Verenigd in afkeer: Orbán en de EU-nomenklatoera

(Door: Krisztina Koenen – Vertaling: E.J. Bron)

De Europese Commissie wil Hongarije door financiële chantage disciplineren en de bevolking tegen de door de EU ongeliefde, maar door de Hongaren opnieuw gekozen Viktor Orbán opzetten.

Op 27 april heeft de eurocommissaris voor Administratieve Zaken en Begroting, de Oostenrijker Johannes Hahn (ÖVP), in naam van de Europese Commissie met een brief aan de Hongaarse regering officieel een rechtsstatelijkheidsprocedure tegen Hongarije geopend. Daarmee werd een proces in gang gezet, aan het einde waarvan – als het zo loopt zoals de EU-bureaucraten en hun parlement van plan zijn – de Europese Raad (bestaande uit de regeringschefs van de lidstaten) kan besluiten om de EU-subsidies van het corona-hulppakket voor Hongarije deels in te houden of definitief te schrappen, voor zover niet gegarandeerd zou worden dat hun gebruik conform de rechtsstatelijke normen plaatsvindt. Eerst heeft Hongarije de mogelijkheid om maatregelen tegen de aangesproken misstanden te nemen. Daarna volgt een afsluitende stemming in de Europese Raad, waarbij minstens 15 landen met 65% van de EU-bevolking de door de Europese Commissie voorgestelde maatregelen moeten goedkeuren, opdat ze in werking kunnen treden.

Dit zogenaamde rechtsstatelijkheidsmechanisme, dat de Europese Commissie hier van plan is toe te passen, is een nieuwere ontwikkeling, een nieuw machtsinstrument binnen de EU. Zijn ontstaansgeschiedenis komt overeen met de tot nu toe al gepraktiseerde handelwijze van de EU-bureaucratie: als zij nieuwe machtspolitieke instrumenten voor politieke gelijkschakeling van de lidstaten en om de groene voortgangsagenda door te drukken nodig heeft, die noch deel uitmaken van het EU-verdrag noch ooit onderwerp van stemmingen waren, dan wordt een land vanwege de een of andere echte of beweerde afwijkingen voor het Europees Gerechtshof aangeklaagd, dit ontdekt het gat in de reguleringen, machtigt de Europese Commissie om de desbetreffende stappen te ondernemen en stelt daarmee nieuw recht vast.

Disciplineringsmaatregel via de achterdeur

Het nu in gang gezette rechtsstatelijkheidsmechanisme is ontstaan, toen de Europese Raad in 2020 op het punt stond om te beslissen over het EU-budget van de komende zeven jaar en het zogenaamde corona-hulppakket van € 750 miljard. Op aandringen van het door links en groen gedomineerde Europees Parlement en ettelijke links-groene regeringen zou de tekst van de begrotingswet de koppeling van uitbetalingen en rechtsstatelijkheid moeten bevatten – met het nadrukkelijke doel om Hongarije en Polen te disciplineren, hen vanwege hun zelfstandig nationale politiek af te straffen.

Dat was een tot dan toe en unieke handelwijze in de EU, die echter al langere tijd door bijzonder progressieve en daarom de Hongaarse minister-president Orbán evenals de Poolse PiS-regering vijandig gezinde regeringen werd geëist. Nu zag men de gelegenheid gekomen om de nood van de landen te gebruiken en via de achterdeur van een hulpfondsverdrag de hevig verlangde disciplineringsmaatregel door te drukken. Deze zou de bescherming van de financiële belangen van de EU en de respectering van de rechtsstatelijkheid garanderen, dat wil zeggen dat er aan het toekennen van geld politieke voorwaarden gekoppeld kunnen worden.

Deze verbinding werd niet geaccepteerd door Hongarije en Polen, omdat zij er terecht van uit gingen dat ze tegen hun conservatieve regeringen zou worden ingezet. Om aan de veto-dreigingen van de beide landen te ontkomen, werd – als resultaat van Merkel´s “bemiddeling” – aan de wet een clausule toegevoegd, waarin werd vastgelegd dat het mechanisme alleen maar in gang gezet mag worden wanneer de financiële belangen van de EU geschonden zouden worden. Dat zou betekenen, tenminste in de interpretatie van de beide betrokken landen, dat het mechanisme niet voor politieke doelen misbruikt zou mogen worden.

Weldra bleek echter dat Merkel de toestemming van de beide landen door bedrog had bereikt. Hongarije en Polen dienden een klacht in bij het Europees Gerechtshof tegen het rechtsstatelijkheidsmechanisme, die midden februari 2022, zoals te verwachten was, werd afgewezen. De motivering door het Europees Gerechtshof laat over het politieke karakter van het mechanisme geen twijfel bestaan. Het gerechtshof wijst er in zijn vonnis op

dat het wederzijds vertrouwen van de lidstaten erop gebaseerd is dat deze gemeenschappelijke waarden respecteren, waarop de Unie is opgericht. Deze waarden hebben de lidstaten vastgelegd en gelden voor hen allen. Ze geven de Unie als rechtsgemeenschap van de lidstaten gewoon haar karakter. Tot hen behoren rechtsstatelijkheid en solidariteit. Omdat de inachtneming van de gezamenlijke waarden zodoende een voorwaarde is om alle rechten te genieten, die uit de toepassing van de verdragen op een lidstaat voortkomen,moet de Unie ook in de situatie zijn om deze waarden in het kader van de aan haar overgedragen taken te verdedigen.”

Men hoeft geen jurist te zijn om de vaagheid van de hier bevatte begrippen zoals vertrouwen, solidariteit, karakter en waarden te zien. Evenzo vaag is ook de definitie van de rechtsstatelijkheid zelf, die de EU in 2020 – natuurlijk weer zonder enige stemming – had opgesteld: Elke publieke macht, staat daarin, zou “binnen het geldende recht in overeenstemming met de waarden van de democratie en het respect voor de EU-grondrechten onder controle van onafhankelijke en onpartijdige rechtbanken” moeten staan, kortom, wat de rechtsstaat is, definieert de EU alleen.

Aanval op de nieuwgekozen regering-Orbán

Met deze carte blanche op zak begint de Europese Commissie nu haar nieuwe machtsinstrument in te zetten. Alleen al het tijdstip van de aanval duidt erop dat het niet om een zakelijk verlangen, maar om een aanval op de begin april met een opnieuw met een twee derde meerderheid gekozen Hongaarse regering en minister-president Orbán gaat. Want de Europese Commissie heeft maandenlang geaarzeld en bedachtzaam het resultaat van de parlementsverkiezingen op 3 april afgewacht. Ze is pas in actie gekomen toen de verkiezingsoverwinning van de conservatieven ende nederlaag van het door hen gefavoriseerde links-groen-fascistisch oppositie bondgenootschap vaststond. Vanwege zijn belang in de Oekraïne-oorlog en zijn nieuw ontdekte meegaandheid met de EU kreeg Polen blijkbaar uitstel van executie, dat aan het ook in de Oekraïne-kwestie tegen de stroom in zwemmende Hongarije niet werd toegestaan.

Het is uiteraard niet zo dat er in Hongarije geen corruptie en geen vriendjespolitiek zouden voorkomen, net zoals het er in ieder land bij de verdeling van de belastinggelden van anderen in meer of mindere mate onzuiver aan toegaat. In Hongarije is de vriendjespolitiek sterker verbreid van in de Noord-Europese landen, maar ze is zeker niet erger dan in Griekenland, Italië, Roemenië of Bulgarije, waartegen geen rechtsstatelijkheidscontrole werd gestart.

En het is zeker niet zo, zoals von der Leyen beweert, dat “in Hongarije de corruptie het grote probleem is”. Het gaat immers ook niet om de corruptie – dat weten alle betrokkenen. Niet toevallig jubelde een bijzonder ijverige Groene Europarlementariër dat er weldra geen geld meer “voor de autocratenkoers” van Orbán zou zijn. Maar Orbán is geen autocraat, en de verkiezingen werden door waarnemers van de OVSE, die met het nadrukkelijke doel naar Hongarije waren gereisd om te berichten over verkiezingsbedrog, gedocumenteerd als overeenkomend met de democratische regels.

Nog in november heeft de Europese Commissie een brief aan Hongarije gestuurd, waarin 16 specifieke vragen aan de Hongaarse regering gesteld werden, waarvan enkele zeker terecht zijn. Zo gaat het o.a. om de opvallend toegenomen welvaart van vrienden en leden van de familie Orbán, om de oproep om een lijst met personen en ondernemingen op te stellen die het meest geprofiteerd hebben van de directe betalingen in het kader van de gemeenschappelijke landbouwpolitiek van de EU.

Eveneens werd gevraagd naar mogelijke belangenconflicten binnen de regering, die door de functie van regeringsleden in openbare stichtingen zouden kunnen ontstaan, of bij de gang naar de beurs van de luchthaven van Boedapest. Deze en gelijksoortige problemen, staat er in de brief, “zouden de effectiviteit en onpartijdigheid van de juridische handelwijze in het geval van onregelmatigheden bij het management van de middelen van de EU kunnen beïnvloeden, wat een serieus risico bij de bescherming van de financiële belangen van de Europese Unie zou betekenen.”

Waarschijnlijk zit er wel een kern van waarheid in de meeste verdenkingen, ook al zijn de beschuldigingen en vooral hun gevolgen zeer zeker overdreven. Geen van hen is zo ingrijpend dat ze dat ze alleen de uitsluiting van Hongarije onder alle 27 EU-lidstaten uit de verdeling van de EU-wederopbouwhulp zou motiveren. Uit Hongarije is te vernemen dat men met de oprichting van een nieuwe anti-corruptie instantie de beschuldigingen tegemoet zou treden.

Burgers moeten tegen Orbán opgezet worden

De EU vervolgt uiteraard andere doelen, die met een anti-corruptie instantie niet te regelen zullen zijn. Enerzijds wil zij Hongarije ertoe verplichten om toe te treden tot OLAF, de Europese anti-corruptie autoriteit, een al lange tijd door de Hongaarse oppositie vertegenwoordigde eis. Daaraan zal Hongarije zeer zeker niet tegemoet komen, omdat men er – terecht – van uitgaat dat het openbaar ministerie van de EU, naast het Europees Gerechtshof, nog een politiek pressiemiddel tegen het land zou worden.

Anderzijds echter moet de bevolking tegen Orbán en de regerende partij Fidesz opgezet en zo he tland gedestabiliseerd worden. 81% van de Hongaren is voorstander van het EU-lidmaatschap van hun land, daarmee staan ze op de vijfde plaats onder de 27 EU-lidstaten. Deze toewijding is vooral gebaseerd op de foutieve aanname dat Hongarije zijn in de laatste decennia verworven welvaart vooral aan de EU te danken zou hebben. Tegelijkertijd echter ondersteunt de grote meerderheid van de burgers de op nationale onafhankelijkheid georiënteerde en de met de belangen van het land overeenkomende politiek van Orbán. Deze tegenstrijdigheid probeert de EU met de dreiging van het schrappen van financiële middelen te vergroten, omdat ze hoopt dat de burgers zich dan tegen Orbán en de gekozen regering richten.

De neiging van de EU om nog harder tegen Hongarije op te treden, zou door Orbán´s houding tegenover de Oekraïne-oorlog waarschijnlijk nog wel eens groter kunnen worden. Vorige week vrijdag benadrukte hij in een radio-interview nogmaals dat hij wil blijven vasthouden aan zijn van de EU-mainstream afwijkende politiek van neutraliteit:

Ik zeg het ronduit dat ik niet bereid ben om de belangen van de Amerikanen, de Duitsers of een ander Europees land te volgen, zelfs niet die van onze beste vrienden, wanneer ze tegenstrijdig zijn aan de Hongaarse belangen. (…) Ik weet zeker dat het geen eenvoudige taak is om binnen de EU voor de belangen van zo´n klein land te vechten, en daarom is het geen toeval dat de Hongaarse regering een doorn in het oog van Brussel is.”

Mochten Duitsland en Frankrijk het met elkaar eens zijn bij het optreden tegen Hongarije, dan zullen de sancties niet tegen te houden zijn. Maar wellicht zullen enkele Duitse ondernemingen, die in Hongarije vorstelijk van het EU-geld profiteren, zich zoal niet voor het land, dan toch minstens voor de verdere toestroom van de hen in Hongarije ten goede komende staatssubsidies bij de EU inzetten.

Bron:
achgut.com
Door: Krisztina Koenen

Vertaald uit het Duits door:
E.J. Bron
(www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in Algemeen. Bookmark de permalink .

8 reacties op Verenigd in afkeer: Orbán en de EU-nomenklatoera

  1. Drs.E.N.Schilder zegt:

    Volledig naar Amerikaans model zoals de VS/VN dat vanaf de tweede wereldoorlog wereldwijd heeft ingezet en misbruikt. De EU is net als alles wat aan de NWO gekoppeld kan worden en is, een uitsluitend totalitair regime dat omkoping, fysiek als psychisch geweld als uitbuiting niet schuwt.
    Het zieke is dat zij zelf denken correct bezig te zijn omwille van hun eigen tunnelvisie/zogenaamde democratie.

    Geliked door 1 persoon

  2. Ravian zegt:

    “In Hongarije is de vriendjespolitiek sterker verbreid van in de Noord-Europese landen”

    Het gebeurt meer openlijk wou je zeggen….
    Het zou mij niets verbazen indien de daadwerkelijk corruptie in die Noord-Europese landen nog veel groter zou wezen dan in Hongarije.
    Verder is dit natuurlijk gewoon een ordinair chantage verhaal, enkel bedoeld om de Hongaren de “gemeenschappelijke waarden” van de EU op te dringen.
    En die “gemeenschappelijke waarden” komen dan in de vorm van de welbekende door de salon socialistische EU elite gepushte links progressieve “woke” agenda waar 95% van de EU bevolking op schijt.
    Hoog tijd de Brusselse Augiasstal eens uit te mesten en het hele “progressieve” zooitje in pek en veren gehuld Europa uit te trappen.

    Geliked door 1 persoon

  3. Schimanski zegt:

    Wat ‘Brussel’ niet weet en niet begrijpt is dat de zogenaamde Oost-Europese landen een sterk historisch besef hebben. Je denkt dan meteen aan de overheersing door de Sovjet-Unie die bij een ook maar iets afwijkende mening van het ‘collectieve’ (oost)blok meteen werd gevolgd door economische maatregelen en als dat niet werkte zelfs tot een inval van Russische tanks, wat Hongarije en daarna Tjechoslowakije na de oorlog heeft ervaren. Voor die overheersing en de overheersing door Duitstalige landen zijn álle oostbloklanden zegge en schrijve 22 jaar onafhankelijk geweest. Voor 1918 werden ze allemaal min of meer bezet door Duitsland en Oostenrijk, in beide gevallen door een absolute heerser (Kaiser). Nu maken ze min of meer weer de gang naar hetzelfde mee door vanuit hun geografische positie wéér landen uit het Westen in een organisatie die grotendeeld beheerst wordt door Duitsen en nu letterlijk met een Duitse Kaiserin in Brussel. Veel niet globalistische mensen in het oosten zullen zich daarover intussen wel achter de oren krabben, ze willen toch niet na ééuwen als wingewest gefunctioneert te hebben voor Duitsers / Oostenrijkers en daarna Russen toch niet alwéér onder een verre knoet komen?

    Geliked door 1 persoon

  4. Niek zegt:

    Op school was dat pesten of uitsluiten wat op het zelfde neer komt en in de psychologie kun je jezelf op dit onderwerp vreselijk verliezen en door de bomen het bos niet meer zien.
    Beste beslissing zou zijn om uit de EU te stappen, het is net star-trek, we are the borg and we come to assimulate you. Maar dan met geld.

    Like

  5. Claudia Millenaar zegt:

    Volgens mij moet Orban er geen enkel probleem mee hebben om Hongarij-ex EU lid te maken.

    Als Polen, Tsjechië, Slowakije en Hongarije een front vormen, zijn ze uitgeluld in hun dictatoriale EU. Dan kunnen we hopelijk het verwoestend beleid van de EU stoppen.

    Geliked door 3 people

  6. stradivotsi zegt:

    hele lap tekst; ik kortvattend; laat je nooit met de duivel in

    Geliked door 1 persoon

  7. Frits zegt:

    In welk (EU-)land is er geen sprake van vriendjespolitiek en corruptie? En een paradijs voor buitenlandse ondernemingen m.n. uit DU. Beter de EU opheffen dan HU straffen.

    Like

  8. ronjaspers zegt:

    Orban heeft jaren geleden de extreem linkse multimiljardair george soros en zijn extreem linkse NGO,s hongarije uitgeschopt.Die george soros heeft jaren geleden 226 E.P. leden uit het NAZI EU kantoor omgekocht,hij wil wraak op orban en hongarije.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s