Heer Ollie en de Deugdrammers

Screenshot_187

(Door: “Taljaard”)

Op een regenachtige herfstavond, nadat Joost een eenvoudige, doch voedzame, maaltijd had bereid zat Heer Ollie voor het haardvuur in de zitkamer van Slot Bommelstein de post van deze dag door te nemen. Zijn oog viel op een grote bruine enveloppe, die er ambtelijk en formeel uitzag. In het daarin ingesloten schrijven werd vermeld dat tante Berezina uit het onzalige oord Lacrimosa het tijdige met het eeuwige had verwisseld. Heer Ollie werd verwittigd dat hij zich, voor het voorlezen van het testament en de verdeling van de nalatenschap, voor de datum van overmorgen naar dit onzalige oord had te begeven. De volgende ochtend werd de Oude Schicht aan geslingerd en reed Heer Ollie, vergezeld door zijn jonge vriend Tom Poes, naar Lacrimosa.

Enige uren nadien veranderde het voorheen lieflijke landschap in een bepaald naargeestige en mistige vlakte toen zij Lacrimosa betraden. Omdat Heer Ollie vanwege de allengs dikker wordende mist bang was om te verdwalen, wilde hij de weg vragen. Hij zag een gebogen en in het grijs gehulde gestalte langs de kant van de weg lopen en besloot deze persoon aan te spreken. ”Goede man”, zo begon hij met zijn gewoonlijke joviale wellevendheid, ”kunt u ons wellicht zeggen waar zich het landhuis van Berezina Bommel ook alweer bevindt?” De Lacrimosiër reageerde hierop als door een adder gebeten; ”mannelijk chauvinistisch, reactionair zwijn!”, zo krijste de aangesproken persoon woedend. ”Hoe durft jij zomaar mijn gender-identiteit te veronderstellen?” ”Wat bedoelt u?”, zo vroeg Heer Ollie hoogst verbaasd. ”Jij weet zelfs niet eens waar ik het over heb”, antwoordde de grijze Lacrimosiër, met een verbeten en nog steeds woedende toon in zijn hoge stem. ”Want jij leeft in een bubbel van jouw smerige privilege en daarom ben jij slecht en fout. Een fascist. Dat ben je!” De persoon zette diens skeletachtige, witte handen aan de mond en stootte vervolgens een ijzingwekkende en langgerekte kreet uit.

Vanuit de mist zagen Heer Ollie en Tom Poes meer van deze in het grauw  geklede gestalten opdoemen, die klaarblijkelijk hoogst geagiteerd waren. ”Wij hebben jouw alarmkreet gehoord, mede persoon”, zo sprak de grootste en de oudste van deze Lacrimosiërs, die een lange en witte baard had en een ronde bril met dikke glazen op zijn grote neus. ”Betreft het hier de grootste misdaad en het ergste van het ergste?”

”Zeker, wijze en grote Deugdrammer”, antwoordde de aangesprokene. ”Deze hier, die op zoek was naar het huis van de verderfelijke dissidente en de onlangs overleden Berezina, vervloekt moge het zijn, heeft mij aangesproken op een manier waarin het zomaar mijn gender-identiteit meende te kunnen veronderstellen.”

Een verontwaardigd en huiverend gehuil steeg op uit de rangen van het grijze gezelschap. ”Getriggerd, getriggerd!”, zo kreetten zij. ”Naar de Veilige Ruimte! Naar de Veilige Ruimte!” Verbijsterd zagen Heer Ollie en Tom Poes hoe de Lacrimosiërs een kring vormden waarin zij elkaar omarmden en jammerlijk weenden. Slechts de grote Deugdrammer hield zich afzijdig, maar bezag Heer Ollie en Tom Poes met een blik vanachter de dikke bril waar een diepe afkeer en woede in lag.

Nadat de Lacrimosiërs waren uitgehuild, knoopten zij doeken voor hun gezicht, waarbij zij alleen hun ogen vrij lieten. Zij vatten stenen op, waarmee zij de Oude Schicht bekogelden en een hunner poogde de wagen zelfs in brand te steken. Tom Poes wist dit echter te verhinderen door de fakkel uit diens skelethand te grissen en in een plas te werpen. ”Verkrachting! Geweld!”, zo krijste de rest daarop. ”Voor het tribunaal”, zo beval de grote Deugdrammer met een stem waaruit een enorme onderdrukte razernij bleek. Vele handen omklemden de armen van Heer Ollie en Tom Poes. Zij werden naar een kerkachtig gebouw gevoerd waarvan de binnenzijde was behangen met zwarte en rode doeken. De grote Deugdrammer nam plaats op de hoogste stoel, recht tegenover Heer Ollie en Tom Poes, en de anderen gingen zitten op twee rijen banken ter linker- en ter rechterzijde. Hun gezichten stonden zonder uitzondering plechtig en vastberaden.

”Mede persoon; maak jouw gekwetstheid en hun afschuwelijke misdaad aan ons allen bekend”, galmde de grote Deugdrammer. ”Oh grote Deugdrammer en allen hier met mij”, begon de door Heer Ollie op de weg aangesproken grijze Lacrimosiër, ”deze verachtelijke nazi daar heeft mij, en daarmee een ieder van ons deugende collectief, tot in het diepst van ons wezen gekwetst door geen rekening te houden met mijn en onze gevoelens aangaande onze collectief afgesproken strikte gender-neutraliteit. En of het zich hieraan bewust, dan wel onbewust, schuldig heeft gemaakt is niet relevant. Want uit de wijze waarop het meende mij te kunnen aanspreken, blijkt reeds de institutionele transfobie waaraan alle niet deugenden zich schuldig maken. Bovendien schijnt het bekend te zijn met het kwaad in ons midden; de nu overleden afwijking Berezina, die zich niet aan jouw en ons aller deugende wijsheid wilde onderwerpen. Al deze feiten tonen de noodzaak aan dat deze verachtelijke zich aan een geestelijke herprogrammering dient te onderwerpen, waarin het net zolang door ons zal worden vastgehouden totdat het zich volledig tot onze deugende beginselen heeft bekeerd.” Een goedkeurend gemompel van de andere deugdrammende Lacrimosiërs weerklonk uit hun rangen door het vertrek.

”Mede persoon en gekwetste nummer twee”, vervolgde de grote Deugdrammer. ”Formuleer jouw aanklacht tegen de geweld plegende aanrander.” ”Oh grote Deugdrammer en alle Deugdrammers met mij”, sprak de Lacrimosiër, wiens fakkel, waarmee hij de Oude Schicht in brand had willen steken, door Tom Poes uit de handen was gegrist. ”Deze witte verachtelijke en gewelddadige verkrachter heeft het gewaagd om mij te verhinderen in het uitvoeren van mijn deugende plicht, waarbij ik in onze actie tegen het foute en het kwade hun milieuvervuilende en broeikasgas uitstotende decadente voertuig volkomen rechtmatig trachtte te vernietigen. Daarbij heeft het zich ontegenzeglijk en voor de ogen van al jullie hier aanwezig aan mijn persoon vergrepen. En dat op een afgrijselijke en masculien gewelddadige wijze, die typisch is voor alles wat niet deugt en fout is. Bezie ook diens witte kleur, waaruit de schuld voor al ons deugenden bij voorbaat al vast staat. Het is daarom niet meer te redden en derhalve pleit ik dan ook voor diens vernietiging. En wel een vernietiging op dezelfde wijze als waarop ik heb getracht hun voertuig te vernietigen.” De Deugdrammers braken uit in een collectief aangeheven Engelstalige leus, wat hun liturgische taal scheen te zijn bij het uitvoeren van hun rituelen in dit gebouw. Eerst zacht en fluisterend, maar tenslotte uitzinnig en extatisch; ”Burn, baby burn! Burn, baby burn! No Trump, no KKK, no fascist USA!”

”Het ziet er naar uit dat wij in zeer ernstige moeilijkheden zijn geraakt, jonge vriend”, zo sprak Heer Ollie bekommerd tot Tom Poes. ”Kun jij geen list verzinnen?” Tom Poes streek enige tijd nadenkend met zijn hand onder zijn kin. Hij stak deze daarna op en vroeg om het woord. ”Jij kunt spreken, verachtelijke, gewelddadige verkrachter”, zei de grote Deugdrammer. ”Maar besef wel dat alles wat jij zegt alleen nog maar kan bijdragen aan de zwaarte van jouw grote schuld. En dat jij daarmee het leven van jouw metgezel ook wel degelijk in gevaar kunt brengen.”

”Daar ben ik mij van bewust, oh grote Deugdrammer”, sprak Tom Poes beheerst en waardig. ”Maar ik zie dat u een lange baard hebt. En dan vraag ik mij af of het hebben van een baard geen kenmerk is van mannelijkheid, of dat het er in ieder geval wel naar verwijst. Tevens moet ik u in dit verband wijzen op het feit dat de kleur van uw baard net zo wit is als die van mijn vacht. Daaruit moet toch volgen dat uw uiterlijke verschijning net zomin in overeenstemming kan zijn met uw eigen deugende beginselen als die van mij. En gezien de omstandigheid dat u, en de uwen met u, ervan uitgaan dat men zich zowel innerlijk als uiterlijk aan al uw beginselen moet onderwerpen, kan ik hieruit niet anders concluderen dan dat uzelf niet deugt.” Het gelaat van de grote Deugdrammer werd daarop net zo wit als zijn baard. Zijn magere in het grijs gehulde lichaam begon zo te sidderen dat zijn bril van zijn neus afviel. ”Dat deugt, omdat het niet deugt”, mompelde hij panisch. ”En omdat het niet deugt, deugt het. Ik deug niet, omdat ik wel deug. En omdat ik niet deug, deug ik wel.” Hij stootte eenzelfde ijzingwekkende kreet uit die Heer Ollie en Tom Poes reeds eerder hadden gehoord uit de mond van de eerste Deugdrammer die zij onderweg waren tegengekomen. ”Misdeug! Misdeug!”, jammerde hij daarna. En alle andere Deugdrammers vielen hem daarin collectief bij.

Zonder nog enige aandacht aan Heer Ollie en Tom Poes te besteden, wankelden zij allemaal jammerend het gebouw uit, constant uitbrekend in de kreet; ”Misdeug! Misdeug!” Zij strompelden achtereen door de mist in de richting van een diep ravijn en wierpen zich als lemmingen, nog steeds jammerend, over de rand daarvan. Nadat de laatste Deugdrammer was verdwenen, brak opeens de zon door de mist heen en een zoele wind stak op, die de rest van deze mist in een oogwenk verdreef. Lacrimosa scheen een stuk minder naargeestig en onzalig.  Aan de horizon ontwaarden Heer Ollie en Tom Poes een landhuis, dat omgeven was door een hoge muur en een diepe gracht. Niet ver daar vandaan stond de Oude Schicht te blinken in het zonlicht. Zij liepen over een neergelaten ophaalbrug door een nauwe poort in deze muur, die hen toegang verschafte tot een zonovergoten en weelderige tuin. Een oude heer met een nobel gelaat kwam hen tegemoet.  ”Welkom, neef Bommel”, zo sprak hij tot Heer Ollie. ”Uw tante en mijn lieve overleden vriendin Berezina vertrouwde er op dat u Lacrimosa van de verstikkende dictatuur van de Deugdrammers zou weten te bevrijden. En dat is u gelukt. Veel aardse goederen laat zij u niet na, behalve dan dit kistje dat ik u hierbij mag overhandigen. Het bevat het gouden hart der waarheid, dat zij u in bewaring geeft. U moet mij nu excuseren, want mijn krachten verlaten mij. En het is mijn enige en laatste wens om mijn moede leden thans neer te vlijen in het graf van mijn geliefde. Vaarwel.” De oude heer draaide zich om en liep met onzekere schreden naar een crypte in de tuin. ”Wij kunnen gaan, Heer Ollie”, sprak Tom Poes aangedaan. Aldus eindigde het avontuur van Ollie B. Bommel en Tom Poes met de Deugdrammers.

Door:
“Taljaard”
(voor www.ejbron.wordpress.com)

Over E.J. Bron

www.ejbron.wordpress.com
Dit bericht werd geplaatst in Algemeen. Bookmark de permalink .

37 reacties op Heer Ollie en de Deugdrammers

  1. koddebeier zegt:

    🙂

    Like

    • paulzwueste zegt:

      Het begin midden en het einde is goed.
      Iedereen is gelukkig en welgesteld.
      Zo zien we maar weer dat het slechte zal worden weggevaagd.
      Leuk geschreven.

      Like

  2. Bob Fleumer zegt:

    Goed gevoel als woorden gevoelens worden, dank voor dit boeiende verhaal!

    Like

  3. Henri zegt:

    Klasse!

    Like

  4. Tistochwat zegt:

    ‘Parbleu,’ sprak Markies de Canteclaer, terwijl hij zijn lorgnon voor zijn verbleekt gelaat hief, ‘de grofheid van de gebruiken van het rode rapaille kent werkelijk geen grenzen, fi donc.
    Ik geef toe dat ik mijn mening over het doorgaans stuitende gedrag van deze eh… Bommel moet herzien en zelfs zweeft mij reeds een verfijnd poëem voor de geest.’ De edelman trok een wenkbrauw op en vervolgde mijmerend zijn pad.
    ‘O, bloed, ooit zo blauw, verslagen door het rode grauw,’ kon men hem horen prevelen.

    Liked by 3 people

    • Taljaard zegt:

      @Tistochwat
      Kan wel lezen dat u het werk van Maarten Toonder ook goed kent en waardeert.
      En verneem van @Theresa hieronder dat u het voorrecht hebt gehad om hem nog persoonlijk te mogen ontmoeten.
      Dan is dit wel een erg groot compliment in mijn richting.
      Want eerlijk gezegd kwam ik hierop na het luisteren van het Lacrimosa in het Reqium van Mozart; LACRIMOSA DIES ILLA, QUA RESURGET EX FAVILLA IUDICANDUS HOMO REUS / Deze jammerlijke dag waarop uit de as zal verrijzen de schuldige mens om berecht te worden.

      En in de ogen van de seculiere neo calvinisten van de Linkse Kerk , die dergelijke waanzin bedenken, zijn wij ALTIJD schuldig. Het enige wat daartegen helpt is hun valse en opgeblazen farizeers-moraliteit door te prikken.

      Liked by 1 persoon

      • Tistochwat zegt:

        @ Taljaard 29 juli 2017 om 20:34

        Ik heb Marten Toonder weleens gevraagd of hij zelf niet vreselijk moest lachen om wat hij schreef. Ik citeerde tijdens een van onze ontmoetingen een fragment uit een van zijn verhalen. Ik zal nooit vergeten hoe hij toen naar me lachte, een beetje bescheiden, verlegen, ondeugend.

        Als ik vroeger een halve zin uit zijn verhalen kreeg voorgelezen, kon ik meteen zeggen, welk verhaal dat was. Ik zou trouwens zo een verhaal in zijn stijl kunnen schrijven.

        Marten Toonder was een echte heer en een genie in het gebruik van diverse registers.
        Moge hij net als mijn vader en moeder rusten in vrede…

        Mijn vader was een groot liefhebber van Mozart.

        Liked by 1 persoon

      • Taljaard zegt:

        @Tistochwat
        Bedankt dat u dit met mij en ons hebt willen delen.
        Het maakt veel goed en beidt een spiritueel tegenwicht in deze barre tijden.

        Liked by 2 people

      • Theresa Geissler zegt:

        @Tistochwat: Oh ja? Ik herinner me nog een flard (wel een ballonstrip, trouwens):
        Markies de Canteclaer heeft een nieuwe kok en nodigt alle notabelen van Rommeldam uit voor een diner om te laten zien, wat hij wel niet kan – ook zijn buurman Bommel, omdat hij daar nu eenmaal niet onderuit kan, waarschijnlijk. Na het diner is iedereen vol lof: “Uw kok is werkelijk een kunstenaar ….enz.”
        Markies: Inderdaad, Henri ís een kunstenaar: Zijn naam en faam zijn bekend in de meest gegoede kringen….
        Bommel: Ja, in onze kringen weten wij dat te waarderen: Neem nu bijvoorbeeld de kookkunst van Joost….
        Markies: Ik had het over de meest gegóede kringen, Bommel, niet over de uwe. Parbleu……
        Kun je dat thuisbrengen? Ik ken wel de titel van het verhaal, maar laten we voor de aardigheid eens kijken, of het je iets zegt…..

        Liked by 1 persoon

      • Tistochwat zegt:

        @ Theresa Geissler 29 juli 2017 om 22:43

        Ik kende alleen de tekststrips zowat uit mijn hoofd. Helaas is deze kennis verwaterd. Je weet de oorzaak daarvan (als ik het goed heb) en daar wil ik het hier verder ook niet over hebben.
        De ballonstrip waarnaar jij verwijst, kan ik niet thuisbrengen, maar dat komt in de beste familie voor. Toen ik Marten Toonder namelijk vroeg hoe de ballonstrip met de titel ‘De Tantomaten’ afliep, zei hij dat hij dat niet meer wist. ‘Ik heb zoveel geschreven,’ zei hij me.

        Hoe heet de ballonstrip waaruit jij citeert?

        Like

      • Theresa Geissler zegt:

        “Tom Poes en de kookpot van Mevrouw Liplaf.”
        (Mevrouw Liplaf behoorde tot het boskaboutervolkje, waartoe ook bv. Kweetal en Pee Pastinakel behoorden.)
        Bommel laat zich door de markies uit zijn tent lokken: “Wat uw kok kan, kan Joost ook! EN BETER!” waarop die er meteen een weddenschap van maakt: “Wel, eh…Bommel, dat mag U ons dan bewijzen. Ik zou zeggen: Zet slechts een kleinigheid in: Bommelstein.” Waarop de anderen, o.a. Commissaris Bullebas en Burgemeester Dickerdack, meteen beginnen van: “Kom, kom, nou niet terugkrabbelen, hè, Bommel….” En de Markies: “Juist: Over een week. Bij U, Amice. En als U deze weddenschap verliest, wordt Bommelstein gesloopt; dat zal mijn uitzicht ten zéérste verbeteren.”
        Bommel loopt piekerend het bos in, waar Boskabouter Kweetal hem introduceert bij Mevrouw Liplaf, die “kookles voor gevorderden” geeft……

        Like

      • Tistochwat zegt:

        @ Tistochwat 29 juli 2017 om 21:50

        Ik zou trouwens zo een verhaal in zijn stijl kunnen schrijven

        .

        Ik wil mezelf hier graag even op de vingers tikken. Het woord ‘zo’ is ongepast.
        Het is natuurlijk niet zo dat men zomaar een Bommelverhaal in elkaar flanst.
        Men moet eerst een grondige studie maken van het vocabulaire en het gedrag van de verschillende personages . Wammes Waggel praat anders dan de markies, om maar eens een voorbeeld te noemen. Vervolgens moet men heel creatief zijn met archaïsch taalgebruik. De manier waarop men de getekende personages beschrijft, is ook van groot belang voor het humoristische effect.
        Neem nu de kleine pad Amos W. Steinhacker (AWS) in het verhaal ‘De Bovenbazen’. Bij een grappig plaatje van deze AWS zou je dan kunnen schrijven:

        De oliekoning beet zijn bolknak doormidden toen hij de beurskoersen met glazige ogen bestudeerde. De dalende olieconsumptie baarde hem grote zorgen. Het was dan ook te begrijpen dat hij ongeremd uiting gaf aan zijn gevoelens.

        Daarbij zien we hem dan bijv. een glas op de grond smijten.

        Jaren geleden heb ik een verhaal geschreven in de stijl van Marten Toonder; met eigen personages. Het is helaas tijdens een verhuizing verloren gegaan.

        Like

      • Tistochwat zegt:

        @ Theresa Geissler 30 juli 2017 om 00:48

        Die ken ik. Ik weet er alleen het fijne niet meer van. Marten Toonder heeft inderdaad ontzettend veel geschreven. Ik heb al zijn ballonstrips gelezen omdat ik ooit alle exemplaren van het weekblad Donald Duck had verzameld. vanaf het eerste nummer. Die hele verzameling heb ik destijds weer verkocht. Heel jammer…

        Like

      • Taljaard zegt:

        @Dames
        Het recept van Vrouwe Liflaf bestond uit slechts 2 ingredienten;
        Azijn
        Hanenstaart (1kg aan 1 stukje)
        Dat laatste was niet bij de poulier te verkrijgen en juist toen sloopkogel reeds de torentransen van Bommelstein genaakte wist Tom Poes wel waar deze zware hanenstaart vandaan moest worden gehaald.
        Waar was dat?

        Like

      • Tistochwat zegt:

        @ Taljaard 30 juli 2017 om 23:31

        @Dames
        Het recept van Vrouwe Liflaf bestond uit slechts 2 ingredienten;
        Azijn
        Hanenstaart (1kg aan 1 stukje)
        Dat laatste was niet bij de poulier te verkrijgen en juist toen sloopkogel reeds de torentransen van Bommelstein genaakte wist Tom Poes wel waar deze zware hanenstaart vandaan moest worden gehaald.
        Waar was dat?

        Ik meen me te herinneren dat dat de staart was van een haan op een kerktoren.
        Het is 15 jaar geleden dat ik werk van Marten Toonder heb gelezen. Ik had ooit al zijn boeken, ook diverse gesigneerde met een leuk persoonlijk berichtje erin.
        Ik wil hier liever niet ingaan op de reden waarom ik die boeken allemaal heb weggegeven.

        Maar zoals ik al eerder zei, zelfs Marten Toonder zelf wist niet meer hoe alle verhalen die hij zelf had geschreven, afliepen. 😉

        Like

      • Theresa Geissler zegt:

        @Taljaard, 30 juli 2017, 23.31u.: Dat weet ík in elk geval nu juist níet, want toen die strip nog maar nèt bezig was, kreeg mijn moeder me zo ver, om dat abonnement op DD “eindelijk” eens op te zeggen, “dan mocht ik in plaats daarvan een abonnement op de “Tina.”
        Ze kwam nl. maar niet van het idee af, dat ‘je’ op een gegeven moment toch eens te oud werd voor DD -ik was 13- en dat Tina nog weer iets meer voor ‘oudere meisjes’ was. Ze had daarover al een tijdje aan mijn hoofd zitten zeuren.
        Stomme fout, zoals ze op het pedagogische vlak wel meer stomme fouten maakte, doordat ze ervan uitging, een ‘goed verstand’ te hebben, maar daarbij helaas buiten haar ongelófelijk kleine horizon rekende.
        Achteraf ook weer met dit: De strips in DD, al wáren het “dierenstrips,” hadden het duizendvoudige aan diepgang van die rotzooi in de Tina!
        Dat realiseer je je jaren later nog eens.
        Dus na de tweede aflevering van “De Kookpot…..” heb ik de rest niet meer gelezen.
        Een deel van die tweede aflevering herinner ik me trouwens nog wel, want dat deel vond ik toen erg geinig:
        Bommel komt, na zijn introductie bij Mevrouw Liplaf -van die mogelijkheid heeft hij alweer half afgezien- thuis en bekent aan Joost: “Joost, ik heb met de markies een weddenschap afgesloten…..enz.” Joost: Heer Olivier! Dat is een zeer betreurenswaardige weddenschap, met uw welnemen. Bommel: Ja, ja, maar daar is nu niets meer aan te doen. Je moet kookles nemen, Joost; een spoedcursus, en…. (op dat moment worden ze zowat omver geblazen door een mini-tornado vanuit de schoorsteen en dat blijkt Liplaf te zijn met haar gigantische kookpot: “Huuuuujaaaaa! Hier is Liplaf!” En, terwijl Bommel en Joost nog in een hoek tegen de vlakte liggen: “Kweetal, de Breinbaas heeft een goed woordje voor je gedaan, dús doet Liplaf het maar, al is het tegen de regels. Jij bent zeker Joostje, het ventje, dat kookles moet hebben, hè? Goed, hang de pot maar in de schouw, dan beginnen we meteen.” Joost: “Maar Mevrouw, koken geschiedt niet hier, doch in de keuken. En bovendien……” “Niet tegenspreken, daar houdt Liplaf niet van. Kom op….” -ze drukt ze het hengsel van de pot in handen, waarvan ze weer allebei tegen de vlakte gaan, zo zwaar als hij is- en: “Ach, ach, wat zijn júllie een onhandige ventjes! Kunnen niet eens een potje op het vuur zetten. Dat zal geen gemakkelijke kookles worden!”
        Nou ja, dat is dus het laatste, wat ik ervan weet.
        Later ging ik mijn zoons DD voorlezen, maar toen stond Tom Poes er niet meer in.

        Like

  5. VarAway zegt:

    KOSTELIJK, maar helaas de droeve waarheid!

    Like

  6. Petra DeBoer zegt:

    Prachtig geschreven. Tja, de liturgie van religieuzen van de linkse kerk komt voort uit jaloezie en afgunst.

    Like

  7. Ron zegt:

    In één woord: Geweldig

    Like

  8. Theresa Geissler zegt:

    Geniaal! Jij hebt het diepste wezen van de verhalen van Marten Toonder wel uitermáte goed in je opgenomen, Taljaard!
    Wat zal Tistochwat hier verrukt van zijn! Want toevallig weet ik, dat ze hem jaren geleden in Ierland nog zelfs persoonlijk ontmoet heeft. En, nou ja, ze is tóch al dol op strips en dergelijke….
    Ik schoot trouwens vooral direct in de lach omdat “mede persoon”! Allemachtig, dit moet je even gedurende de laatste twee dagen of zo bedacht hebben, want zó lang houden we ons met deze ‘verschijnselen’ bezig!
    Méésterlijk!

    Like

    • Tistochwat zegt:

      @ Theresa Geissler 29 juli 2017 om 19:40

      want zó lang houden we ons met deze ‘verschijnselen’ bezig!

      Wil je wel geloven dat ik niet eens wist dat deze ‘gender’flauwekul zich afspeelde? Een paar weken geleden bestond het nog niet en opeens zitten we middenin die gekte.

      Like

  9. Wim zegt:

    Nu nog een tekenaar vinden die dit verhaal wil illustreren.

    Like

  10. Als Ollie gewoon een arme beer was geweest had ie dit gedoe niet gehad. Vele oudere mannen hebben een bootsjongen dus eigenlijk waren ze onder vrinden. Maar de welgesteldheid van Ollie in combinatie met de jeugdigheid van zijn jonge vriend triggerde datgene wat ten grondslag ligt aan alle gedragingen van die lui, die met een #roodkwabje* in de kop behept zijn. Afgunst, knalrode jaloezie. Als voorbeeld de meest afgunstige rooje rotzak ter wereld hun stamvader: https://youtu.be/11mDO0d9qRk

    *Apropos: misschien is #roodkwabje iets voor de gendergeflipten als aanspreektitel?

    Like

  11. Tistochwat zegt:

    Als groot bewonderaar van Marten Toonder, kon ik het niet laten: 😉

    Heer Ollie ontsteeg aan zijn trouwe voertuig en richtte zich tot een knokige gestalte, die hem met dunne mond van onder zijn pij aanstaarde.
    ‘Goede man, kunt u ons de weg wijzen naar het buiten van Berezina Bommel ?’ vroeg heer Ollie. ‘Ik ben de erfgenaam, als heer zijnde.’ De aangesprokene kreeg een verwilderde blik in de ogen en schreeuwde: ‘Mannelijk chauvinistisch, reactionair zwijn!’
    ‘H-hoe b-bedoelt u?’ stamelde heer Ollie. ‘Een heer is geen zwijn, als u begrijpt wat ik bedoel. Wat jij, Tom Poes?’
    De Lacrimosiër stiet een akelige kreet uit en greep heer Ollie met magere vingers bij de jas. De ongelukkige deinsde geschokt achteruit en struikelde hierbij over een dorre boomwortel die het naargeestige landschap ontsierde.

    Liked by 1 persoon

  12. guusvelraeds zegt:

    Mooi verhaal en de moeite waard uitgegeven te worden in cartoon vorm met de karakteristieke tekeningen van persoon Maarten Toonder erbij.

    Like

  13. BigLJohn zegt:

    De verhalen van deze Heer van stand en zijn Tom Poes waren een genot om te lezen. In vroeger jaren las ik ze altijd in de krant bij de strips. Maar de verhalen die je vandaag de dag in de krant te lezen krijgt….De onschuld van vroeger is ingeruild voor een naderend barbarisme. Moslims !

    Liked by 2 people

  14. Eric zegt:

    Alle verhalen van Bommel heb ik gelezen, maar geen Deugdrammers volgens mij. Trump in een Bommelverhaal? Dit artikel maakt de betrouwbaarheid van E.J. Bron alleen maar onzeker! Ik laat mij bijzonder graag van het tegendeel overtuigen.

    Like

    • E.J. Bron zegt:

      Doet u geen moeite. Ik voel er helemaal niets voor om mensen zoals u van “de betrouwbaarheid van E.J. Bron” te overtuigen . . . Tot ziens!

      Webmaster

      Liked by 1 persoon

    • Tistochwat zegt:

      @ Wachteres 30 juli 2017 om 09:15

      Was die “Simon” niet ook ene “Triplepundit” met diens verdwaasde reacties?

      https://ejbron.wordpress.com/2015/12/24/stripverhaal-guy-verhofstadt-deel-1/

      Triplepundit zegt:
      25 december 2015 om 15:03
      Ik kan op zich best lachen om deze karikatuur van de heer Verhofstadt, ware het niet dat ik gezien de reacties bang ben dat veel lezers dit zien als als representatief voor het werkelijke verhaal. In werkelijkheid is deze man namelijk een genie, een man met visie en lef, of je het nou met hem eens bent of niet!

      Ik durf overigens te wedden dat hij met een salaris van zo’n zesduizend euro zonder bijverdiensten en onkostenvergoedingen ook genoegen zou nemen. Het zou goed zijn als hij dit ook doet, al was het maar om door iedereen serieus genomen te worden.

      Like

    • Tistochwat zegt:

      @ Eric 30 juli 2017 om 04:20

      Zijt ge dan werkelijk te dom om te doorzien dat amice Taljaard de auteur van dit voortreffelijk proza is? Parbleu, plattitude zoals de uwe treft men wel vaker bij het zwakbegaafde grauw.

      Like

  15. Lis zegt:

    Wat een prachtig verhaal!

    Like

  16. Wachteres zegt:

    Mooi geschreven, Taljaard!

    Like

  17. D. G. Neree zegt:

    Schitterend verhaal. Mooie pastiche. Ik heb de twee lezers die mijn weblog nog heeft erop geattendeerd: https://dgneree.blogspot.nl/2017/07/schitterend-verhaal-van-taljaard-op-een.html

    Like

  18. Pingback: Heer Ollie en de Holpijper | E.J. Bron

  19. Eric zegt:

    Prima E.J. Bron. Maar als liefhebber van Bommel heb ik er ronduit een pest aan als teksten van Toonder nu voor politieke doeleinden gebruikt worden. Een achteloze lezer die dat niet uit elkaar kan houden gelooft dat, maar Toonder kan dat nóóit zo bedoeld hebben. Dat bedoel ik met betrouwbaarheid, en daar heb ik dan commentaar op. Waarom mag dat niet, iets te scherp? E.J. Bron heeft zelf toch ook commentaar op van alles en nog wat? Niettemin E.J. Bron, uw website is uitstekend, en ik wens u dan ook niet anders dan alle goeds toe. Het maakt me niet uit of deze reactie nog wel of niet geplaatst wordt, maar het siert u natuurlijk wel.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s