen.

    Like

  3. Joannes den Hollander zegt:

    Die Hongaren zijn goed bezig. De bewijslast bij de “asielzoeker” leggen middels een bewijs van goed gedrag afgegeven in het land van herkomst op dusdanige wijze dat het controleerbaar is bij de instantie van uitgifte. Zonder dit bewijs geen toegang tot het ontvangende land. Ook niet tijdelijk.

    Like

  4. scherpschutter1943 zegt:

    zo, dat is wetgeving in Hongarije waar de praktijk wat mee kan. Ben benieuwd of het werkt. In nederland zou zo’n wet nooit werken want de linkse tegenstanders bakken er zoveel mitsen en maren in dat de wet eigenlijk direct de prullenbnak in kan zoals zoveel wetten in nederland, dus niet te lezen, niet begrijpen, voor 50 verschillende manieren uitlegbaar en daarom dus niet te handhaven. Maaaaar, er is basiswet die voor 100-% uitvoerbaar en handhaafbaar is en dat is de belastingwet. Bij twijfel over de interpretatie, eerst betalen en dan reclameren. De gedupeerden van de toeslagenwet kunnen daarover mee praten.

    Like

  5. karton zegt:

    Een zg, “omgekeerde bewijslast” opleggen aan “vluchtelingen”, is helemaal niks mis mee.
    Hetzelfde systeem hanteert de NL-overheid m.b.t. de Belastingdienst : Ú moet bij Belastingzaken bewijzen dat u gelijk heeft terwijl ’t in ’t Strafrecht juist andersom is………..dáár moet het OM de bewijslast aandragen.
    V.w.b. de bewijslast in zaken tegen de overheid……..daar klopt geen moer van omdat een bewijs dat je iets NIET gedaan zou hebben in Belastingzaken bijna nóóit te leveren is, en dát weet de NL-overheid maar ál te goed.
    En als grootbek Rutte nou z’n bek niet houdt , dan mag ik hopen dat tie van z’n fietsje flikkert vlak voor een aanstormende tram.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s